Bij Kassandra zijn dader en slachtoffer inwisselbaar

De vijfde gezusterlijke productie van Anne (ROSAS) en Jolente (STAN) De Keersmaeker is een intrigerende ontmoeting tussen toneel en dans geworden....

De tengere Japanse Taka Shamoto brult de longen uit haar lijf om duidelijk te maken dat ze het allemaal nooit heeft willen zien en zeggen. Dat ze zelfs niet had willen z. Een verrijdbare houten stellage zet haar klem. Daar staat ze, moederziel alleen, met naast zich de brokstukken van wat symbool stond voor de muur, de stad en het paard. Troje is gevallen.

Kassandra is de waarzeggende dochter van de Trojaanse koning Priamus die door niemand wordt geloofd. Geintje van Apollo, omdat zij niet met hem wilde slapen. Zij ziet de muren van de nu nog machtige toegangspoort tot het Oosten al branden. Maar hoe redelijk haar woorden of wanhopig haar fysiek, ze blijft een heks zonder macht. Broer Paris voert de schone, maar getrouwde Helena weg uit Sparta en daarmee wordt de belegering door de 'Zorba's' een feit.

Als in een estafette pakken persoonlijke en verhalende monologen elkaar over, met een enkele dialoog ertussen. Er wordt veel geluisterd. Bewegingen door spreker of toehoorders zijn meestal klein en onverwacht, maar voelen logisch en muzikaal. Bijna alle twaalf zwartgeklede dansers laten een stukje Kassandra zien of horen, of vertellen over haar.

De Trojaanse oorlog is niet in twee uur verteld. Met zijn selectie van personages en gebeurtenissen legt Van Woensel glasheldere dwarsverbanden, die in de tekstbehandeling door de dansers redelijk overeind blijven. Zo duikt Sibille op, omdat zij net als Kassandra een slachtoffer van Apollo was, begiftigd met eeuwig leven zonder jong te mogen blijven. Ook Helena komt voorbij: om haar begon alles, daar waar zij vandaan komt eindigt Kassandra als oorlogsbuit. Al deze spiegelingen maken duidelijk dat de geschiedenis zich herhaalt.

Dat dader en slachtoffer vaak inwisselbare lotgenoten zijn. Dat macht niet kan zonder machteloosheid. Je zou willen dat dit alles mythe bleef, of kinderspel. Niet voor niets is Priamus hier een dwaas die koninkje speelt, wordt er paardje gereden en met speelgoedbootjes gevaren.

Mooi is de nadruk op menselijkheid en tijdloosheid typische aspectenvan de Griekse mythologie. Herhaaldelijk zijn de dansers gewoon loltrappende mannen en vrouwen of klinkt een lied van de Vlaamse held Filip Kowlier, over hoop en verlangen.

Meer over