Essay

Arnon Grunberg neemt het op voor Mark Rutte: ‘Omtzigt is Ruttes Monica Lewinsky: een detail dat hem niet ten val zou mogen brengen’

Rutte en Omtzigt tijdens een debat over het aftreden van het kabinet naar aanleiding van de toeslagenaffaire. Beeld ANP
Rutte en Omtzigt tijdens een debat over het aftreden van het kabinet naar aanleiding van de toeslagenaffaire.Beeld ANP

In Mark Rutte zag en ziet Arnon Grunberg een tegenhoudende macht die beschermd dient te worden. En zoals president Clinton niet mocht worden afgerekend op Monica Lewinsky, betoogt hij, zo zou de zaak rond Pieter Omtzigt niet Rutte ten val mogen brengen.

Op 13 maart 2002 presenteerde Pim Fortuyn (1948-2002) in perscentrum Nieuwspoort in Den Haag zijn boek De puinhopen van acht jaar Paars. Met die slogan hoopte hij ook de verkiezingen van 15 mei 2002 te winnen en dat leek aardig te lukken. Hoewel de periode tussen 1989, de val van de Muur, en 2001, de aanslagen van 11 september, een hoopvolle en welvarende periode in het Westen was, ondanks de slachtpartijen in het voormalig Joegoslavië, sloeg Fortuyns boodschap bij grote delen van de bevolking aan. Men geloofde dat de sociaal-democraat Wim Kok en de ‘gevestigde’ partijen, PvdA, VVD en D66, het land hadden veranderd in een rampgebied.

Fortuyn zocht die puinhopen voornamelijk in de zorg (wachtlijsten), hij leek het Kok en de zijnen kwalijk te nemen dat ziekte en dood überhaupt nog bestonden in Nederland. Daarnaast formuleerde hij als een van de eersten en behoorlijk effectief de vragen die Nederland en grote delen van het Westen de eerste twee decennia van deze eeuw zouden gijzelen: wie ben ik en wie is de vreemdeling? En als ik niet meer weet wie ik ben, dreig ik dan niet zélf vreemdeling te worden?

De Zweedse historicus Mikael Nilsson merkte onlangs in de Israëlische krant Ha’aretz op dat ‘alle politiek gebaseerd is op een bepaald soort grieven. Dat is waarom we om te beginnen deelnemen aan het politieke gevecht.’

Ik vond dat een inzichtelijke opmerking. Waar de grief, de klacht, ophoudt, houdt de politiek op. Dit impliceert ook dat het theater van de democratie – en democratie ís theater; waar zij spektakel wordt, ontaardt zij – ten dele bestaat uit het bespreken van grieven die al dan niet op feiten zijn gebaseerd. Politieke campagne voeren is tegen de kiezer zeggen: ik zie uw grieven, ik begrijp uw grieven en ik ga ze voor u oplossen.

Waar politiek is zijn grieven

We hebben al gezien dat die grieven nooit kunnen en mogen stoppen; waar politiek is zijn grieven, zodat ook een volstrekt geseculariseerde democratie een messianistische kern heeft. De Messias zal ooit komen, het paradijs komt na de volgende verkiezingen.

Onnodig te zeggen dat spelen met grieven (en dat is het politieke spel met de kiezer) krachten, namelijk woede, kunnen losmaken die niemand meer in de hand heeft.

Zoals Fortuyns ‘puinhopen van Paars’ wat mij betreft grotendeels op fictie berusten, zo meen ik dat Mark Rutte niet de rampzalige premier is waar velen hem, althans in mijn omgeving, voor houden.

Ja, zijn samenwerking met de antidemocratische PVV was een morele blunder, en dat is vriendelijk gezegd, maar daarop is hij niet afgerekend.

Om een premier te beoordelen, geen land is een eiland, zou men naar andere landen moeten kijken.

Het debacle van Cameron en oppositieleider Corbyn, die Europa en het Verenigd Koninkrijk de Brexit hebben geschonken, waarna de catastrofes May en Johnson volgden, is ons bespaard gebleven.

De lachwekkende Franse socialist Hollande en de corrupte Sarkozy, men zou de processen tegen hem moeten volgen, zijn ons bespaard gebleven.

De naargeestige implosie in de Italiaanse politiek die nu tijdelijk gered lijkt te worden door de voormalige president van de ECB, Draghi, is ons bespaard gebleven.

De levensgevaarlijke en antidemocratische Trump is ons bespaard gebleven.

Als politiek de kunst van het haalbare is, dan moet men een premier, of president, beoordelen op de catastrofes die níét hebben plaatsgevonden.

Visie

Men verwijt Rutte dat hij bijna trots is op zijn gebrek aan visie. Maar die trots heeft hij gestolen van de sociaal-democratische en onomstreden bondskanselier Helmut Schmidt (1918-2015), die verklaarde: ‘Wie visioenen heeft, moet naar de dokter.’

