Bobby

EEN VAN mijn eerste klussen als sportverslaggever was een verhaal over het zaterdagelftal van Ajax dat op het punt stond naar de hoogste klasse te promoveren....

Mag ik u wat vragen, meneer Haarms?

'Alles wat je weten wilt, jongen.'

Nooit zo'n geruststellend antwoord gekregen - vooral dat vertrouwde jongen nam me onmiddellijk voor Haarms in.

De maandagmorgen na de overwinning op FC Utrecht een dag eerder: Bobby Haarms viert zijn 65ste verjaardag met de arbitrage van een partijtje kopvolleybal en een training van de geblesseerde Arveladze. Tussendoor, zolang de sigaret brandt, vertelt hij opnieuw wat ik weten wil.

Dat is eigenlijk niet zo bar veel. Bobby Haarms is vooral om te bekijken. Laten de slootdiepe rimpels en de samengeknepen ogen het verhaal vertellen van een 54 jaar lange levensvervulling, van ruim dertig jaar loyaliteit aan dertien passanten die de club naar de hemel en de hel hebben geleid, zijn club.

De loyaliteit is voor eeuwig; aan de club natuurlijk, maar zelfs aan die stoet van trainers, al zijn ze heus niet allemaal even aardig geweest. Geen onvertogen woord komt deze maandagmorgen over de assistent-trainers lippen. Maar goed als er een keuze moet worden gemaakt: met de Oosteuropeanen Kovacs en Ivic was de band het hechtst.

'Ze woonden de eerste tijd in een hotel, dus daar was ik van 's morgens vroeg tot 's avonds laat mee op sjouw. Dan groeit er vanzelf iets speciaals. Ik vond alleen die omhelzingen niet zo prettig. Na elk succes vlogen ze je om de nek. Ik zei op een gegeven moment: ik wil best zoenen, maar dan moet je je wel eerst scheren.'

De waardering was wederzijds. Lees de leuke Haarms-biografie Tussen hemel en hok er op na, Ajax speelt in 1988 tegen Porto waar Ivic op dat moment trainer is. Ivic introduceert hem als volgt bij de Porto-spelers: 'Dit is Bobby Haarms, de beste assistent-trainer ter wereld.'

Mooi ook dat het 65 jaar lang Bobby is gebleven. Bob is slechts voor intimi. Natuurlijk zegt het iets over zijn ondergeschikte status, maar het zegt veel meer over zijn grootheid. In de voetbalwereld wordt een echte Bobby nooit een Bob. Bobby Charlton, Bobby Moore en Bobby Haarms.

Jammer dat er een fanclub voor hem is opgericht. Dat is een te groot, een te populair gebaar voor zo'n bescheiden man. Maar het zal wel met nostalgie te maken. De doodgewone charme van Bobby Haarms verzoent ieder mens, al is het maar voor even, met de cultuur van de Arena.

Als het aan hem ligt, duurt dat nog een paar jaar voort. 'Ik voel me hartstikke fit.' Het seizoen maakt hij in elk geval af. Daarna kijkt het bestuur hoe een onmisbare AOW'er voor de club behouden kan blijven.

'Zo', zegt Bobby Haarms en drukt zijn sigaret uit. Er is weer werk aan de winkel en hij moet op tijd weg, want 's avonds wacht er een feestelijk etentje, georganiseerd door Piet Keizer, Wim Suurbier en Dick Schoenaker.

'Maak er een mooi stukkie van, jongen.'

Meer over