Bewind in Belgrado maakt onafhankelijke media stuk

Het redactielokaal is ontdaan van alles wat draagbaar is. Op de bureaus staat nog een enkele telefoon, een enkele, afgeleefde typemachine....

BART RIJS

Van onze correspondent

Bart Rijs

BELGRADO

Vlak voor de kerst was plotseling de federale minister van Informatie op de redactie verschenen. Hij had meegedeeld dat Borba van nu af aan weer in handen was van de staat en dat hij, Dragutin Brcin, hun nieuwe hoofdredacteur was.

Van de 120 journalisten besloten er 106 om niet naar de nieuwe chef te luisteren. Borba (De Strijd) vertikte het regeringsspreekbuis te worden. De krant heeft, in de woorden van hoofdredactrice Gordana Logar, een reputatie op te houden als 'blad voor denkende mensen, die discussie willen zonder haat'.

Nu verschijnen er twee Borba's, één van de minister en één van de journalisten. Op het eerste gezicht lijken de kranten bijna identiek. Maar wat een verschil! In de Borba van de minister staan alleen berichten van het staatspersbureau Tanjug, optimistische nieuwtjes en goedkeurende beschouwingen over het regeringsbeleid; die van de journalisten meldt ook de minder positieve zaken. 'Als je de twee Borba's vergelijkt,' meesmuilt hoofdredactrice Logar, 'dan zie je waar het de autoriteiten om is begonnen.'

De vrijheid van pers is vastgelegd in de Joegoslavische grondwet. In de praktijk hebben de Servische autoriteiten alle grote media stevig in hun greep. De Servische staats-tv, voor veel mensen het enige dat ze kunnen ontvangen, doet dienst als propaganda-machine voor de Servische president Milosevic. Het nieuws bestaat voornamelijk uit geeuwverwekkende persconferenties, redevoeringen en bezoeken van staats- en partijfunctionarissen. De oppositie komt niet aan bod, behalve als er interne moeilijkheden of schandaaltjes zijn te melden.

De onafhankelijke media leiden een bestaan in de kantlijn. Er zijn welgeteld één tv- en één radio-station in de lucht, die alleen in Belgrado zijn te ontvangen, en er verschijnt een handvol bladen, die geen van alle hoge oplages bereiken. Door de economische crisis balanceren ze voortdurend op de rand van het bankroet . Toch berichten ze tamelijk evenwichtig over de oorlog in Bosnië, dienen ze als forum voor de oppositie, zijn ze de dragers van een op het Westen gerichte cultuur en wekken ze daarmee het ongenoegen van het regime.

De onafhankelijke media worden aan één stuk door gehinderd: de bladen kunnen geen papier kopen, staatsdistributiebedrijven weigeren verspreiding, radio- en tv-apparatuur verdwijnt in het niets, verzoeken om uitbreiding van de frequenties worden stelselmatig geweigerd.

De tegenwerking nam toe nadat Servië de betrekkingen met de volksgenoten in Bosnië had verbroken. De leiders van de Bosnische Serviërs, ooit neergezet als Servische volkshelden, werden uit de staatsmedia verbannen. Toen ze in de onafhankelijke media bleven verschijnen, was de maat voor het regime vol. 'Er is een strafexpeditie aan de gang,' zegt Dragan Cicic van de Onafhankelijke Servische Journalisten Associatie. 'Borba is nog maar het eerste slachtoffer.'

Officieel heet het dat de privatisering van Borba is teruggedraaid wegens onrechtmatigheden in de procedure. 'De huidige eigenaar heeft een groot bedrijf als Borba in handen gekregen voor de prijs van een aardige Mercedes', vertelt een functionaris van het ministerie van Informatie. De autoriteiten houden vol dat het gaat om 'een eigendomskwestie', die door de oppositie is opgeklopt tot een politieke rel.

Maar omdat ook de andere onafhankelijke media het leven moeilijk wordt gemaakt met processen en dreigementen, lijkt er sprake van een doordacht beleid. In haar column in Duga maakt Mirjana Markovic, de vrouw van de Servische president, de onafhankelijke media uit voor 'huurlingen', 'informanten' en 'verraders'. Meestal zijn haar schrijfsels een vingerwijzing voor de politiek van het Servische regime. Volgens de presidentsvrouw zullen de onafhankelijke media er niet in slagen 'om Oost-Europa te koloniseren', ook al worden ze daar door 'zekere machtscentra' in harde valuta voor betaald.

De overval op Borba heeft veel internationaal protest uitgelokt. Dagelijks publiceert de krant steunbetuigingen aan de onafhankelijke media: van de EU, de Verenigde Staten, de Internationale Federatie van Journalisten. Maar de journalisten zijn bang dat het lippendiensten zijn. 'Omdat Milosevic vrede in Bosnië kan afdwingen, heeft hij nu de steun van het Westen,' verzucht Dragan Kojadinovic, directeur van het tv-station Studio B. 'Hij voelt dat hij nu zijn handen vrij heeft om in Servië orde op zaken te stellen.'

De journalisten van Borba gaan door, meer uit halsstarrigheid dan hoop. Ze hebben hun krant zelf op straat uitgevent, voor drie kwartjes per stuk. De oude eigenaar heeft alle journalisten in dienst genomen bij een nieuwe firma en toestemming aangevraagd voor de uitgave van een nieuwe krant: Onze Strijd. Maar de toekomst van de krant is onzeker, de financiële basis wankel en tegenwerking door de autoriteiten gegarandeerd.

Op dinsdag is hun Borba ondanks alle moeite niet verschenen. De vorige dag was de stroom in de drukkerij van de krant op mysterieuze wijze uitgevallen.

Meer over