Blair aan de macht

MET de klinkende stembuszege van New Labour-leider Blair is zowel een einde gekomen aan Old Labour als aan achttien jaar Conservatief bewind....

Door de verdeeldheid onder zijn politieke tegenstanders, hun seks- en geldschandalen en hun bij tijd en wijle stuitende arrogantie, heeft Blair met een doelbewuste en gedisciplineerde campagne de middenklasse weten te winnen. Tot vrijwel elke concessie bereid, rechtse standpunten overnemend, en vaag op terreinen als Europa en belastingen, wist de Labour-leider de kinderen van Thatcher over de streep te trekken. Voor de traditionele achterban van Labour was in deze strategie geen plaats.

Die campagne is opnieuw een bewijs dat werven voor progressieve politiek - de vergelijking met de strijd tussen Clinton en Dole dringt zich op - aan het einde van de twintigste eeuw aan enkele voorwaarden moet voldoen. Zonder een aantrekkelijke kandidaat, een dosis messiaans charisma, een ijzeren partijdiscipline en een minimum aan ideologie, is het niet mogelijk het nog groeiende aantal zwevende kiezers te overtuigen.

Blair is daarin geslaagd. Met de slogan 'one nation' legde hij een grote behendigheid aan de dag in het manoeuvreren tussen de behoefte van burgers aan veiligheid, goede gezondheidszorg en onderwijs, èn hun gehechtheid aan de aantrekkelijke kanten van de vrije markt. Volgens peilingen deed hij zelfs meer concessies aan het liberalisme van de kiezers dan nodig was. Zo liet 73 procent van geënquêteerden weten bereid te zijn één procent belastingverhoging voor lief te nemen als daarmee de kwaliteit van het onderwijs wordt verbeterd, 76 procent bleek tegen verdere privatisering.

De winst voor Labour, en in mindere mate voor de Liberaal-Democraten, wijst erop dat de Britten behoefte hebben aan kapitalisme met een menselijk gezicht. In hoeverre zij zullen worden bediend, is niet geheel duidelijk. Wel heeft Blair zich vastgelegd op de invoering van een minimumloon - hoogte onbekend - en ondertekening van de sociale paragraaf van het Verdrag van Maastricht.

Verder hield Blair zich, net als de Conservatieven, aangaande Europa angstvallig op de vlakte. Nu de regeermacht is veroverd, mag er voorzichtig van worden uitgegaan dat de nieuwe Britse regering zich constructiever zal opstellen in de onderhandelingen die moeten leiden tot het Verdrag van Amsterdam. De invloed van de eurosceptici in Labour is klein, en de partij beschikt over een comfortabele meerderheid.

De macro-economische erfenis van Thatcher en Major verschaft Labour de middelen om zijn belofte - een markteconomie met een sociaal gezicht - in te lossen. In dat geval zal ten minste één kloof met Europa kleiner worden. Wat niet wil zeggen dat de andere - het democratisch tekort in de EU - waartegen Britten van alle politieke denominaties grote bezwaren hebben, ook snel zal worden gedicht.

Meer over