Bloedstollend document

Een huiveringwekkende monoloog over professioneel moorden

Ergens doet de Mexicaanse huurmoordenaar in de documentaire Il Sicario: Room 164 wel wat aan een voetbalcoach denken, type Louis van Gaal. Een norse man met een schetsblok op schoot, die met korte halen van een viltstift de tactiek uiteenzet: volg zijn regels en je zult gloriëren.

Eén verschil: het betreft hier geen sportwedstrijd, maar de beste strategie achter een geslaagde kidnap of moordaanslag. Hier een mannetje opstellen, daar een vluchtauto met ronkende motor, en verderop het vluchthuis - zo doe je dat, als beambte van een prominent drugskartel.

De Italiaanse regisseur Gianfranco Rosi kreeg zijn sicario - lokale naam voor huurmoordenaar - in de schoot geworpen; een gerenommeerde Amerikaanse misdaadjournalist verrichte het voorwerk en bemiddelde bij het contact. Eén voorwaarde: de moordenaar houdt zijn gezicht een film lang onder een zwarte doek verborgen, want hij is op de vlucht en er staat 250 duizend dollar op zijn hoofd. Een nadeel, zou je denken, maar het verlegt de aandacht naar de stem, lompe motoriek en handgebaren van de moordenaar.

Juist de beperkte, bijna statische vertelwijze intensiveert deze 80 minuten lange, huiveringwekkende monoloog, waarin de man onomwonden en in gruwelijke details zijn carrière uiteenzet. In een aftands motel, een oude werkplek, speelt hij het martelen en ondervragen voor de camera na. Al op de politieschool werd hij, zoals de meeste huurmoordenaars in en rond Juarez, gescout door een drugsbende.

Deze sicario hield het professioneel moorden twintig jaar vol. Het was niet zozeer het geweld, maar de levenstijl - te veel drank, drugs en vrouwen - die hem opbrak. Vermoeidheid, woede en niet al te oprecht spijt (de theatrale variant, op de knieën voor Jezus) klinken door in zijn betoog, maar het is vooral de opvlammende trots die bijblijft. Oké, hij was een moordenaar, maar wél een verdomd goeie. Bloedstollend: een Teleac-cursus huurmoorden.

undefined

Meer over