'Bloedmooie jongens, maar vuile honden'

Hafida (26) woont sinds drie jaar op zichzelf en volgt een opleiding in de sociale dienstverlening. Ze ging voor het eerst met een vriendin naar Marokko....

'Een afschuwelijke busreis. Die blikken van al die Marokkanen wanneer je een sigaret opsteekt, de huilende kinderen. Drie dagen voorbereiding op de hel die kwam.'

De aankomst in Tanger was ontroerend. 'Op het dek van de boot stonden we al te janken. We waren allebei lang niet in Marokko geweest.' Ze ontwaakten snel uit hun droom: 'Bij de grens scholden een paar klootzakken ons uit omdat we een sigaretje rookten.'

Ze waren uitgenodigd in Tanger, op de bruiloft van een vriendin uit Nederland. De jongedames logeerden bij familie van de bruid, maar na twee dagen gingen ze op zoek naar een hotel en wat privacy.

'Werden we naar het hotel van een oom van de bruid geloodst. Konden we nog niet openlijk roken!' Er was meer mis. 'Op deze bruiloft mochten we niet eens dansen, terwijl de bruid en haar zusjes in hun vrije tijd altijd buikdansen. Na een week kon ik er echt niet meer tegen.' Ze vertrok, haar vriendin bleef in Tanger.

Hafida was bijna blut, maar wilde nog niet weg. Ze reisde naar haar nichtje Yasmin, in de koningstad Meknes. 'Mijn oom is inspecteur van politie. Eentje die geen smeergeld aanneemt. Hem zag je weinig, hij was veel aan het werk. Mijn tante en nichtje zijn het tegenovergestelde van mijn oom. Liegen en bedriegen, heel charmant. Ze maken je aan het lachen, maar laten intussen niets van je heel.'

Yasmin en haar moeder hadden een plan, en konden Hafida daarbij gebruiken. Ondanks haar streken was Yasmin namelijk een beetje wereldvreemd. En ze wilde trouwen met iemand uit 'het buitenland'; Hafida moest mee om hem te ontmoeten. 'Twee Libanezen, die in Frankrijk en Spanje als putjesscheppers werkten. Het waren echt van die vuile honden. Bloedmooie jongens met prachtige ogen, maar hoe ze praten over vrouwen! Keihard hoor. Tijdens een afspraakje vertelde een van hen een verhaal. Over hoe hij een mooie vrouw in bikini op het strand zag. Hij liep naar haar toe en zag dat het zijn zus was. Hij stuurde haar naar huis; het was haar schuld dat hij opgewonden raakte.'

Hafida kan zich voorstellen dat veel Marokkaanse vrouwen trouwen met een Arabier uit de golfstaten: 'Dan weet je tenminste waar je het voor doet, maar deze Libanezen waren niet rijk.' Rijke Arabieren hebben een slechte naam: 'Ze zijn ordinair, verlagen vrouwen en verlagen zichzelf. Je hoort veel verhalen over vrouwen die naar Bahrein of Koeweit vertrekken en daar slecht worden behandeld; van hoer tot slavin.' Deze dames die eens per jaar naar Marokko afreizen dragen 'gouden armbanden van pols tot elleboog'.

Na een paar afspraakjes met de Libanezen, besloten ze Yasmins moeder, die alles wist, mee te nemen naar een afspraak op het terras van een hotel. 'We probeerden Yasmin aan een van die Libanezen te koppelen, maar met angst in mijn hart. Ik dacht: hij laat niks van haar heel! Haar moeder wilde Yasmin graag zien trouwen, ze had zich voor het gesprek deftig wit aangekleed. Maar ze had ook veel eisen. Zo wilde ze haar dochter regelmatig blijven zien. Dat huwelijk is uiteindelijk niet doorgegaan, maar Yasmin is intussen wel getrouwd. Ik zie haar nooit meer, ze woont in Frankrijk.'

Hafida wil later werken in de reclassering. Deze zomer gaat ze samen met haar broer en zus naar Marokko om haar ouders die sinds een half jaar in Marokko gevestigd zijn, te bezoeken.

Meer over