Betoverende prima donna

Toen dichteres Anna Achmatova eind 1961 in een Moskous ziekenhuis lag, klonk op de radio muziek van Heitor Villa-Lobos. Zij hoorde een vrouwenstem die 'glijdt als de wind / De zwarte, vochtige nachtwind / En al wat zij op haar vlucht beroert / Is plotseling anders'.

Die stem behoorde toe aan Galina Visjnevskaja, stersopraan van het Bolsjoi Theater. Gisteren overleed ze in Moskou op 86-jarige leeftijd, vijf jaar na haar echtgenoot, de vermaarde cellist Mstislav Rostropovich.

Visjnevskaja's geluid beroerde wel meer gevoelige zielen. Sjostakovitsj droeg bijvoorbeeld in 1960 zijn Satiren aan haar op. Ook Benjamin Britten ervoer de 'machtige kracht' van haar 'betoverde stem'. Resultaat: de sopraanpartij van zijn War Requiem. Maar toen in 1962 in Coventry de wereldpremière plaatsvond, zat Visjnevskaja huilend thuis. De Sovjetautoriteiten hadden haar uitreis verboden.

In 1974 ontvluchtte ze samen met Rostropovich het land. Halsoverkop vloog het echtpaar in 1991 terug om in de politieke omwenteling Boris Jeltsin bij te staan.

Moesorgski, Tjaikovski, Prokofjev: als opera- en liedzangeres schitterde Visjnevskaja in Russisch repertoire. Op haar cv prijken ook grote Verdi- en Puccinirollen. In 2001 gaf ze een masterclass in Amsterdam. Met haar fonkelende ogen bezat Visjnevskaja nog altijd de onverbiddelijke présence van een prima donna.

undefined

Meer over