Bern worstelt met miljardengift

Het Kunstmuseum Bern zit in een lastig parket nu het de enige erfgenaam blijkt te zijn van de omstreden collectie-Gurlitt. Aanvaarden of niet? Zes struikelblokken voor directeur Frehner.

AMSTERDAM - Een museum dat de nationale en internationale pers buiten de deur houdt, dat mag een unicum heten. Toch beantwoordt het Kunstmuseum Bern al twee weken geen vragen meer over de omstreden erfenis van Cornelius Gurlitt, zoon van een kunsthandelaar die zaken deed met de nazi's. Begin juni hoopt directeur Matthias Frehner de buitenwereld weer te woord te kunnen staan.

Hij zegt te druk te zijn met het in kaart brengen van de collectie die hem begin mei volkomen onverwacht in de schoot is gevallen. Toen kreeg hij een telefoontje dat Gurlitt zijn museum als enige erfgenaam had aangewezen. Daarmee is de Zwitserse kunstinstelling voor een netelig dilemma komen te staan: moet de nalatenschap worden aanvaard of worden verworpen?

Aanvaarden, zal de eerste reactie zijn. Welke museumdirecteur weigert nu een verzameling van 1.518 stuks met werk van beroemde impressionisten en expressionisten? Een tentoonstelling van deze collectie, die decennialang door de familie Gurlitt verborgen is gehouden, staat garant voor een bezoekersrecord.

Toch heeft Frehner besloten het gegeven paard diep in de bek te kijken. Reden: rond de collectie spelen zoveel kwesties dat het de vraag is of de museumdirecteur wel een verhuisbedrijf moet laten voorrijden. Zes potentiële struikelblokken op een rij:

undefined

1 Geestvermogens

De ongetrouwd gebleven Gurlitt stierf op 6 mei kinderloos en heeft geen ouders, broers en zussen meer. Hij kon zijn bezittingen vermaken aan een museum zonder rekening te hoeven houden met wettelijke erfgenamen. Wel stond hij op het moment dat hij zijn testament opstelde onder een vorm van toezicht - hij kon niet meer goed voor zichzelf zorgen. De vraag is of hij bij zijn volle geestvermogen was.

Een achterneef van hem, de 65-jarige Ekkeheart Gurlitt, meent van niet. Deze in hippiekleren gestoken oud-fotograaf uit Barcelona wil het testament aanvechten. Hij vindt dat de collectie in Duitsland moet blijven. Vijf andere verwanten zijn het grondig oneens met Ekkeheart Gurlitt, onder wie zijn 93-jarige vader. Zij eisen dat de laatste wens van Cornelius Gurlitt wordt gerespecteerd. Een rechtbank bekijkt of het testament geldig is.

undefined

2 Exportverbod

Gurlitt had 1.280 kunstwerken in zijn appartement in München en 238 exemplaren in zijn voormalige huis in Salzburg. Zowel de Duitse als de Oostenrijkse autoriteiten onderzoeken of daar beschermd cultuurgoed tussen zit, in welk geval een exportverbod dreigt. Dit kan bijvoorbeeld gelden voor de vijf prenten van Albrecht Dürer (1471-1528) uit de collectie.

undefined

3 Roofkunst

Heikelste punt is de roofkunst in de verzameling, de werken die bij joden zijn gestolen of waarvoor te weinig is betaald. Experts die de herkomst van het Münchense deel onderzoeken, stellen dat de helft van de 1.280 werken roofkunst kan zijn. Een advocaat zei in zijn grafrede voor Gurlitt dat slechts acht werken moeten worden teruggegeven aan nabestaanden. Daar zitten wel topstukken tussen, zoals Zittende vrouw van Henri Matisse.

Ieder museum dat de verzameling-Gurlitt aan de muur hangt, loopt het risico nog lange tijd restitutieverzoeken te ontvangen. Tweederde van de collectie is nog niet geopenbaard. Toen de Süddeutsche Zeitung de namen van zestien werken uit het Oostenrijkse deel van de verzameling onthulde, was de reactie van een organisatie in New York die roofkunst documenteert veelzeggend. 'Happy hunting!', twitterde die.

undefined

4 Illegale verkoop

De collectie zou ook nog eens 384 werken bevatten die voor de oorlog uit Duitse musea zijn weggehaald door het nazi-regime. Veel van deze 'entartete kunst' (avant-gardistische kunst die volgens de nationaal-socialisten verderfelijk was ) werd stiekem doorverkocht aan het buitenland via vier kunsthandelaars, onder wie de vader van Gurlitt. Minstens drie musea onderzoeken of ze dergelijke stukken kunnen terugeisen. Juristen menen van niet: de nazi-inbeslagname geschiedde op basis van een wet die nooit is ingetrokken. Toch is het niet ondenkbaar dat dit oordeel verandert; van roofkunst werd vroeger ook aangenomen dat die niet hoefde te worden teruggegeven.

undefined

5 Morele vraag

Dan is er ook nog de morele vraag: moet een museum een collectie huisvesten die door de nazi's bij elkaar is geroofd? Martin Roth, de Duitse directeur van het Victoria and Albert Museum in Londen, meent dat de verzameling 'op historische en ethische gronden' in geen enkel museum past, met uitzondering misschien van het Israël Museum in Jeruzalem. Ook Thomas Buomberger, een Zwitserse historicus die een boek schreef over roofkunst, vindt dat de erfenis ('een vergiftigd geschenk') moet worden verworpen.

Anderen stellen dat Gurlitt een goede keuze heeft gemaakt met het Kunstmuseum Bern. Matthias Frehner was voor zijn benoeming tot directeur zes jaar lang kunstredacteur bij de Zwitserse kwaliteitskrant Neue Zürcher Zeitung. In die tijd publiceerde hij veel over roofkunst. Omgaan met de nasleep van de nazi-kleptomanie is een kolfje naar zijn hand.

undefined

6 Hoge kosten

Aanvaarding van de collectie zou een dure zaak kunnen worden. Onduidelijk is of Kunstmuseum Bern erfbelasting moet betalen. Dat zou een aanzienlijk bedrag zijn; de collectie van Gurlitt is naar schatting tientallen miljoenen euro waard. Matthias Frehner heeft na zijn aanstelling moeten bezuinigen om een faillissement van zijn museum te voorkomen. Lokale politici waarschuwen dat een verhoging van het budget er niet in zit - een geluid om serieus te nemen, zowel de stad als het kanton Bern is medebestuurder van het museum. Nog een uitgavenpost die kan oplopen: de restauratiekosten. Vooral het Oostenrijkse deel van de verzameling verkeert in slechte staat.

Frehner heeft geopperd een aantal werken te verkopen om kosten te compenseren. Dat is tegen de wens van Gurlitt, die wilde dat de collectie van zijn vereerde vader bij elkaar blijft.

Het museum heeft nog zes maanden de tijd om uit te maken wat het met de erfenis doet. Officieel valt die beslissing de Stiftungsrat toe, die bestaat uit politici, inwoners van Bern en kunstexperts. Frehner heeft alleen een adviserende stem.

Ondanks alle bezwaren sprak de museumdirecteur zich op 7 mei, de dag van het onverwachte telefoontje, voorzichtig uit voor aanvaarding van de erfenis. 'Ik heb al het gevoel dat het loont om het geschenk aan te nemen', zei Frehner toen tegen Die Welt. 'De kans is natuurlijk buitengewoon. Zoiets gebeurt maar één keer in een museumcarrière - als het al gebeurt .'

undefined

Meer over