Bankroof

De digitale bankoverval als film- probleem: hoe maak je moderne communicatie spannend om te zien?

FLOORTJE SMIT

Het is de grootste bankroof van de 21ste eeuw. Internationaal wisten de rovers in tien uur tijd maar liefst 35 miljoen euro buit te maken. Niet door met wapens een onneembaar bankgebouw te bestormen, of via gangenstelsels en met een thermische lans door een kluisdeur te branden. Nee, door de systemen van de bank te hacken, neppasjes te maken en vervolgens te pinnen. Heel veel te pinnen. Zo'n twaalf Nederlanders deden er aan mee, bleek deze week.

Dit is Ocean's Twelve 2.0. En dit zou wel eens het begin van het einde van de bankovervalfilm kunnen zijn. Want deze nieuwe, blijkbaar uiterst succesvolle manier van diefstal zou een waardeloze thriller opleveren: schurken achter computerschermen die een groep woest pinnende mensen aansturen. Eventueel zou je nog een vlotte sequentie kunnen bedenken van dat wereldwijde pinnen, maar dan (moet je types laten zien die inderdaad zo stom zijn hun gezicht niet te bedekken tijdens de transacties - keken jullie nooit naar Opsporing Verzocht, mensen? - en dan zit je nóg met die standaard, domme pin-blik in hun ogen en) heb je nog geen film van anderhalf uur.

Computers, mobiele telefoons, internet: dit soort nieuwe technieken vormen een probleem waar Hollywood steeds vaker mee te kampen krijgt. Aanvankelijk, een jaar of twintig geleden, had het allemaal nog iets raadselachtigs en futuristisch. Maar de goede oude tijd dat personages nog wel eens in een mainframe konden verdwijnen - vormgegeven met van die blauwe tl-balken - ligt al ver achter ons. De digitale wereld is nu onlosmakelijk verweven met de echte: veel gesprekken gaan meteen via sms of mail - zelfs bellen gebeurt steeds minder. De fundamenten van veel relaties worden gelegd via Facebook of Twitter. En dat is niet het enige probleem voor scenaristen: afgelopen maart publiceerde Cracked een lijst met 23 beroemde movieplots die meteen opgelost zouden kunnen worden via tekstberichten ('Oh ja, dat vergat ik te vertellen, als je drie keer je hielen tegen elkaar klikt, ga je naar huis'). Maar sms'ende of chattende mensen zijn in films altijd te saai voor woorden. Als ik getuur naar een computerscherm wil zien, kijk ik wel even naar een collega.

Tot nu toe was de standaardtactiek om dit probleem op te lossen domweg de techniek negeren of kaltstellen: elke horrorfilm heeft bijvoorbeeld tegenwoordig een ik-heb-geen-bereik/batterij-scène simpelweg omdat de mobiele telefoon het genre anders de nek om zou draaien. En zelfs als de techniek een belangrijk onderdeel is van de plot, zoals in The Internship (Google), The Social Network (Facebook) of Disconnect gebeurt al wat opwindend is in de wereld erbuiten - als mensen op een computer werken is het een noodzakelijk kwaad.

Hollywood heeft even respijt door Edward Snowden - opeens is het immers logisch dat criminelen hun snode plannen live maken, in een duistere parkeergarage. Maar toch zal het negeren van digitale technieken niet lang meer houdbaar zijn. Zeker nu er biopics over Steve Jobs en Julian Assange aankomen.

Het is dus wachten op de regisseur die voor onze nieuwe manier van communiceren wel een opwindend idioom weet te verzinnen. Of het ten minste zo terloops kan maken als het is, zonder dat het saai wordt. Zo'n nieuwerwetse bankoverval lijkt de ideale lakmoesproef.

undefined

Meer over