Auto-airco draagt bij aan broeikaseffect

De helft van het Nederlandse wagenpark heeft inmiddels airconditioning aan boord. Het apparaat koelt effectief maar draagt ook flink bij aan het broeikaseffect....

Binnenkort is het weer zover. Dan begint de jaarlijkse vakantie-uittocht. Het liefst allemaal tegelijk begint de Nederlander aan zijn trek naar het zuiden. Om dan na enkele uren in de fuik van de file te lopen bij Eindhoven, Maastricht en Luik, of verderop tot stilstand te komen bij Parijs, of vast te lopen in de kokende file op de Zuid-Duitse snelweg.

Wat is het dan een verademing dat er tegenwoordig airco is! De ventilator blaast koelte in de cabine, waardoor de chauffeur, zijn vakantiestressige passagier en hun jengelende kroost verkoeling vinden in het hete blik. Tachtig procent van de nieuwe autos in Nederland beschikt over een airco. Nog even en een airco is net zo standaard als een asbak. Of je rookt of niet, je krijgt hem erbij. Omgerekend bevat anno 2002 bijna de helft van het totale wagenpark een airco.

In principe kan een auto-airco eindeloos meegaan. 'Alleen jammer dat er altijd koelmiddel weglekt', zegt Ebel Dijkstra van adviesbureau Ecozone in Haarlem. 'Uit de auto-airco ontwijkt meer koelmiddel dan uit een koelkast vanwege het voortdurend trillen van de auto.'

Elke auto-airco heeft 800 tot 1000 gram koelmiddel nodig - nieuwere modellen minder. Probleem is dat het koelmiddel uit gehalogeneerde koolwaterstoffen (hfk-134a) bestaat. Het is van een zachter kaliber dan de harde cfks, dat wil zeggen, het ontziet de ozonlaag, maar werkt mee aan de klimaatverandering die steeds meer op het conto van het broeikaseffect wordt geschreven. En niet kinderachtig ook: één molecuul van het koelmiddel uit de auto-airco werkt 1300 keer krachtiger dan één molecuul van het bekende broeikasgas CO² (koolzuurgas).

Het halve wagenpark heeft inmiddels airco, dus circuleert daar grofweg 3000 ton hfk. Over hoeveel daarvan nu precies weglekt, lopen de schattingen uiteen. De automobielbranche houdt het op 5 procent, anderen reppen van 9 procent en kritische onderzoekers als Dijkstra menen dat 25 procent vervliegt. Wie een gemiddelde van 15 procent lekkage aanhoudt, komt tot de conclusie dat jaarlijks in Nederland 450 ton koelmiddel in de atmosfeer verdwijnt. De stoffen 'zweten' door rubberen slangen en ook gesoldeerde of geschroefde aansluitingen zijn potentiële lekken. Ook de condensor is kwetsbaar, deze krijgt nogal eens een tik bij kleine aanrijdingen.

Met het oog op de Europese klimaatverplichtingen is ook de Europese Commissie op het sluipende probleem gewezen. Brussel onderzoekt momenteel het lekgehalte van het gehele Europese wagenpark. In verschillende Zuideuropese landen, die vanwege hun zonnige klimaat een veel hogere airco-dichtheid hebben, is het met het milieubewustzijn van de garagebranche droeviger gesteld dan in Nederland. Tijdens onderhoudsbeurten laten veel garagehouders de koelmiddelen - niet zelden van het kaliber harde cfks - onbekommerd wegstromen.

Door de bezorgdheid in Nederland over ozonlaag en klimaatverandering daalde de hoeveelheid koelmiddel van vierduizend ton in 1990 tot tweeduizend ton in 2000, mede door betere opleidingen van monteurs en technische verbetering van de vrieskisten in de supermarkten. 'Voor 2010 is andermaal een halvering voorzien', zegt Dijkstra, 'maar die prognose wordt nu al voor de helft tenietgedaan door lekkende auto-aircos.'

Het RIVM berekende dat in 2010 de autoairco omgerekend 0,5 Megaton (miljoen ton) zogeheten CO²-equivalenten de lucht inspuit. Doordat de airco op de motor loopt, moet daar ook nog 0,4 Megaton aan extra brandstofverbruik worden opgeteld. Deze 0,9 Megaton staat in schril contrast met de verplichting van Nederland om in 2010 40 Megaton minder CO² te lozen. De helft daarvan moet door maatregelen in Nederland worden bewerkstelligd.

Volgens Dijkstra kan het comfort van een airco makkelijk milieuvriendelijker worden bereikt. Hij ijvert al jaren voor een mengsel van isobutaan en propaan als koelmiddel. 'Geen schade aan ozonlaag of klimaat, terwijl de koeltechnische prestaties zelfs beter zijn dan die van hfk.'

Helaas is de automobielbranche tegen deze koelmiddelen die ook in de moderne koelkast hun koelende kunsten vertonen. Te gevaarlijk, want explosief, zeker bij ongelukken, oordeelt de branche. Dijkstra maakt gewag van rapporten die het explosiegevaar van het kaliber van twee spuitbussen relativeren. Ook zou een gescheiden airco-systeem het explosiegevaar van het mengsel kunnen verminderen.

Vooral de Duitse auto-industrie die veel naar de VS exporteert, is niettemin als de dood voor schadeclaims, weet Ron Henselmans, uitgever van het onafhankelijke vakblad Automotive Airconditioning Reporter. 'Men zet daar zijn kaarten geheel op het koelmiddel CO²', zegt Henselmans. Eventueel weglekken is dan volgens de autobranche niet erg, want met een beetje vernuft kan het CO²-koelmiddel uit de atmosfeer worden onttrokken. Het nadeel van het koolzuurgas is dat er bij veel hogere compressiedruk moet worden gewerkt, tot 150 bar. De automobielindustrie, verenigd in RAI, wil hard werken om de lekdichtheid van de airco te vergroten en wacht met name de CO²-airco uit Duitsland af.

'Autos met een koolzuur-airco zullen de komende jaren mondjesmaat in kleine series op de markt komen', zegt Henselmans. Omschakeling van hfk naar CO² is geen sinecure, benadrukt Henselmans, die zelf in de auto-airco-branche heeft gewerkt. 'Omschakeling is een enorme operatie met grote investeringen, want elk automerk heeft een eigen airco-systeem, waarachter een scala van toeleveranciers voor onderdelen schuilgaat', aldus Henselmans. Eind september organiseert hij zelfs een congres in Frankfurt over de materie.

Bij TNO Koudetechniek en warmtepompen in Apeldoorn denkt Miep Verwoerd dat het fenomeen adsorptiekoeling het energieverbruik van de airco kan terugdringen. Ook dit airco-systeem is hfk-loos, aldus Verwoerd die een aantal systemen tegen het licht hield. 'Net als bij de minibar op de hotelkamer wordt een dergelijk koelsysteem geruisloos aangedreven door warmte. Dat kan in een auto heel goed de warmte van de motor of desnoods de uitlaatgassen zijn.'

Meer over