Timo Steenwijk runt samen met zijn familie een kwekerij in Abbenes. Op zijn akker borrelt zilt water op.

ReportageZout water

Bij droogte stijgt zout water op naar de akkers, een nachtmerrie voor boeren

Timo Steenwijk runt samen met zijn familie een kwekerij in Abbenes. Op zijn akker borrelt zilt water op.Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

In Noord- en Zuid-Holland komen boeren tijdens droge periodes zoet water tekort. Oud zeewater stijgt er op uit diepe grondwaterlagen. Vastgelegde waterpeilen dwingen waterschappen vaak om het water te lozen dat ze later zo hard nodig hebben. Met kunst- en vliegwerk brengt het waterschap nieuw zoet water binnen uit de rivieren.

Langzaam bubbelt het zoute water omhoog, midden in een veld waar jonge pluischrysanten zijn geplant. Rondom het borrelgat is de grond zompig geworden en bedekt met een laag glinsterend wit schuim, dat ziltig smaakt. Bloementeler Timo Steenwijk kijkt het hoofdschuddend aan. ‘Alles wat ik hier neerzet, gaat gewoon dood.’ In een cirkel van zo’n 10 meter rondom het gat staan alleen nog een paar bruine, afgestorven stengels, als een roestig litteken midden in de akker.

Het zoute water komt uit diepe grondwaterlagen. Achtduizend jaar geleden was Nederland een waterige zandvlakte, waar regelmatig de Noordzee overheen stroomde. Later vormden zich duinen die het zeewater buitenhielden, en groeide hier veen. Maar het veen werd afgegraven en het land ingepolderd. Nu door droogte de oude veengrond inzakt terwijl het warmere klimaat de zeespiegel juist doet stijgen, komt het zoute water weer naar de oppervlakte.

500 ton zeezout per dag

Elke dag komt in het Hoogheemraadschap van Rijnland, gelegen op de grens tussen Noord- en Zuid-­Holland, zo’n vijfhonderd ton zeezout naar boven. Het brakke water ligt nog altijd 20 meter diep, maar waar de bodem dunner is, sijpelt het omhoog. Meestal niet midden in het land, zoals bij teler Steenwijk. Vaker breekt het door in de sloten waar boeren hun sproeiwater uit pompen. Is het slootwater te zout, dan kunnen ze niet sproeien.

12 kilometer ten zuidwesten van Steenwijks akkers staat het Rijnlandshuis, het hoofdkwartier van het hoogheemraadschap van Rijnland. In het door corona vrijwel uitgestorven kantoor vertelt beleidsadviseur Dolf Kern dat ze van alles hebben geprobeerd tegen het zoute water. ‘Maar het enige dat echt werkt is het hele slotenstelsel gewoon doorspoelen, meestal met regenwater. 

Het hart van het Rijnlandshuis is een grote controlekamer waar een handvol waterbeheerders via een zee van schermen het waterpeil en zoutgehalte in het hele gebied constant in de gaten houdt. Met een druk op de knop bedienen zij 387 gemalen, stuwen en inlaten door het hele waterschap, en sturen zo van minuut tot minuut het water door het landschap. Daarnaast zijn er in het waterschap nog zo’n 4.500 gemalen, stuwen en inlaten die met de hand worden ingesteld.

Momenteel stroomt er echter maar half zoveel water door de Rijn als normaal, een situatie die vroeger elke tien jaar voorkwam, maar inmiddels elk tweede jaar. Daardoor dringt zout water uit de zee de Nieuwe Maas binnen. Via de Hollandse IJssel komt het zilte water tot aan de grootste inlaat van waterschap Rijnland, bij Gouda. Daardoor dreigen zowel boeren als natuur in het gebied nog meer ziltig water binnen te krijgen.

Een polder doorspoelen is bovendien niet zo makkelijk als het lijkt, vertelt Joost Delsman, verziltingsexpert van kennisinstituut Deltares. ‘Vaak heb je een hele serie slootjes die op dezelfde vaart uitkomen. Het doorspoelwater stroomt dan vaak via één slootje, de rest blijft gewoon brak.’ Door die techniek in afstemming met de telers te verfijnen, hebben waterschappen nog veel te winnen, bevestigt ook beleidsadviseur Kern.

De grondwaterlaag van oud zeewater zit in het kustgebied soms dicht onder de oppervlakte.Beeld Deltares

Steeds meer zoutbronnen

‘Zie je deze zoutbron? Die was er nog niet toen ik een klein jongetje was.’ Timo Steenwijk is de vierde generatie boer hier. Vlak na de Eerste Wereldoorlog kregen zijn overgrootouders het kersverse polderland toegewezen. Ook toen al had je zoute plekken in het land. Maar het wordt steeds erger.

