Beloon slechte scholen niet

Het is onrechtvaardig tegenover scholen die met hetzelfde budget en problemen wel goede resultaten halen

Aleid Truijens

Ooit verkeerde ik een tijdje in een internationaal gezelschap van onderzoekers. Sommigen hadden hun kinderen mee naar Nederland genomen; die zaten hier op de basisschool. Die ouders informeerden bezorgd naar het mysterie van het Nederlandse onderwijs. Ik had toch ook kinderen? Hoe waren die terechtgekomen?

Marmot
Eén ding viel alle buitenlandse ouders op: school was hier zó ontzettend leuk! De ene dag mochten de kinderen hun marmot meenemen, de andere dag ging de verkleedkist open. Het ging van schooltuintjes naar kinderboerderij, van het Nemo naar spoorwegmuseum. Dat was nuttig natuurlijk, vonden de buitenlandse ouders, maar léérden die kinderen hier wel wat? Ze hadden nooit huiswerk!

Nooit lees- of rekentoetsen. Als zij informeerden of hun kinderen op het gewenste niveau zaten, dan keek de leerkracht hen meewarig aan: rare buitenlandse professoren – ieder kind had toch een unieke ontwikkeling?

Wreed
Ik kon het alleen maar beamen. Ik vertelde dat kinderen bij ons als ze twaalf zijn vaak voor het eerst worden getoetst, en meteen worden geselecteerd voor vervolgopleidingen. Dat vonden die buitenlandse geleerden dan weer heel wreed van het zo lieve Nederlandse onderwijs.

Nu, twee jaar later, is volledig doorgedrongen dat ons basisonderwijs matig presteert. Voor het eerst geeft de Onderwijsinspectie toe dat het reken- en taalniveau daalt. Een kwart van de leerlingen kan amper rekenen, 12 procent is praktisch analfabeet.

Zeer Zwak
Nederland telt 112 basisscholen met het omineuze stempel Zeer Zwakke School; ruim 10 procent staat te boek als ‘zwak’. Als je de pech hebt op zo’n school te zitten, loop je één of meer jaren achter, en kom je daardoor één tot twee schooltypes lager uit in het vervolgonderwijs.

Het is maar te hopen dat je ouders wel eens kijken op de website van de Inspectie, en je van die school afhalen. Scholen hoeven ouders niet op de hoogte te stellen van hun wanprestatie.
Je zult maar op de zeer zwakke, antroposofische Geert Groote-school in Amsterdam zitten, en jouw ouders behoren tot de malloten die leraren en bestuurders bedreigden, omdat deze een ‘verbetertraject’ waren begonnen, bij kinderen van wie hun melkgebitje nog niet was gewisseld.

Wat hadden mijn buitenlandse vrienden dat komisch gevonden: ouders die vechten voor het recht op slecht onderwijs.

Het regent vrome voornemens. Staatssecretaris Sharon Dijksma lanceert haar ‘actieplan zeer zwakke scholen’. De Onderwijsinspectie gaat scholen ‘beter beoordelen op de voortgang van hun leerlingen’ – deden ze dat dan niet?

IJkpunten
Ook zijn er ‘referentieniveaus’ ingesteld voor taal en rekenen, ijkpunten voor wat een kind op een bepaalde leeftijd zou moeten kunnen. Waren die er dan nog niet? Je gelooft je oren niet, maar nee, die waren er niet.

Wel gaf de Inspectie scholen waar kinderen niet zelfstandig of in groepjes werkten, een berisping. Tegen de tijd dat de mantra van het zelfstandig werken was doorgedrongen tot de allerzwakste scholen, was men er in voortvarender landen allang achter dat zelfstandig werken slecht uitpakt.

Ineens duiken overal experts op die haarscherp analyseren wat er mis is. Oud-inspecteur van Onderwijs Hans van Dael vertelt over schooldirecteuren die niet willen weten wat er in hun klassen omgaat (het Vervolg, 21 maart).

Marktpositie
Hij onthult dat de schoolbegeleidingsdienst niet kritisch is, ‘want die moet aan zijn marktpositie denken en zijn opdrachtgever met zachtheid behandelen’. Op nrc.nl/opinie wijt een andere oud-inspecteur, Herman van Die, de achteruitgang aan de werkwijze: ‘Er staat nu een generatie voor de klas die de handen vol heeft aan het bieden van ‘zorg op maat’, die geen tijd heeft voor het voorbereiden van lessen, daardoor ook zelf inhoudelijke achterstanden oploopt, en het lesgeven verleert.’

De Amsterdamse onderwijswethouder Asscher trekt ten strijde tegen de zwakke scholen; in Amsterdam zijn dat er 33, meer dan elders. Zij krijgen hulp en extra geld: Asscher trekt twee miljoen uit zijn binnenzak, als ‘lokkertje’.

Geweldig idee, was mijn eerste reflex. Bij nader inzien vind ik het een ongelukkig plan. Waarom zou je slecht presterende scholen verleiden en belonen? Nogal onrechtvaardig tegenover scholen die in een vergelijkbare situatie wél goede resultaten halen.

Gesloten beurs
Eis van zwakke scholen keihard beter resultaat, met gesloten beurs, en reken ze erop af: sluit scholen die zich niet verbeteren. Smijten met miljoenen voor ‘onderwijsexperts’ blijkt vaker niet dan wel zinvol. Het is effectiever en uiteindelijk goedkoper om het niveau van de pabo’s te verbeteren, en alleen de allerbesten aan te nemen op moeilijke scholen.

Hadden de oud-inspecteurs maar zulke ferme kritiek geuit toen ze zelf aan het roer stonden. Kennelijk kun je in de onderwijswereld de klokken pas onbekommerd laten beieren als je je broodheren niet meer hoeft te dienen.

Het voorstel van Mark Rutte, om de Onderwijsinspectie – die valt onder het ministerie van Onderwijs, waarvan ze het beleid moet beoordelen – te vervangen door een onafhankelijke Onderwijskamer, is zo gek nog niet. Meer toezicht, ook hier.

Meer over