Balkenende

Balkenende sprak over het gezin. Het was de tweede lezing uit een serie van vijf over de fundamenten van de samenleving....

De spreker nam het woord om 19 uur 46. Hij droeg een antracietgrijs pak, een lichtblauw overhemd, een donkerblauwe das met een streepje en bruine schoenen. Hij zag wat pips. Zijn toespraak omvatte negen dichtbedrukte A4tjes die van tevoren aan de pers waren uitgereikt.

Balkenende begon omstandig, met veel terzijdes die niet op papier stonden. Zijn blik draaide van links en naar rechts om optimaal contact met de zaal tot stand te brengen. Binnen een paar minuten had hij het gehoor aan zijn lippen. Kijk je lang naar die lippen, dan ga je aan een vis denken die op het droge naar adem hapt.

De handen dan maar.

Balkenende heeft kleine, verzorgde handen. Het zijn handen die vooral een pen kunnen vasthouden. Het lijkt erop dat hij ze veel wast. Hij draagt een dunne trouwring. De handen kunnen in drie standen worden waargenomen.

De belangrijkste daarvan is die waarin ze bijna biddend, met de vingertoppen tegen elkaar aan komen te staan. De andere stand is meer een gebaar. De handen beschrijven een halve cirkel, alsof ze een onzichtbare bal willen vangen.

De stand waaruit de andere twee vertrekken is die waarin de handen elkaar vasthouden; de linker houdt dan teder de vingers van de rechter omkneld. Af en toe wordt er aan de trouwring gedraaid.

De lezing was om exact 20 uur 34 voorbij. Hij duurde dus 48 minuten. In die 48 minuten namen Balkenende's handen 87 keer de biddende stand aan en probeerden ze 81 keer de onzichtbare bal te vangen. Het actiefst waren de handen in de eerste helft van de lezing. In de tweede helft beperkten de handen zich vaak alleen maar tot het voortdurend minutieus rechtleggen van de A4tjes die de spreker aan het voorlezen was. Ze lagen weliswaar recht, maar konden kennelijk nóg rechter liggen.

Enfin.

Erg opvallend aan Balkenende's optreden was dat hij in het begin sterk was, improviserend, en zich vanaf het vierde A4tje steeds nadrukkelijker aan de geschreven tekst begon te houden. In schaatstermen gesproken: hij kwam onevenwichtig, maar snel uit de startblokken, maar ging daarna heel vlakke rondjes rijden.

Snel waren ze wel, die laatste rondjes (de spreker keek soms bijna een minuut niet op van zijn papier, en hield zijn handen in een stille stand), maar saai evenzeer. Verduidelijkte hij in het begin zoveel mogelijk met voorbeelden en kwinkslagen, in de finale verliet hij zich helemaal op de polico-speak van het papier. En in plaats van toe te werken naar een spectaculaire laatste ronde, liet hij de ballon gewoon leeglopen.

Jammer.

Had de CDA-leider inhoudelijk nog iets te melden? Ongetwijfeld, en we kunnen het nazoeken in de tekst. Maar wat meeslepend begint, moet ook meeslepend eindigen, en dat deed de lezing niet. Een man rijdt dan voor niets zijn rondjes, eigenlijk alleen maar om op tijd klaar te zijn. Dat is niet genoeg.

Meer over