Beleggers zitten op roetsjbaan

Op de effectenbeurzen is het al twee maanden 'Jantje huilt en Jantje lacht'. Op de koersontwikkelingen is geen peil te trekken. De gewone belegger is vermoedelijk al lang afgehaakt, zeggen beleggerspsychologen. Voor de professionals zijn het op zijn minst zware tijden.

YVONNE HOFS

AMSTERDAM - De Europese beurzenroetsjbaan ging dinsdag voor de verandering weer eens steil omhoog, na twee dagen van kleine winstjes. De Nederlandse AEX-index steeg zonder duidelijke aanleiding maar liefst 4,5 procent. Beursanalisten die om een verklaring werden gevraagd schreven de klim toe aan 'de hoop dat er een snelle oplossing komt voor de eurocrisis'. Waar die hoop op gebaseerd was? Vage geruchten dat Europese ambtenaren een uitbreiding van het Europese noodfonds EFSF voorbereiden, iets wat zowel door de Spaanse als de Duitse minister van Financiën meteen weer werd ontkend.

Vorige week donderdag verlóór de AEX nog ruim 4 procent, omdat beleggers om al even onduidelijke redenen weer de schrik om het hart sloeg over de eurocrisis. En zo gaat het al zeker twee maanden. 'Mijn stelling is dat de beurs een goede voorspeller is voor economische ontwikkelingen, maar wel een manisch-depressieve voorspeller', zegt Corné van Zeijl, fondsmanager bij SNS Bank en auteur van het boek Centen en Sentiment over de psychologie van beleggers. 'Beleggers worden door angst bevangen als de koersen heel hard dalen en door euforie als ze hard omhoog gaan. De beurs heeft daardoor altijd de neiging tot overshooting, overdreven reageren op economisch nieuws.'

Als het nieuws tegenstrijdig is en de toekomst onzeker lijkt, zoals nu, is hoge volatiliteit het resultaat. Volatiliteit is een graadmeter voor de heftigheid van koersbewegingen. Als de koersen een beetje voortkabbelen met kleine plussen en minnen is de volatiliteit laag. Als de koersen op en neer denderen, zoals de laatste twee maanden, is de volatiliteit hoog.

Volatiliteit is in feite een soort paniekgraadmeter. Een hoge volatiliteit (levendigheid) is dan ook bijna altijd een slecht teken. In economische hausseperioden is de volatiliteit doorgaans laag, als het de verkeerde kant op gaat met de economie schieten de volatiliteitsindices omhoog. Over de langere termijn bezien dalen de koersen in tijden van hoge volatiliteit. Dat zien we ook nu.

De belangrijkste graadmeter voor volatiliteit is de Amerikaanse VIX-index. Die stond in oktober 2008, op het hoogtepunt van de paniek rond de kredietcrisis, rond de 80 punten. Op dit moment verkeert hij net boven de 40 punten, het hoogste niveau in drie jaar. De volatiliteit schoot omhoog na de eurotop van 21 juli, waar de leiders van de eurozone erkenden dat Griekenland nog zeker 200 miljard euro extra financiële hulp nodig heeft. Sindsdien onderneemt de politiek weinig nieuwe actie om de eurocrisis aan te pakken.

Beleggers worden zenuwachtig van dat getalm, zegt Fred van Raaij, hoogleraar gedragseconomie aan de universiteit van Tilburg. 'Voor particuliere beleggers is dit een heel moeilijke tijd. Zij zijn gewend een paar keer per week research te doen en te kijken hoe hun aandelen ervoor staan. Maar nu springen de koersen zo snel heen en weer dat je er een dagtaak aan hebt om alle ontwikkelingen te volgen. Dat is voor iemand met een gewone baan, een hobbybelegger, niet te doen. Particuliere beleggers lopen altijd wat achter de markt aan, omdat ze een informatieachterstand hebben. Ik denk dat veel van hen een pas op de plaats maken en geen transacties meer doen. Zelfs beleggen in staatsobligaties biedt momenteel geen zekerheid meer.'

'Maar ook voor professionele beleggers is dit een zware tijd. Zij kunnen geen moment ontspannen, moeten voortdurend alert zijn. Om in deze tijden winst te maken, moet je zeer koelbloedig zijn', aldus Van Raaij.

undefined

Meer over