Aymara-indianen in de Andes op oorlogspad

Lynchpartijen worden schering en inslag in Peru en Bolivia. De Aymara-indianen roeren zich in wat begint te lijken op een opstand....

Van onze correspondent Cees Zoon

De burgemeester wordt door een woedende menigte uit zijn huis gehaald. Ze slepen hem van het ene naar het andere nooit voltooide openbare werk, en op elk van die locaties wordt hij afgetuigd. Aan het einde van de tocht overgiet de meute hem met benzine en verbrandt hem levend.

De burgemeester zou het geld voor de gemeenschapsvoorzieningen in zijn eigen zak hebben gestoken. Hij was daarvoor aangeklaagd, maar de Peruaanse justitie reageerde niet. Dus namen de Aymara-indianen in de Peruaanse stad Ilave het recht in eigen hand en executeerden ze de man. Ilave is een stad van 30 duizend inwoners aan de grens met Bolivia.

Aan de andere kant van de grens vindt een bijna identieke lynchpartij plaats. Burgemeester Benjami¿n Altamirano van de plaats Ayo Ayo wordt ontvoerd in de hoofdstad La Paz waar hij wilde onderduiken. Terug in zijn dorp wacht een menigte hem op met stokken en stenen. Op het dorpsplein wordt hij aan een elektriciteispaal vastgebonden en in brand gestoken. Zijn lijk gooien ze aan de voeten van het standbeeld van indianenleider Tupac Katari.

Ook de mesties Altamirano was beschuldigd van corruptie, maar hij was door het Boliviaanse Hooggerechtshof vrijgesproken. Omdat de 'blanke rechtspraak' niet functioneerde, besloten de Aymara's het traditionele gemeenschapsrecht op hem los te laten. Lynchen zou een juiste straf zijn voor degenen die zich schuldig maken aan machtsmisbruik.

De Aymara's zijn op oorlogspad. De grootste etnische groep van Peru en Bolivia roert zich in beide landen (en in Ecuador) op een manier die het karakter van een algehele opstand begint aan te nemen. Wegblokkades, stakingen en geweldsuitspattingen tegen de gezagsdragers die het dichtstbij zijn, het is het beeld van alledag geworden. Het einddoel van de acties is het ten val brengen van de presidenten Toledo en Mesa.

De lynchpartijen dreigen schering en inslag te worden. Volgens de Peruaanse minister van Binnenlandse Zaken Regui heeft de politie de afgelopen weken ternauwernood voorkomen dat tien andere burgemeesters door woedende menigten werden gedood.

In het dorp Capillas Norte zit de hoogste ambtenaar verschanst in het politiebureau, samen met de gouverneur van de provincie en de vredesrechter. Zes politieagenten proberen tweehonderd woedende Aymara's op afstand te houden. In Juanjui werd de burgemeester door achthonderd vrouwen aangevallen, hij kon met moeite ontsnappen. In drie andere plaatsen slaagden de burgemeesters erin te vluchten, verkleed als politieman.

De volksgerichten kosten ook 'gewone' verdachten het leven. In Desaguadero, niet ver van Ilave, bestormde een mensenmassa het politiebureau en haalde er een Boliviaan uit die beschuldigd werd van een overval op een bus waarbij de chauffeur werd vermoord. Ook hij werd levend verbrand. In Atico sloeg een groep mijnwerkers een man dood die illegaal hun goudmijn zou hebben betreden. Zijn familieleden belegerden het politiebureau om op hun beurt de moordenaars te lynchen.

Anarchisten, noemt minister Regui de gewelddadige indianen. 'De westerse justitie werkt niet in de Aymara-gemeenschappen', zei de Boliviaanse Aymara linguist Fx Layme na de moord op de burgemeester van Ayo Ayo. Lynchen is niet gebruikelijk in onze gemeenschappen, maar 'een buitengewone maatregel die in extreme gevallen wordt toegepast'.

