'Bij regen spoelen we weer weg'

'Terug naar ons verwoeste huis gaan we niet meer. Dat is veel te gevaarlijk. Alleen dankzij God hebben we la tormenta dit keer overleefd....

Van onze verslaggever

Art van Iperen

GUATEMALA-STAD

Santo Benjamin Sanic (20) woonde voor de orkaan Mitch toesloeg met zijn ouders en zes broertjes en zusjes in de colonia La Reynita, een van de vele krottenwijken aan de rand van Guatemala-stad.

Ze hadden de pech dat hun krot van hout en golfplaat halverwege de helling stond. De huizen van zijn buren die tientallen meters hoger wonen, doorstonden de modderstromen. 'Om tien uur 's avonds begon het te donderen. Het had al dagen geregend. Toen we de modder naar beneden zagen komen, zijn we snel weggevlucht.' Het krotje van de familie Sanic lig nu onder in de vallei.

Bijna twee weken na de ramp bivakkeert Santo met zijn familie nog steeds in de club social van de nationale politie in Zone 6 van Guatemala-stad. Op het podium van de feestzaal liggen zijn zusjes op gore matrassen te slapen. Zijn moeder is even bij de dokter, omdat haar hoestje niet overgaat. Vorige week was de zaal nog bomvol met 1500 daklozen, nu zijn er nog ruim honderd over. Ze weigeren terug te keren naar hun krottenwijken, omdat ze rustig willen kunnen slapen als het hard regent.

Kendrick Cabrera is een van de vrijwilligers die de daklozen in de zaal begeleidt.

Iedereen kreeg kleren. Drie keer per dag wordt een maaltijd klaargemaakt. Artsen zien erop toe dat er geen besmettelijke ziekten uitbreken. 'Iedereen zal hier toch binnenkort wegmoeten, want de politie wil ook wel weer eens een vergadering of een feestje kunnen houden.'

De gemeente overweegt alle resterende daklozen tijdelijk onder te brengen in een grote school hier in de buurt, daarna in kampen ver buiten de stad. Alleen als de slachtoffers financiële steun krijgen, kunnen ze een nieuw huisje bouwen in Guatemala-stad.

Aracely Zaldivar, een indiaanse, vluchtte naar een school in de buurt, toen haar krot wegspoelde. Terug naar La Reynita durft ze niet en verhuizen naar de tijdelijke kampementen die het leger buiten de stad aanlegt wil ze niet. ' Ik kan niet elke dag uren heen en terug in de bus gaan zitten om in de stad bloemen en snoep te verkopen. Dan gaat al mijn winst op aan buskaartjes en hebben mijn kinderen niets te eten.'

Als Aracely hoort dat Nederland vanavond met een televisieprogramma miljoenen voor Midden-Amerika gaat ophalen, begint ze te snikken. 'Ik weet niet waar Nederland ligt, maar er moeten aardige mensen wonen. Alstublieft, geef niet al het geld aan Nicaragua en Honduras. Vergeet Guatemala niet. Wij lijden hier minder, maar la tormenta Mitch heeft hier ook veel leed veroorzaakt. Zonder hulp blijf ik dakloos en hebben wij geen toekomst.'

Toen de orkaan Mitch als een bromtol over Midden-Amerika raasde, was hij genadig voor de Guatemalteken. Er vielen 'slechts' 260 doden.

Ruim honderd worden nog vermist en 105 duizend bewoners van krottenwijken raakten dakloos. Die cijfers verbleken bij de 25 duizend doden en twee miljoen daklozen in Honduras en Nicaragua.

Hoewel de omvang van de ramp in Guatemala relatief klein is, zijn medische teams uit Cuba, Frankrijk en Mexico over het land uitgewaaierd om het uitbreken van epidemieën te voorkomen. In de afgelegen, arme streken zijn 125 cholera-gevallen ontdekt. Tientallen Guatemalteken lijden aan hepatitis en knokkelkoorts. In Quetzaltenango, de tweede stad van Guatemala, hebben de medische autoriteiten de opperste staat van paraatheid afgekondigd, omdat er voor het eerst sinds twee jaar weer cholerapatiënten in het ziekenhuis liggen.

Guatemala had het geluk dat Mitch veel van zijn kracht had verloren, toen hij op 1 november vanuit Honduras naar het noordwesten afboog richting Mexico. In een dag viel er bijna twee meter regen.

Tientallen bruggen bezweken onder de druk van kolkende rivieren. In de hoofdstad Guatemala-stad moesten vooral de krottenwijken op de ontboste hellingen het ontgelden. Duizenden huizen werden meegesleurd door modderstromen. Alleen al in de hoofdstad raakten ruim zevenduizend inwoners hun huis kwijt.

In la Reynita, een van de zwaarst getroffen krottenwijken, heerst de stilte na de storm. In de armste delen snuffelen zwerfhonden en bewoners in de bergen afval. Langs de onverharde wegen stromen open riolen. Overal liggen afgerukte takken en ontwortelde struiken. Helemaal beneden in de vallei liggen de restanten van honderden krotten die van de hellingen zijn gespoeld.

Juanita staat bovenop de helling voor haar huisje met een kapmes takken tot brandhoutjes te hakken. Op de deur van haar krot hangt een bordje met de tekst 'Te koop'. Gegadigden denkt ze niet meer te vinden. 'Ik wil hier weg, maar dat had ik me voor la tormenta moeten bedenken. Wie wil hier nog wonen? Niemand. Was mijn huis maar ook vernield of beschadigd, dan had ik met steun van de regering kunnen verkassen. De daklozen hebben met al die buitenlandse hulp meer toekomst dan ik.'

Uit de hele wereld zijn hulpverleners neergestreken. 'De hulp die wij in Guatemala geven is wezenlijk anders dan in Nicaragua en Honduras', verklaart Marga Usano. Zij vertegenwoordigt een overkoepelende organisatie die toeziet op de verdeling van de miljoenen dollars hulp die via acties op de Spaanse tv en radio zijn opgehaald.

'In Guatemala ligt de nadruk op het bouwen van nieuwe huizen en het herstellen van de beschadigde krotten. In Nicaragua en Honduras zijn we nog druk bezig met het redden van mensen, het voorkomen van epidemieën en het distribueren van voedsel. Hier kunnen we de slachtoffers het beste helpen door ze weer een eigen onderdak te geven. Dan kunnen ze zo snel mogelijk de draad weer oppakken.'

Aracely Zaldivar is minder optimistisch. Haar man is afgelopen weekeinde naar Zuid-Mexico gevlucht. Ze kan alleen maar dromen van een nieuw huisje op een veilige plek in Guatemala-stad, zodat ze niet meer bang hoeft te zijn als volgende winter de broer of zus van Mitch langskomt.

Meer over