Belegger blijft 25-jarige AEX trouw

Beursindex deint al 25 jaar mee met beursklimaat...

AMSTERDAM De AEX, het boegbeeld van de Amsterdamse beurs, vierde dinsdag zijn 25ste verjaardag. In die kwarteeuw zagen beleggers de index wilde ritten maken. Bovendien zagen ze de samenstelling van de index grondig veranderen.

De betekenis van de AEX reikt tot ver buiten de beleggingswereld. De 25 AEX-bedrijven worden gezien als neusje van de zalm van het Nederlandse bedrijfsleven. Als het gaat over topinkomens, belastingafdracht of CO2-uitstoot, wordt direct gekeken naar het gedrag van de AEX-bedrijven. Als de inkomens van de AEX-bazen snel stijgen, zegt dat immers iets over de mores in de BV Nederland.

Dat was 25 jaar geleden niet de reden de AEX te introduceren. Tjerk Westerterp, destijds directeur van de Optiebeurs en ex-minister van Verkeer en Waterstaat, had dringend een betrouwbare index nodig die kon dienen als referentiepunt voor zijn opties.

Westerterp is geslaagd in zijn opzet. Het aantal optiecontracten met de AEX als onderliggende waarde is explosief gestegen. Het gemiddeld aantal verhandelde contracten per dag liep op van een paar duizend eind jaren tachtig naar 110 duizend vorig jaar.

De vraag voor beleggers bij een index is hoe representatief de graadmeter is voor de rest van de markt. Als de index te veel een eigen pad volgt, vinden beleggers het geen goed instrument voor de Nederlandse aandelenmarkt.

Vergeleken met de hele Amsterdamse markt lopen de 25 AEX-bedrijven netjes in het gareel. De AEX deint mee met de bewegingen van de hele beurs, blijkt uit vergelijkingen met de index waar alle aandelen in zitten.

Op het hoogtepunt van de internethype, in september 2000, piekte de AEX, net als andere nationale indices. De AEX wist de 700-puntengrens te slechten. Vanaf dat moment maakte de index een trage duikvlucht, om in maart 2003 op een dieptepunt van 217 punten te belanden. Sindsdien is de AEX opgekrabbeld. Gisteren sloot de jarige op 436,3 punten.

Het feestvarken wordt vaak bekritiseerd. De jaarlijkse wijziging van de AEX op grond van de handelsomzetten leidt steevast tot de klacht dat nationale kampioenen plaats moeten maken voor buitenlandse bedrijven, relatief kleine nieuwkomers of vastgoedfondsen die niet worden gezien als volwaardige bedrijven. Een ander verwijt dat Euronext voor de voeten wordt geworpen, is dat de AEX een doorgangshuis is. Sinds 1983 kwamen 61 ondernemingen feestelijk de index binnen, om vervolgens met stille trom te vertrekken. Meestal omdat ze werden overgenomen, soms omdat ze failliet gingen, zoals Baan en Fokker.

Euronext vindt het verloop enorm meevallen. ‘Driekwart van de bedrijven staat al langer dan tien jaar in de index’, aldus André Went, directeur information-services bij Euronext.

Volgens Euronext hebben de wijzigingen de AEX juist representatiever gemaakt. In de beginjaren werd de AEX gedomineerd door de top-5 (zie diagram). De laatste jaren is de invloed van de grootste vijf ondernemingen afgenomen.

Euronext is zich wel bewust van het gevaar dat niet-Nederlandse fondsen de index binnensluipen, nu de grenzen tussen nationale beurzen vervagen. Om dat te voorkomen, is een paar jaar geleden een nationaliteitstoets ingesteld. Behalve naar de omzet kijkt Euronext als het nodig is ook naar de binding met Nederland.

Meer over