Aznar zet aanval in bij onvermijdelijk scenario

HET SCENARIO IS overbekend en wordt niettemin steeds weer uit de kast gehaald...

1. De ETA vermoordt een politicus, een militair of een journalist, met een nekschot of een autobom.

2. De complete politieke wereld in Spanje en Baskenland, met uitzondering van EH, de politieke tak van de ETA, veroordeelt de aanslag en meldt zich op de begrafenis.

3. De volgende dag houden de politici een stille protestbijeenkomst voor de deur van stadhuizen en andere overheidsgebouwen.

4. 's Avonds gaat Spanje massaal de straat op om het einde van het terrorisme te eisen onder de leus Basta ya (Genoeg).

5. Een paar dagen later begint de verbale oorlog tussen nationalisten en niet-nationalisten van voor af aan en gaat door tot de ETA een nieuw slachtoffer bijschrijft op zijn lijst van 800 vermoorde politici, militairen burgers.

We zitten nu in fase vijf, na de laatste moord op een raadslid van de Partido Popular twee weken geleden. Dat betekent schelden over en weer, zonder de minste kans op een toenadering tussen de twee kampen. Integendeel, het debat is zo oververhit geraakt dat de scheiding der geesten definitief lijkt. Een debat ook waarin onverkwikkelijke zaken boven water komen, zoals het feit dat de nationale Spaanse politie en de Baskische politie geen gegevens uitwisselen en zo potentiële slachtoffers verder in gevaar brengen.

José María Aznar heeft de frontale aanval ingezet. Mikpunt van de premier is de Baskische Nationalistische Partij (PNV) en in het bijzonder haar leider Xabier Arzalluz. Die is de voornaamste promotor van het akkoord tussen de gematigde PNV en de radicale EH, en weigert ondanks de nieuwe reeks politieke moorden dat akkoord op te blazen. Stuitend noemde Aznar deze opstelling en hij deed een openlijke oproep aan de leden van de PNV om Arzalluz af te zetten.

Politiek niet zo'n verstandige zet. Er gingen geruchten over een mogelijk aftreden van de absolute leider van de nationalisten, maar op het moment dat Madrid hier om gaat vragen, sluiten de rijen zich direct. Volgens Arzalluz is de oproep van Aznar een oorlogsverklaring, en omdat de nationalisten partij en natie altijd vereenzelvigen, is Spanje nu in hun optiek in oorlog met Baskenland. De ETA kijkt lachend toe, want dat is precies het argument dat de terroristen al decennia lang gebruiken voor hun acties.

De PNV is deel van het Baskische probleem, zegt Aznar. Nee, antwoordt Arzalluz, de PNV is het probleem. Want het terrorisme zal verdwijnen, maar het nationalisme niet. Omdat de PNV net als de ETA de onafhankelijkheid van Baskenland nastreeft, is het probleem onoplosbaar.

Aznar is helemaal niet geïnteresseerd in vrede, aldus Arzalluz, hij wil alleen maar stemmen winnen. De oorlog in het noorden legt de premier geen windeieren: deze heeft mede bijgedragen aan het veroveren van de absolute meerderheid in het parlement in Madrid. En nu zoekt hij de sorpasso: zijn oproep tot het houden van vervroegde verkiezingen in Baskenland is ingegeven door de reëel aanwezige kans dat de Partido Popular de nationalisten verslaat en voor het eerst de deelstaat kan gaan regeren.

Het is zeer de vraag of Aznar hier verstandig aan doet. Sinds het herstel van de democratie in Spanje in 1978 is de PNV de grootste regeringspartij in Baskenland, en leek tot voor kort redelijk gelukkig met de status van verregaande autonomie. Mocht de PP de macht overnemen, dan ligt het voor de hand dat de nationalisten samen de strijd tegen Madrid aanbinden. Een scenario voor een burgeroorlog, menen pessimisten.

Inmiddels is de breuk tussen Madrid en Vitoria nagenoeg een feit. De Baskische regering sleept de Spaanse regeringsafgevaardigde in Baskenland voor de rechter, omdat deze het terecht vindt dat de Spaanse politie geen gegevens over de strijd tegen het terrorisme aan de Baskische collega's overhandigt: die zijn niet te vertrouwen omdat zij geleid worden door nationalistische politici. Dan kun je net zo goed de informatie direct doorsturen aan de ETA.

Het niveau van de discussie daalt. Steek het in je reet, riep een PP-afgevaardigde toen de Baskische regeringsleider Ibarretxe in het parlement zijn visie op het akkoord met de politieke tak van de ETA wilde geven. Aznar op zijn beurt wordt ook door de gematigde nationalisten steeds vaker uitgemaakt voor fascist, een kwalificatie die hij in de ogen van de ETA al lang verdiende .

Terwijl Spaanse en Baskische politici vol vuur ontfermen over het eerste deel van fase vijf van het overbekende scenario, wacht de bevolking op het onvermijdelijke moment dat de ETA zich met deel een belast en weer een burger met een nekschot naar de andere wereld helpt.

Meer over