'Berooid, verlaagd en vernederd in beestenwagens'

null Beeld .
Beeld .

In Westerbork ligt de maan al op z'n rug. Weinig licht, gereflecteerd door dunne sneeuw. Maar het is verder nog, twaalf kilometer naar Hooghalen, eerst over een weg die in bedwang wordt gehouden door kale beuken (geraamten, in de koplampen) en dan over een spoor. Twee uur 's nachts: ze houden de hondenwacht in het kamp, er zijn niet veel mensen, maar het zijn er genoeg. En ik heb Philip Mechanicus bij me die er alles van weet. 'De weg van Hooghalen tot Westerbork kermde van de ellende', vertelt hij. 'Een zee van moedeloze, geslagen mensen.'

null Beeld .
Beeld .

Een pendelbusje legt de laatste drie kilometer af door het lege Drentse land. 'Het lezen van de namen is geen overbodige luxe', zegt de chauffeur, 'met alles wat er gaande is in de wereld.' Zes dagen en zes nachten benoemen ze hier de 102 duizend doden, van Anny Aa tot Heinrich Zysmanowicz. De lezers lezen in een plexiglazen tent, staand achter een katheder. Ieder tien minuten: het is een naadloze estafette. Nu zijn ze bij de letter K.

Abraham Korper, 52 jaar. Abraham Korper, 50 jaar. Abraham Korper, 5 jaar. Buiten strooien speakers de namen over het terrein. Het licht is er merkwaardig: barak 56 gloeit blauw in de achtergrond. Het is de enig overgebleven barak, ze hebben 'm teruggevonden bij een boer, hij staat er weer sinds een paar jaar, als monument. Philip vertelt over 'de tragiek van de duisternis, waarin schijnwerpers hun onheilspellend licht werpen'. En over de barakken: 'de opeengepakte mensenlijven stralen een hitte uit als in een oven'.

Simon Koster, 70 jaar. Simon Koster, 27 jaar. Simon Koster, 8 jaar. De namenlijst heeft een cadans. Niet van verdriet of melodrama, maar van verbetenheid en kracht: iets offensiefs.

Nu is Dirk Jan Warnaar aan de beurt, hij komt uit Zwammerdam en rijdt straks door de nacht terug. Hij heeft thuis geoefend. Op het papier dat hij van de organisatie kreeg, staan 151 namen; hij maakte er aantekeningen bij. Ragel of Rasjel? Levit of Leviet? Hij heeft geen joodse wortels, hij is geen familie verloren, 'wat me bezighoudt is hoe haat zich opstapelt. Ook nu weer gebeur dat. Laten we ervoor zorgen dat die ene klootzak geen kans krijgt.'

Het vriest, in de tent staan warmteblazers. Een tunnel van zwarte doeken scheidt de leeskamer van de koffiekamer. Daar gaat het heel zachtjes over synagoges die beveiligd worden en over moskeeën die beveiligd worden, en over tienduizenden die in Dresden tegen vreemdelingen demonstreren. Niet hardop, want de link leggen tussen toen en nu is gevaarlijk, voor je het weet ga je te snel, en wordt je dat verweten in de moderne verwijtcultuur. Ik denk: luister liever naar Philip Mechanicus. De hoofdweg van Kamp Westerbork, vertelt hij, heette 'Boulevard des Misères'.

Dirk Warnaar leest zijn 151 namen. Beeld .
Dirk Warnaar leest zijn 151 namen.Beeld .

Philip was verslaggever van het Algemeen Handelsblad, beroemd geworden met reisreportages in Rusland en Palestina. In Kamp Westerbork ging hij door met zijn werk: 'Ik heb het gevoel alsof ik als officieel reporter een schipbreuk versla.' Zijn dagboek over het leven hier, en over de dood, heet In Dépôt.

Doorgangskamp Westerbork werd een stad waar mensen het met elkaar te stellen hadden, elkaar liefhadden en ruzie maakten, aankwamen en werden afgevoerd met de dinsdagtrein naar Polen. Ze leefden van dinsdag naar dinsdag. Ze leefden met alle rangen en standen die er waren. Er was een ziekenhuis met honderdtwintig artsen en duizend man personeel (Philip was er zelf opgenomen), enkel om zieken te verzorgen die later werden afgevoerd. De trein: 'een schurftige slang van oude, smerige wagens'.

Betje Koster, 15 jaar. Betje Koster, 10 jaar. 'Mensen, losgerukt van hun bodem', vertelt Philip. 'Berooid en verlaagd en vernederd in beestenwagens.'

Martine Scholl en Maurits van Aalst zijn uit Aalten komen rijden, tweehonderd kilometer, ze hebben hun zoons van 6 en 8 meegenomen. Die zijn straalwakker. 'We hadden ook een oppas kunnen regelen, maar ja', zegt Martine. 'Het is goed als nieuwe generaties er weet van hebben.'

Ze lezen om 04.10 uur. Henk Teeuwen komt uit Borculo, hij is theoloog en 'helemaal niet van joodse komaf', maar heeft zijn best gedaan de geschiedenis te achterhalen van de namen die hij leest, 'waar ze vandaan komen en waar ze gestorven zijn.' Foto's uitgeprint: Jacques Krijn, 20 jaar, 'een heel aardige kerel als je hem zo ziet'.

Samuel Kroon, 62 jaar. Samuel Kroon, 57 jaar.

Om kwart voor vijf is de maan allang verdwenen. 'Ruimte en tijd zijn opgeheven', vertelt Philip, 'de mens leeft tegen de achtergrond van het niets.'

Uren later pas zijn ze toe aan de letter M. Max Mechanicus, 32 jaar. Philip Mechanicus, 55 jaar.

t.heijmans@ volkskrant.nl

Meer over