Nieuws

Besmettingscijfers zakken onder de signaalwaarde: einde van het mondkapje komt binnen bereik

Het coronavirus lijkt definitief op zijn retour. De cijfers zeggen het. In Nederland liggen ze voor het eerst weer onder de 'signaalwaarde’, en ze lijken daar te blijven. Het einde van het mondkapje komt binnen bereik.

Mobiele prikteams van het Rode Kruis vaccineren moeilijk te bereiken bevolkingsgroepen, zoals hier in Dordrecht.  Beeld Arie Kievit
Mobiele prikteams van het Rode Kruis vaccineren moeilijk te bereiken bevolkingsgroepen, zoals hier in Dordrecht.Beeld Arie Kievit

Besmettingen, opnamen, sterftegevallen: alle cijfers vertellen hetzelfde verhaal: het coronavirus is in Nederland op zijn retour. Voor het eerst sinds 13 september is het aantal nieuwe meldingen lager dan de signaalwaarde, de grens van 7 besmettingen per 100 duizend inwoners die het ministerie van Volksgezondheid heeft ingesteld als ‘alarmbel’.

Op zondag en maandag zijn er vaak minder nieuwe meldingen doordat het rustiger is in de teststraten, toch is dit een belangrijke mijlpaal in het terugdringen van het virus. Nog geen twee maanden geleden stonden alle seinen op rood, de ziekenhuizen raakten vol en het aantal positieve testen steeg snel. Niets lijkt nu de voorgenomen versoepelingen per 30 juni meer in de weg te staan, evenementen zijn dan weer mogelijk en het advies over thuisbezoek wordt verruimd naar maximaal 8 gasten. Het kabinet wil nog geen datum noemen voor het vervallen van de mondkapjesplicht en het thuiswerkadvies, maar mogelijk zijn deze aanpassingen ook niet ver weg. Hoe kon het zo snel omslaan?

Cijfers

Eerst nog even een blik op de cijfers. Op zondag meldde het RIVM 1.066 besmettingen. Een dag met lage cijfers maakt nog geen corona-luwe zomer, maar de weekgemiddelden schetsen ook een zonnig beeld. De afgelopen week zijn dagelijks gemiddeld 1.426 besmettingen gemeld, 37 procent minder dan een week eerder. In april werden dagelijks regelmatig meer dan 8.000 besmettingen gemeld. In Groningen, Friesland en de Gooi- en Vechtstreek is het aantal nieuwe meldingen zelfs al zo laag dat de regio’s in aanmerking komen voor het laagste van de vier risiconiveaus, ‘Waakzaam’. Voor deze risiconiveaus wordt ook gekeken naar bijvoorbeeld ziekenhuisopnamen, de verlaging is dus nog niet zeker.

Besmettingen zeggen zeker niet alles over het verloop van de uitbraak. Als minder mensen zich laten testen, kunnen de cijfers dalen zonder dat er sprake is van een verbetering. Maar daar lijkt geen sprake van, ook het percentage van de testen dat positief is neemt snel af. Nog maar iets meer dan 5 procent van de testen is positief, dat was in april bijna 13 procent.

Tot slot verbetert de situatie in de ziekenhuizen snel. De afgelopen week zijn gemiddeld 51 patiënten per dag opgenomen vanwege covid-19, van wie 7 op de ic. De week daarvoor waren dit er nog 75, en in april zagen de Nederlandse ziekenhuizen geregeld ruim 300 coronapatiënten per dag binnenkomen.

Vaccinaties

Hoe kan het beeld in korte tijd zo omslaan? Het mooie weer zal zeker een rol spelen, maar het grootste effect heeft toch het vaccineren, aldus het RIVM. ‘Alles wat we nu zien van de epidemie is in zeer sterke mate beïnvloed door de vaccinaties, en pas in tweede instantie door andere factoren’, vertelde RIVM-modelleur Jacco Wallinga dit weekend aan de NOS.

Onder ouderen, bij wie de vaccinatiegraad het hoogst is, nam het aantal besmettingen en ziekenhuisopnamen het snelst af. In de verpleeghuizen was eind februari al een groot vaccinatie-effect te zien. Waar de rest van Nederland in maart en april met een nieuwe coronagolf kampte, bleef het daar vrij rustig. En dat terwijl verpleeghuisbewoners in de eerste golf en tweede golf juist zwaar getroffen werden.

Het vaccinatie-effect is zichtbaar in veel Europese landen. In april werden wekelijks in Europa nog ruim een miljoen besmettingen gemeld, nu minder dan 300 duizend.

R-waarde

Als een daling eenmaal is ingezet, kan het snel gaan. Net zoals het aantal besmettingen aan het begin van een golf eerst nauwelijks toeneemt en dan opeens heel hard, kan ook de afname steeds sneller gaan. Naarmate steeds minder mensen besmet raken, kunnen zij op hun beurt minder anderen aansteken.

Belangrijk hierbij is de R-waarde of het reproductiegetal, de maat voor hoeveel mensen een besmet persoon gemiddeld zelf weer besmet. Een R-waarde van hoger dan 1 leidt tot exponentiële groei, een lagere R-waarde dan 1 tot exponentiële daling. Sinds eind april is het reproductiegetal volgens schattingen van het RIVM lager dan 1.

Inmiddels is in Nederland de 12 miljoenste prik gezet, verwacht wordt dat het priktempo de komende weken nog wat verder toeneemt. Mochten de nieuwe, besmettelijker varianten niet al te veel roet in het eten gooien dan is het zeer waarschijnlijk dat het aantal meldingen spoedig elke dag onder de signaalwaarde zal zijn.

Meer over