Australiërs vrezen zwemploeg

Er was geen ontsnappen aan. De Nederlandse zwemploeg werd vorige week bij aankomst op het vliegveld van Sydney ontvangen door een peloton camera's van de Australische televisie....

De Nederlandse equipe is dan ook hot news. Sinds een paar jaar telt Australië in de zwemsport weer mee. Bij de Spelen verwachten de Australiërs dat hun helden Ian Thorpe, Michael Klim, en Susie O'Neill goud zullen oogsten. De Nederlandse zwemmers kunnen dat feest verstoren. In de Australische media wordt de 'vijand' nauwkeurig gevolgd.

Verhalen over doping doen het goed in de strijd. Niemand minder dan Susie O'Neill versterkte onlangs de geruchten rond Inge de Bruijn. De wereldrecordhouder op de 200 meter vlinderslag en een concurrent van 'Inky' zoals De Bruijn down under wordt genoemd noemde de prestaties van haar Nederlandse collega in de Australische media pretty suss, ofwel tamelijk verdacht. Na een storm van publiciteit bood de geschrokken O'Neill, die na de Spelen dolgraag IOC-lid wil worden, De Bruijn per e-mail haar excuses aan.

Boek gesloten, zou je zeggen. Maar de Australische pers, die dagelijks vele olympische pagina's en tv-rubrieken moet vullen, blijft maar terugkomen op de affaire. Slachtoffer De Bruijn bekent er langzamerhand een beetje moe van te worden. 'Nu weten we het wel.' Toch geeft ze iedere keer weer keurig commentaar, in uitstekend Engels, het resultaat van jarenlange trainingen in de Verenigde Staten bij zwemgoeroe Paul Bergen.

Ja, het is triest dat bij elk wereldrecord tegenwoordig vraagtekens worden gesteld, raffelt De Bruijn haar standaardantwoord af. En jazeker, ze heeft het publiekslieveling O'Neill allang vergeven. 'She's a great athlete!' Einde oefening.

Maar zo eenvoudig blijkt dat niet te zijn. Dinsdag stond opnieuw een hele batterij camera's de Nederlandse ploeg bij het zwembad van de universiteit van Newcastle op te wachten. Manager Stuart Allen, die deze weken als pr-waakhond fungeert, weet ze nog net buiten het complex te houden. Vier dagen later, afgelopen zaterdag, mochten ze dan eindelijk naar binnen. 'Voor deze ene keer dan!'

De vragen zijn niet van de lucht. Zomaar een greep.

'Wat horen we, Inge, zijn jij en Jacco vriend en vriendin?'

'Een coach mag schreeuwen naar zijn zwemmers, mag jij thuis ook naar Jacco schreeuwen, Inge?'

'Hebben jullie een boodschap voor het Australische volk?'

En de uitsmijter.

'Inge, is er een vraag die we nog niet gesteld hebben, maar die je wel graag zou willen beantwoorden?'

Alleen op de laatste vraag moet Inge na lang nadenken het antwoord schuldig blijven. De rest wordt kort doch beleefd beantwoord, zoals ook Pieter van den Hoogenband en wisselslagspecialist Marcel Wouda netjes hun werk doen.

Zichtbaar geamuseerd door de batterij aan camera's en microfoons die al hun woorden en gebaren genadeloos registreren.

'Ik zit toch al een tijdje in de zwemwereld, maar wat de laatste tijd gebeurt, heb ik nog niet eerder meegemaakt', vertelt Wouda. 'Eerlijk gezegd vind ik het allemaal een beetje overdreven. Wij zijn toch ook maar heel gewone mensen, hoor. Niks bijzonders.'

Daar is Peter Colquhoun van Channel 7, het Australische commerciële tv-station dat de olympische rechten bezit, niet helemaal zeker van. Hij wil het liefst met alle Nederlandse topzwemmers exclusieve interviews voor zijn tv-show Sports World. Colquhoun is rond Kerstmis speciaal naar Amsterdam gevlogen om toevallige passanten langs de grachten te vragen wat ze van de Nederlandse topzwemmers vonden.

Tot zijn verbazing wisten veel Amsterdammers amper waar hij het over had. Pieter van den Hoogenband een pin-up boy? Inge de Bruijn, is dat niet de zus van Eric, de discuswerper? Zonder enige schroom geeft Colquhoun zijn werkwijze toe. 'Ik heb zelf de meeste teksten geschreven van wat die mensen in Nederland voor de camera vertelden.'

Tja, de gekte rond zwemmen in Australië zal in het nuchtere Nederland niet gauw geëvenaard worden. Hoewel, technisch directeur Ad Roskam van de Koninklijke Nederlandse Zwem Bond (KNZB) was verbaasd over de enorme opkomst van de nationale pers bij het vorige trainingskamp, in het Zuidfranse Canet. 'Daar waren toch zomaar vijftien journalisten. Netjes op een rijtje zaten ze allemaal hetzelfde op te schrijven.'

Het lijken de Australiërs wel. Met één duidelijk verschil; de Nederlanders kennen de correcte spelling. Was getekend; Jacco Derhaeren, Inge Debriuyn en Pieter Vandenhoogenbarndt.

Meer over