Baken van rust in woelige omgeving

Een warm en triomfantelijk welkom wachtte hem, deze zomer, in de Alkmaarse voetbaltempel. Hij was de nieuwe trainer van regerend landskampioen AZ. De dagen van glorie zijn in Alkmaar echter veranderd in zwarte nachten, het feest van de overwinning heeft na het faillissement van de goedgeefse voorzitter plaatsgemaakt voor berusting in een onzekere toekomst.

Door Poul Annema

Rimpelloos is het trainersleven van Koeman nooit geweest, maar ‘de enige die Ronald Koeman druk oplegt, is Ronald Koeman zelf’, luidt zijn credo. Hij is gekomen om te winnen. ‘En hij wil altijd en onder alle omstandigheden winnen. Daarin was hij als jongetje van tien al heel ongecompliceerd’, zegt zijn eerste jeugdtrainer Ger van Gelder uit Groningen.

De solide basis die AZ bood, mag zijn veranderd in drijfzand, Ronald Koeman blijft voor de directie van de club de man met meerwaarde. ‘Koeman heeft 45 wedstrijden in de Champions League gecoacht, hij is 78-voudig international en was een van de dragende spelers van het Nederlands elftal dat in 1988 Europees kampioen werd. Dat is wat spelers aanspreekt’, zegt technisch directeur Marcel Brands van AZ.

In zijn biografie zegt de naar Bayern München vertrokken Louis van Gaal: ‘Als AZ voor mij geen goede vervanger had kunnen vinden, was ik in Alkmaar gebleven.’

Dat is opvallend want om hun verschil in visie raakten Van Gaal en Koeman bij Ajax zo gebrouilleerd dat ze elkaar zelfs nu nog op hun vakantieadres aan de Algarve, waar ze op enkele tientallen meters van elkaar wonen, passeren zonder te groeten. Dat maakte de boodschap van Van Gaal op zijn minst bijzonder.

De vete tussen de twee dateert uit de periode dat Van Gaal bij Ajax technisch directeur was en Koeman hoofdtrainer. Van Gaal in zijn biografie: ‘Heel diplomatiek gaf ik hem soms een advies, maar ik heb me nooit met zijn werk of opstellingen bemoeid, hij kon doen wat hij wilde en ik heb nooit iets van wat er in de club speelde naar buiten gebracht. Via via hoorde ik dat hij mijn optreden niettemin irritant vond en dat hij elke vrijdag, op mijn vrije dag, achter mijn rug om naar algemeen directeur Arie van Eijden ging om zich over mij te beklagen. Uiteindelijk heeft hij gezegd: ik eruit óf Louis eruit. Van Eijden koos toen voor het aanblijven van Ronald.’

Ronald Koeman wist wat hem te wachten stond bij AZ. ‘Bij succes zou ik voortgeborduurd hebben op het succes van mijn voorganger, bij tegenslag lag het vooral aan mij.’

Het valt tegen. In de competitie staat AZ achtste, in de Champions League sluit de club zijn poule af met twee punten uit vier duels en Ronald Koeman zegt met de bravoure, die hem eigen is: ‘Dat de resultaten niet goed zijn, neem ik volledig voor mijn rekening.’

Dat het onrustig is door de teloorgang van sponsor en voorzitter, erkent hij, maar van excuus wil hij niet weten. ‘Ik houd me elke ochtend een spiegel voor en vraag me af of ik het wel goed doe.’

‘Ronald staat voor wat hij doet en gelooft in zichzelf. Hij weet waarmee hij bezig is en zal ook niet gauw van zijn lijn afwijken’, zegt vader Martin Koeman, 71 jaar inmiddels, maar als scout van FC Groningen nog diverse dagen per week langs de voetbalvelden. ‘Leiderschap heeft Ronald altijd gehad. Hij was thuis aan tafel geen jongen van grote betogen, maar kon wel in een paar woorden de essentie van het spel aangeven.’

Als trainer is hij volstrekt anders dan zijn voorganger. Van Gaal is in alle opzichten de aanjager, die zijn spelers dicht op de huid zit. Koeman straalt meer gemak uit. Van de drukke prater Van Gaal is de selectie van AZ terechtgekomen bij de rust van een trainer zonder schrik of angst. Koeman: ‘Het verschil zit ’m niet in de discipline, misschien ben ik nog wel harder dan Van Gaal. Want als ik boos word, dan word ik ook écht boos. Het verschil is de toon, ik betrek mijn spelers bij al mijn beslissingen op tactisch gebied.’

‘Mijn vader is een lieve man, maar hij is wel eigenwijs’, zei z’n dochter Debby ooit in VI ‘en hij wil altijd gelijk hebben en winnen.’ ‘Hij is als trainer wat hij als voetballer was’, zei Arsenal-trainer Arsène Wenger vorige week over hem ‘een goede organisator van zijn elftal.’

‘Toen hij werd geselecteerd voor de Nederlandse UEFA-jeugd liet hij zich niet door Amsterdammers als Ruud Gullit en Frank Rijkaard als een boerenjochie wegzetten. Hij deed in alles met ze mee’, zegt vader Martin Koeman.

