Banenjacht

Wie: Johan Wesselink (30) Dacht: binnen drie maanden een baan te hebben..

Elf jaar deed Johan Wesselink uit Groningen over zijn studie Economieaan de Rijksuniversiteit Groningen. Bij het solliciteren breekt die langestudieduur hem op. 'Bedrijven denken gelijk dat er wat mis is als je langerdan vijf jaar met je studie bezig bent geweest.'

In 1994 begon Wesselink met studeren. Een functie als bestuurslid bijeen studentenvereniging, een brand in zijn kamer en het coachen van eenroeiploeg leidden ertoe dat het afstuderen langer dan verwacht op zich lietwachten. In maart 2005 was het eindelijk zover. Wesselink kon zijn diplomaophalen en ging op zoek naar een baan. 'Ik wist dat ik niet binnen tweeweken een baan zou hebben. Maar binnen drie maanden moest het toch wellukken dacht ik.'

Dat was te optimistisch gedacht; hij heeft nog steeds geen baan. Tweesollicitatiebrieven per week stuurt Wesselink, al maandenlang. 'Ik ben opzoek naar een baan voor beginners in de financiële sector. Geldstromencontroleren, overschrijdingen in de gaten houden. Een controllersfunctiedus.'

Waar hij terecht komt, maakt hem niet uit. 'Ik heb onder meergesolliciteerd bij de Nederlandse Spoorwegen, bij de accountantsfirmaDeloitte en bij de Friesland Bank.'

Tien keer is Wesselink uitgenodigd voor een sollicitatiegesprek naaraanleiding van een brief. Het ene gesprek ging hem beter af dan het andere.'Soms weet je al snel dat ze je niet willen hebben. Dan stellen ze van diesuggestieve vragen. Een keer begon de sollicitatiecommissie me meteen eenkwartier lang door te zagen over mijn lange studieduur. Dan weet je dat hetfout zit.'

Wesselink zelf ziet juist veel positiefs in zijn lange studieduur. 'Ikheb aardig wat boekhoudkundige ervaring opgedaan bij destudentenvereniging. En door mijn werk als coach van een roeiteam heb ikbeter leren communiceren.'

Misschien kunnen niet alle bedrijven deze ervaring waarderen, denktWesselink. 'Het is voor een personeelsmanager niet meetbaar wat dit soortervaringen het bedrijf allemaal kan opleveren. Bedrijven vinden het vaakinteressanter dat ik bij een callcenter heb gewerkt dan dat ik begeleiderop een zeilschool ben.'

Een baan vinden waarvoor minder ervaring nodig is, lukt hem evenmin.'Dan heet ik vaak overgekwalificeerd.'

Van al die afwijzingen wordt Wesselink nog niet moedeloos. Wel maakt hijzich zorgen. 'Hoe meer vrije tijd je hebt, hoe minder je gaat doen. Het isonder die omstandigheden moeilijk gemotiveerd te blijven en enthousiastebrieven te blijven sturen.'

Twee sollicitatiebrieven per week is voor hem het maximum. 'Ik wil mijverdiepen in het bedrijf waar ik wil werken. Ik wil geïnteresseerdoverkomen.' Alvorens hij een brief schrijft, belt hij altijd naar hetbedrijf om een paar vragen te stellen. 'Zo'n telefoontje levert misschiennet dat ene puntje meer op waarmee ik door de selectie heen kan komen.'

Sebastiaan Weijmans

Meer over