De situatie in de betrokken plaatsen is als in het toneelstuk Fuenteovejuna van de klassieke Spaanse schrijver Lope de Vega: de vraag 'wie heeft hem vermoord?' blijft rondzingen nadat het hele dorp de burgemeester heeft omgebracht.

In Ayo Ayo heerste de dagen na het drama een zwijgpact. De mannen vergaderden op het dorpsplein en buitenstaanders werden niet toegelaten. In de naburige dorpen vertelden Aymara's dat het doodvonnis in hun traditie niet bestaat. De dorpsoudsten beslissenof een wetsovertreder verdreven moet worden of dat ze hem een vinger of zelf hand afhakken. Dat mag wel.

Felipe Quispe, de radicale Boliviaanse Aymara-leider die vorige week als parlementslid aftrad uit protest tegen president Mesa, veroordeelde de moord, maar ook hij staat op het standpunt dat 'de blanken' niet het recht hebben te oordelen over wat de Aymara's hebben gedaan. Hij eist de vrijlating van de aanvoerder van de moordende massa, zo niet dan worden de wegblokkades uitgebreid.

Ook in het Peruaanse Ilave eist de bevolking de vrijlating van de hoofdverdachten van de lynchpartij. De inwoners hebben president Toledo tot vijand van het Aymara-volk verklaard en eisen zijn aftreden. De door de Nationale Kiesraad aangestelde nieuwe burgemeester wordt niet geaccepteerd en zijn komst leidde tot een veldslag met de politie.

De schoolmeester Ramri¿as heeft de eed afgelegd, maar het stadhuis komt hij niet in. 'De mensen zijn verward', zei hij. 'Ilave is altijd vergeten. Als ze de burgemeester niet hadden gelyncht, had nooit iemand ernaar omgekeken. Heel Peru kent Ilave nu, maar dat is niet genoeg. Men eist gerechtigheid en het nakomen van de beloftendoor de regering.' Zowel in Peru als in Bolivia is het probleem dat in veel gebieden de staat simpelweg niet bestaat en de bewoners aan hun lot zijn overgelaten. In de buitengewesten is niet alleen nauwelijks of geen politie, er zijn ook geen scholen, geen onderwijzers, geen artsen. Veel van de wegblokkades volgen op jarenlange vergeefse smeekbeden om de aanleg van een fatsoenlijke weg of een elektriciteitsleiding naar een afgelegen dorp.

Vorig jaar werd de Boliviaanse president Shez de Losada na een golf van gewelddadige protesten afgezet. Velen voorspellen dat zijn opvolger Mesa en diens collega Toledo van Peru hetzelfde lot te wachten staat. De voornaamste wegen van Bolivia naar Peru, Paraguay en Argentiniijn al weken geblokkeerd. Ook in Peru groeit de chaos door de aanhoudende stakingen en protesten.

Sommige aanhangers van Toledo spreken al niet langer over de Aymara's als anarchisten maar als terroristen. 'In de jaren zeventig en tachtig noemden ze ons communisten, in de jaren negentig drugshandelaren, en nu terroristen. Maar wij zijn nog steeds dezelfden', zegt Evo Morales. Hij is even naar Lima gekomen om zich te verweren tegen de beschuldiging van een Peruaans parlementslid dat in de haven een lading wapens is gevonden die bestemd zou zijn voor de beweging van Morales. Hij is leider van de cocaboeren in Bolivia en van de socialistische partij in het parlement. De Aymara heeft zoveel aanhang dat hij twee jaar geleden bijna president van Bolivia werd. De bel voor de laatste ronde van president Toledo in Peru heeft geluid, meent Morales: 'Presidenten die het volk negeren en doof zijn voor zijn behoeften, moeten vervangen worden. Regeringen in Latijns Amerika die een neoliberaal model blijven volgen, zijn gedoemd te mislukken.'

Meer over