‘Ik heb altijd een enorme bewondering voor Ronald Koeman gehad’, zegt oud-Feyenoord-voorzitter Jorien van den Herik in het onlangs verschenen boek De Voorzitter. ‘Ronald was echt geen jongen die elke avond om negen uur in bed lag en hij spuugde ook bepaald niet in een glas bier. Maar ik wist altijd precies wanneer hij uit de band was gesprongen, want wie zag ik dan vanuit mijn werkkamer om half elf ’s ochtends voorop lopen? Ronald Koeman! Die liep de drank er gewoon even uit. Dat was vast zijn hobby niet, dat deed pijn, maar die mentaliteit moet je hebben.’

‘Ik vraag me weleens af hoe hij dat nu precies doet’, zegt zijn eerste jeugdtrainer, Ger van Gelder bij de Groningse amateurclub GRC. ‘Ronald was een groot talent, maar hij was ook heel kort door de bocht. Als de tegenstander een uitblinker had, dan wist Ronald, hoe jong hij toen ook was, wel hoe je dat probleem moest bezweren. Hij was op een positieve manier heel grimmig, heel resultaatgericht.

‘Maar hij kon zich ook geweldig ergeren aan medespelers die dat wat hij beheerste, niet snel genoeg oppikten. Dat beeld van toen is wat mij betreft nog vaak dat beeld van nu. Als het op het veld niet gaat zoals hij wil, valt dat meteen van zijn gezicht af te lezen. Dan denk ik weleens: hoe breng je nou je ergernis straks over op je spelers? Maar onderschat hem niet hoor, Ronald is geen intellectueel, maar hij is wel, zoals ik dat graag noem, maatschappelijk intelligent. Hij heeft de scholing van dertig jaar voetbal op het hoogste niveau en de waarde daarvan is veel groter dan veel mensen denken.’

Zijn eerste trainer in het betaald voetbal – Theo Verlangen bij FC Groningen – zegt nog weleens verbaasd te zijn over Ronald Koemans ontwikkeling als toptrainer. ‘Voor mij was hij natuurlijk in de eerste plaats, als 17-jarig joch, een geweldig talent, maar daarnaast een kwajongen. Hij wilde elk moment van de dag voetballen, maar ook genieten en rotzooi uithalen.

‘Onze clubarts, Henk Hoekstra, had hem al eens aangesproken op zijn voedingsgewoonte. Laat ik het zo zeggen, Ronald at graag uit de muur. Bij uitwedstrijden hadden wij een vast adres voor koffie en appelgebak, en de afspraak was: appelgebak zonder slagroom. Hoe hij het klaarspeelde weet ik nog steeds niet, hij was altijd eerder in het restaurant dan ik om appelgebak met slagroom te bestellen.’

Vanzelfsprekend was het niet dat hij na de beëindiging van zijn voetballoopbaan het trainersvak inrolde. Guus Hiddink, als bondscoach, benaderde hem met de vraag zijn assistent bij het Nederlands elftal te worden, Louis van Gaal haalde hem in dezelfde rol naar Barcelona. Eerder dan verwacht kreeg hij in 2000 – bij Vitesse – de kans op eigen benen te staan. Hij beschouwde dat zelf als de beste kans om te laten zien dat hij ook als trainer wilde slagen.

Vitesse bleek zijn springplank naar Ajax, waar hij voldoende stressbestendig bleek om zijn naam te vestigen. ‘Zijn grote kracht is’, zegt vader Martin, ‘zijn bereidheid om met de lessen van het leven om te gaan.

‘Op de mavo was hij geen talenwonder, kijk nu eens hoe hij zijn talen spreekt. Hij laat zich echt niet in de war brengen. Dat zie je ook bij AZ, hij durft zich in deze sfeer van spanning en tegenslag open en kwetsbaar op te stellen en blijft altijd rustig.’

‘Rust’ markeerde ook zijn eerste jaren aan de top met Ajax, zegt oud-speler en international Klaas Nuninga, die toen deel uitmaakte van het bestuur. ‘Ronald was een autoriteit die op trainingskamp zijn spelers nog graag eens zijn fameuze wreeftrap toonde. Maar ik zie hem ook vooral in de combinatie met zijn vaste assistent Tonnie Bruins Slot, die ook bij AZ met hem samenwerkt. Wat zij doen is altijd gestoeld op realisme, uit hun opstellingen spreekt altijd wel een zekere logica. Hoewel weleens anders wordt gezegd, kende ik Ronald als de man die zich zeer goed voorbereidde op trainingen en wedstrijden.’

De Belg Tom Soetaers, die destijds bij Ajax speelde, typeert hem nog steeds als ‘naast Sef Vergoossen de beste trainer die ik ooit heb ontmoet’. Koeman zelf sloot zijn Ajax-periode af met de conclusie: ‘Financieel staat Ajax er beter voor dan drie jaar geleden, maar sportief niet. Te veel spelers zien Ajax als een perfecte leerschool en niet meer dan dat.’

Voor hem was dat reden om te vertrekken naar Benfica in Lissabon. Een jaar later keerde hij terug naar Nederland en werd hij opvolger van Guus Hiddink bij PSV. Hiddink en Cruijff beschouwt hij als zijn beste trainers. Met beiden onderhoudt hij nog steeds een vriendschappelijk contact. Of, zoals hij zelf steeds zegt: ‘Van Cruijff heb ik vooral geleerd dat je als trainer spelers geen vaste richtlijnen kunt geven, elke wedstrijd, elke situatie is weer anders.’

Het is de praktijk van elke dag onder de donkere wolken van AZ.

Meer over