Blanke Oscars

Gewoon Oscars verdelen over de beste filmprestaties is onvoldoende. Dus wordt elk jaar alles uit de kast getrokken om de gala-avond in het Kodaktheater te voorzien van een historisch tintje. De beeldjes dienen te staan voor iets groters; een tijdsgewricht, een eeuwige tweestrijd, of een al tijdenlang over het hoofd geziene bevolkingsgroep.


2008, Met No Country for Old Men als winnaar, stond voor het jaar van de grimmigheid. 2009, Toen de academy koos voor het Indiase sprookje Slumdog Millionaire, gold als het jaar van de hoop. 2010 Deed dan weer goede zaken voor de vrouw: Kathryn Bigalow doorbrak met The Hurt Locker de Hollywood-traditie om enkel mannen als beste regisseur te bekronen.


2011 Leek ook zo'n mooi, betekenisvol jaar te worden, met als voornaamste inzet een glorieuze tweestrijd tussen The King's Speech en The Social Network. Een keuze tussen George VI of Mark Zuckerberg, koning of nerd, Engeland of Amerika, traditie of innovatie.


Zelfs het onderlinge moddergooien tussen de zorgvuldig geregisseerde Oscar-campagnes bleef dit keer beperkt. The Weinstein Company, producent van The King's Speech, had voor de zekerheid een batterij publicisten klaarstaan om eventuele verdachtmakingen van George - die wellicht toch wat minder fanatiek anti-nazi was dan wordt gesuggereerd - te kunnen weerspreken.


Niets stond een juiste toon van de Oscar-uitreiking nog in de weg. Tot twee weken geleden het rondje kleurtellen werd aangevangen. Blank zijn de genomineerden dit jaar, in alle voorname disciplines. Zo blank, dat de Oscar-editie nu plotselning 'all white' is gedoopt. Geen fijn imago.


Echt schuldig lijken de 5755 stemgerechtigde academy-leden niet; er zijn dit jaar althans geen gedenkwaardige rollen van zwarte acteurs over het hoofd gezien. Ze waren er gewoon niet, in de Amerikaanse films.


Vorig jaar, toen ze er nog wel waren, klonk ook kritiek. De zes nominaties voor het getto-gruwelsprookje Precious werden door een deel van de zwarte gemeenschap beschouwd als bevestiging dat Oscars voor hen slechts weggelegd zijn voor negatief-stereotype rollen. Kritiek die ook opspeelde toen Denzel Washington in 2001 als tweede zwarte man in de geschiedenis een Oscar voor beste acteur won, voor zijn rol als corrupte politieagent in Training Day.


In dat licht bezien valt de 83ste Oscar-editie toch ook te prijzen: het is zeker niet het nobelste blank dat zich presenteert in de dit jaar genomineerde films. Boksend junkietuig in The Fighter, tandeloze hillbillies in Winter's Bone, bankovervallers met oerlelijke tatoeages in The Town, ruziënde en zuipende gehuwden in Blue Valentine - 'white trash' was in de Oscar-historie niet eerder zo sterk vertegenwoordigd.


Veel minder aandacht dan naar het duiden van de Oscar-verdeling, gaat er naar het persoonlijk leed dat de uitreiking jaarlijks aanricht. Zo is de genomineerde die het meeste te verliezen heeft niet favoriet Colin Firth, maar Roger Deakins, de briljante vaste cameraman van de Coen-broers. Al negen maal genomineerd (dit maal voor True Grit), nooit gewonnen. Zelfs toen de 61-jarige Brit in 2007 met twee films meedong, stuurde men hem met lege handen naar huis.


Deakins heeft laten weten op het ergste te zijn voorbereid: hij zit zondag klaar zonder speech.


Bor Beekman


Meer over