Belastingplan

IEDEREEN gaat er op vooruit in het belastingplan van Zalm en Vermeend, maar de ene belastingplichtige toch een beetje, en soms aanmerkelijk, meer dan de andere....

De belastinghervorming is een ingrijpende operatie, die zeer wel als het pièce de résistance van het kabinetsbeleid kan worden beschouwd. Over de opzet ervan was al in het najaar van 1997 een akkoord bereikt, dat in het regeerakkoord werd herbevestigd. Het eindresultaat is, op hoofdlijnen (verbreding van de heffingsgrondslag, individualisering, 'vergroening' en een zekere verlichting van de lasten op arbeid), ook goed verdedigbaar. Een paar majeure kanttekeningen zijn niettemin op zijn plaats.

Zo valt er in de wir-war van vrolijk getoonzette inkomensplaatjes niet aan de indruk te ontkomen dat de hogere en allerhoogste inkomens bij Paars heel wat beter aan hun trekken komen dan de goede middenmoters en worden uitkeringsgerechtigden zelfs, andermaal, op afstand geplaatst.

Weliswaar wordt het voor veelverdieners stukken moeilijker de belasting te ontduiken. Maar daar staat veel tegenover. Het toptarief gaat fors omlaag. De hypotheekrente-aftrek wordt niet beperkt. En vermogenswinsten worden voortaan belast tegen een, uitermate vriendelijk, tarief dat in geen enkele verhouding staat tot de belasting op arbeid.

Het kabinet heeft daarvoor deels acceptabele argumenten: de vermogensrendementsheffing is inderdaad laag, maar zal in de praktijk toch veel meer opbrengen dan de huidige, eenvoudig te ontduiken vermogensbelasting. Toch lijkt het er op dat dit ten koste gaat van het aloude criterium van de rechtvaardigheid. Een principieel debat daarover is geen overbodige luxe, ook al omdat Nederland met dit stelsel een buitenbeentje in Europa zal zijn.

De belastinghervorming gaat gepaard met een omvangrijke lastenverlichting. De zoveelste van Paars. Dat kan nu eenmaal niet anders: zonder 'smeergeld' is zo'n operatie onhaalbaar. Maar vanuit economisch gezichtspunt spant het kabinet het paard achter de wagen. Het geld rolt als nooit tevoren, de arbeidsmarkt is krap. De lastenverlichting komt vanuit klassiek, keynesiaans gezichtspunt, op het verkeerde moment.

Bovendien is voor de burgers de eigen portemonnee niet zaligmakend, fatsoenlijke voorzieningen worden ook op prijs gesteld. Maar juist sectoren als zorg en onderwijs zitten nog steeds krap bij kas. De lastenverlichting begint dus door te schieten. De noodzaak ertoe ontbreekt, een deel van het geld kan voor betere doelen worden gebruikt.

Meer over