Artikel 140

DE COMMISSIE-Schalken heeft harde kritiek geuit op het politieoptreden tijdens de Eurotop in Amsterdam. Maar terecht begint de commissie haar rapport met complimenten....

Op deze lof zat niemand te wachten. Wel op het opmaken van de rekening die Amsterdam voor de handhaving van de openbare orde heeft betaald aan de rechtsstaat. Die was te hoog, omdat de massale arrestaties en het uit de stad verwijderen van een groep Italiaanse demonstranten onrechtmatig waren.

Vooral hoofdofficier Vrakking moet het ontgelden. Deze magistraat, bij uitstek met de bewaking van rechtsstatelijke belangen belast, gaf de opdracht om op te treden op grond van het omstreden artikel 140 over deelneming aan een misdadige organisatie.

De inzet van 140 was nog verdedigbaar zolang de verwachting bestond dat de rechter een finaal oordeel zou geven over de rechtmatigheid van de aanhoudingen. Naar nu blijkt, zag justitie destijds al de onmogelijkheid in om de 380 bij kraakpand Vrankrijk opgepakte personen voor de rechter te brengen. Inmiddels zijn alle zaken geseponeerd, omdat er inderdaad geen spatje bewijs is. Daarmee laadt justitie de verdenking op zich misbruik van recht te hebben gemaakt. Vlak na de top heeft de Amsterdamse hoogleraar Rüter gesuggereerd om de hoofdofficier aan te klagen wegens wederrechtelijke vrijheidsberoving. Die suggestie is nu plausibel.

De Amsterdamse driehoek - burgemeester, hoofdofficier en korpschef - heeft zich grotendeels van de kritiek gedistantieerd. De heren erkennen alleen dat er wat schoonheidsfoutjes zijn gemaakt. Zij beloven geen beterschap, maar stellen koppig dat zij het in voorkomende gevallen weer zo zouden doen. Met deze opstelling zet de driehoek het vertrouwen in bestuur, justitie en politie op de tocht. De commissie-Schalken is weliswaar slechts een adviescollege zonder verdere bevoegdheid, maar haar rapport mag niet achteloos van tafel worden geveegd.

De toezegging van minister Sorgdrager het wettelijk instrumentarium uit te breiden met een op de aanpak van straatrellen toegesneden regeling, is puur opportunistisch. Als de gemoederen weer wat zijn bedaard, zal zo'n voorstel weinig handen op elkaar krijgen. De nieuwe wet zou immers de politie meer bevoegdheden moeten geven tot preventief optreden bij ordeverstoringen. Dit houdt het risico in van nog grotere willekeur bij arrestaties. Bovendien komen dan de bewegingsvrijheid en het demonstratierecht nog meer in het gedrang, waardoor de radicalisering bij actiegroepen alleen maar kan toenemen.

Meer over