Wandelend langs een veld rode sierkolen wijst Steenwijk naar een hoogspanningstraject: ‘Daar heeft netbeheerder Tennet geheid om nieuwe masten neer te zetten. Door hun gehei brak het zoute water door.’ Ook in het land eromheen, waar Tennet met zware machines reed, zijn doorbraken vanuit het diepere, brakke grondwater ontstaan. ‘Daar kan ik dus niet meer rijden met mijn tractor. Dat is gewoon zompig, verzilt land geworden.’

‘Hier komt het uit de slootkant.’ Naast de watergang staat een grote kring van dode bruine planten. Overal staan gele plastic prikkers in de grond: pas op, hieromheen rijden. Is er eenmaal een kwelgat van zout water ontstaan, dan blijft het borrelen. ‘Je krijgt ze niet dichtgestopt’, vertelt Steenwijk. ‘We hebben samen met Rijnland geprobeerd ze te dichten. Maar onder diezelfde druk breekt het grondwater gewoon weer ergens anders door.’ Hij heeft nu zes van deze zoutbronnen in zijn land, die met elkaar zo’n 5 procent van de grond onbruikbaar maken.

Waterpeil biedt weinig speling

In zeer droge jaren, die steeds vaker voorkomen, komt het waterschap zoet water tekort om de sloten goed te kunnen doorspoelen. Graag zou het waterschap dan ook zoetwaterbuffers aanleggen om zich te wapenen tegen droge periodes, maar dat zou te veel ruimte kosten. Meer water in de bestaande meren en waterwegen laten staan, gaat ook niet. Het zomerse waterpeil is wettelijk heel precies vastgelegd, op 61,5 centimeter onder NAP, en mag slechts enkele centimeters hoger of lager staan.

Inmiddels is het hele landschap ingericht op dat formele waterpeil, zegt beleidsadviseur Dolf Kern. Op sommige plekken is er geen fysieke noodzaak zoals een overstromingsrisico, maar is simpelweg jarenlang alle infrastructuur gebouwd rondom dat ene abstracte getal: het peilbesluit. ‘Toen we een paar jaar geleden het peil van een bepaalde polder een paar centimeter omhoog wilden zetten, moesten we meteen allemaal nieuwe drainages laten aanleggen voor de boeren. Die hadden hun afvoerbuizen op de centimeter boven het peilbesluit gebouwd.’

Dit probleem geldt voor waterschappen in heel laag-Nederland: bijna allemaal hebben ze formeel vastgelegde waterpeilen met smalle marges en moeten dus vaak water lozen, ook als ze een periode van grote droogte zien aankomen. Kern: ‘Als ons water in de zogenaamde ‘boezem’ waar alle polders op uitmalen, 10 centimeter hoger staat dan het peilbesluit, is het bij ons echt alle hens aan dek. Wordt het even later weer te droog, dan is dat water al verloren gegaan.’

Het lastige is: dreigt het boezempeil een paar centimeter lager te worden dan vastgelegd, dan is óók al snel de nood aan de man. Huizen en veendijken kunnen verzakken als het veen uitdroogt. Daarom heeft het waterschap bij extreme droogte constant mensen rondlopen in hun gebied die de veendijken prikken, om te kijken of ze nog nat genoeg zijn. ‘Ze gaan altijd in duo’s, want je komt nog weleens een agressieve stier tegen. Of een boze boer die vindt dat hij te veel waterschapsbelasting betaalt.’

Bij dreigende droogte moet het waterschap dus water het gebied insturen. Maar in droge perioden staan de rivieren vaak laag, zoals nu het geval is, en dringt zeewater de Nieuwe Maas binnen. Via de Hollandse IJssel komt het tot aan de grootste inlaat van hoogheemraadschap Rijnland, bij Gouda. Dat terwijl de natuur en de boeren juist in deze periode het meeste zoete water nodig hebben. Zo staan zij voor de keuze: hun planten het ziltige water voeden, of ze laten uitdrogen.

Deze animatie van het hoogheemraadschap Rijnland laat zien hoe verzilting en droogte samenhangen.

De zoektocht naar zoet water

Bloementeler Steenwijk zoekt daarom naar manieren om met minder water toe te kunnen. Dit jaar installeert hij druppeldrainage, ondergrondse waterleidingen met kleine gaatjes die het water direct bij de wortels van de hulststruiken afleveren. ‘Deze struiken zijn heel populair met Chinees Nieuwjaar, die hebben we net geplant.’ Een speciale ploegschaar achter de tractor trekt drie diepe voren naast elkaar door de akker. Grote rollen plastic slangen worden daar automatisch in afgewikkeld. De technologie is uitgevonden in Israël en in Zuid-Europa inmiddels alomtegenwoordig. Nu verovert ze ook Nederland.

Timo Steenwijk installeert druppeldrainage.Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

Het waterschap bouwt intussen aan alternatieve aanvoerroutes voor zoet water, om het zeewater dat de Nieuwe Maas binnendringt te vermijden. Kern trekt een kaart tevoorschijn: de gekanaliseerde Hollandse IJssel wordt uitgediept, een watergang van de Lek naar Gouda wordt verbreed, nieuwe pompen, gemalen en stuwen worden ingebouwd.

Dit alles is onderdeel van het Deltaprogramma Zoetwater, een groot pakket maatregelen waarmee in 2016 is begonnen. In de droge zomer van 2018 hebben de samenwerkende waterschappen en Rijkswaterstaat hiermee zoetwatertekorten ternauwernood weten te voorkomen. Inmiddels wordt alweer getekend aan verdere uitbreidingen.

Al die verbouwingen zijn niet goedkoop. Kern: ‘Onze berekeningen laten zien dat het de kosten waard is, om ons water van de hoogste kwaliteit te houden. Dat wil zeggen: de telers verdienen het terug en ook voor de natuur is het van belang, zoals in de Nieuwkoopse Plassen. Maar het vergt wel flink kunst- en vliegwerk, zowel van waterbeheerders als van telers.’

Wennen aan het zout?

En wat als straks de zeespiegel stijgt? Dan wordt het permanent duwen tegen het binnendringende zeewater. Uit modelberekeningen van verziltingsdeskundige Delsman blijkt dat bij zeespiegelstijging de opwaartse druk van het zoute grondwater nog verder zal toenemen en de rivieren eerder verzilten.

Zou het niet veel makkelijker zijn om met zouter grondwater te leren leven? Ook boerderij De Heerlijkheid van Wolphaartsdijk, op Zuid-Beveland, kreeg te maken met verzilting van het grondwater. Inmiddels verbouwen zij op de zoutste delen van hun land zeekraal, onder de naam Zeeuws Zilt. Ook in Groningen en Friesland experimenteren boeren met zoutresistente aardappelen en bieten. Onderzoekers van Universiteit Wageningen experimenteren met quinoa, een steeds populairder gewas dat relatief goed tegen zout kan.

Steenwijk verwelkomt iedereen die een goed plan heeft. Hij houdt hoop, vertelt hij bij een kop koffie, wijzend naar een whiteboard aan de muur met de restanten van een brainstorm over het zout in zijn akkers. ‘Ideeën genoeg. Maar het stopt tot nu toe altijd bij de vraag: kan het bedrijfsmatig uit? Mooi dat er zoveel experimenten zijn, maar ik moet hier wel van leven.’

Zijn land is net niet zout genoeg voor zeekraal, daar winnen de Zeeuwen het. De grond is hier te duur om van quinoa te kunnen leven, dan is zijn marge te klein. En voor andere gewassen is nog onvoldoende afzetmarkt om voldoende rendement te kunnen maken. ‘Geloof me, als op die plekken iets te verbouwen viel, dan had ik het al lang gedaan.’

LEES DOOR OVER DE ‘SLUIPMOORDENAAR’ DIE DROOGTE HEET

Dossier
Natuurbranden, mislukte oogsten, kapotte dijken en bedreigde diersoorten. Nederland wordt geteisterd door droogte. De Volkskrant onderzoekt in dit dossier wat de gevolgen zijn, hoe het zover heeft kunnen komen – en hoe de droogte valt op te lossen.

Wat de natuur zelf kan doen tegen de droogte
De buien mogen anders doen denken, het is structureel te droog in Nederland. Het goede nieuws is dat daar iets tegen te doen is. Ook door de natuur zelf – met een beetje hulp.

Hoe droog is het bij u in de buurt?
Bekijk de dagelijks ververste droogtekaart van Nederland, en ontdek waar het landschap verdort, en waar niet.

Open Redactie
Dit thema kwam tot stand met inbreng van lezers via de Open Redactie. Wilt u ook meedenken met de redactie? Meld u dan hier aan.

Meer over