Ook politici als Merkel en Biden hebben weinig visie, en zijn vooral bezig schades te repareren. Macron heeft misschien visie, maar tot veel meer dan een bepaald soort breedsprakigheid leidt dat niet. Ik waardeer het dat Macron, vermoedelijk anders dan Rutte, de filosoof Walter Benjamin heeft gelezen, maar of dat Macron ook tot een beter politicus maakt, waag ik te betwijfelen.

En hoe zit het met de machtspolitiek? Waar politiek is, is machtspolitiek. Angela Merkel, voor mij en vermoedelijk voor veel progressieve mensen een heldin, is naast al het andere een uiterst sluwe machiavellistische politicus, die haar concurrenten op zijsporen heeft gemanoeuvreerd of heeft doodgeknuffeld en die de SPD heeft leeggegeten door zelf te regeren als een sociaal-democraat. En niet te vergeten: zij kon aan de macht komen door haar mentor Helmut Kohl (1930-2017) een metaforisch mes in de rug te steken. Toen hij stierf, hield zij een ontroerende toespraak. Men kan iemand metaforisch doden en toch geroerd zijn door zijn dood, iets waarvan we allemaal kunnen leren.

De toeslagenaffaire? Een schande, maar uiteindelijk is die schande erkend en wordt er iets van Wiedergutmachung uitbetaald. Een land als Amerika is veel minder geneigd zijn schandes te erkennen en te bespreken.

Belangrijk is ook dat deze affaire voortkomt uit een eigenschap die misschien niet typisch Nederlands is, maar die in Nederland wijder verspreid lijkt te zijn dan in menig ander land: de neiging niet te kunnen verdragen dat een buurman een voordeel geniet dat wij zelf niet genieten, stiekem een wet overtreedt die wij zelf niet durven te overtreden. Het verklikken zit vrees ik in de Nederlandse volksaard en de hardvochtigheid van de Belastingdienst weerspiegelt eerst en vooral de hardvochtigheid van het Nederlandse volk.

Catastrofe uitstellen

Ruttes uitspraak dat hij de grenzen wil sluiten als er weer een vluchtelingencrisis dreigt, was onvergeeflijke verkiezingsretoriek. Maar daarover is hij niet gevallen, omdat heel veel Nederlanders het daar helaas mee eens zijn. En ik houd het er maar op dat hij net als Macron en enkele van Macrons ministers de retoriek van extreem-rechts ten dele overneemt in de hoop zo dat kamp te verzwakken.

Mij is de strategie van de Duitse CSU liever, die partij zei over extreem-rechts: ‘Du kannst ein Stinktier nicht überstinken.’ (Je kunt nooit meer stinken dan een stinkdier.)

Zoals al aangestipt kan in mijn wereldbeeld het paradijs, noch maatschappelijk noch privé, worden bereikt, maar de catastrofe kan worden uitgesteld. Er is een ophoudende macht of tegenhoudende macht die die catastrofe tegenhoudt die we de katechon kunnen noemen, een begrip uit het Nieuwe Testament. Ik heb lang gevreesd, en dat vrees ik nog steeds, dat de destructie van Rutte (let wel: ik spreek over Rutte, niet zozeer over de VVD) de antidemocratische partijen, waartoe ik de PVV, FvD en JA21 reken, ten goede zal komen. De laatste opiniepeiling van Maurice de Hond wijst in die richting.

Een belangrijke les van Weimar is dat een onvolmaakte democratie kan worden uitgehold doordat links én rechts niet met die onvolmaakte democratie wensen te leven en het midden het verval wel best vindt. Een doorslaggevende reden voor mij om dat midden in deze tijd, waar en hoe zich dat midden ook voordoet, te ondersteunen.

Ophoudende macht

De ophoudende, tegenhoudende macht is per definitie een onvolmaakte macht, maar dient om strategische redenen wel beschermd te worden. Ik heb in Rutte lang de ophoudende macht gezien en dat doe ik nog steeds. Zoals ik dat overigens ook in Macron zie, hoewel ik een deel van zijn uitspraken en decreten verafschuw.

En dan de affaire die Rutte ten val heeft gebracht of dreigt te brengen, afhankelijk van hoe men ernaar kijkt.

De schrijver Milan Kundera schreef over de ingenieuze methoden van de toenmalige geheime dienst in het communistische Tsjechoslowakije om dissidenten af te luisteren en hun privégesprekken te openbaren. Dit was dodelijk voor de reputatie van menig dissident.

We mogen aannemen dat Rutte toen hij over Omtzigt sprak meende een vertrouwelijk gesprek te voeren. In vertrouwelijke gesprekken, ook als die een politieke of staatsrechtelijke context hebben, zegt men dingen die men nooit in de openbaarheid zou uitspreken. Het vertrouwelijke is eigenlijk per definitie grensoverschrijdend. Verkennings- of formatiegesprekken zijn in het democratische theater kleedkamergesprekken.

Men gluurt in het echte theater doorgaans ook niet in de kleedkamer.

Heeft Rutte gelogen? Zeker.

Mag dat?

Hier is sprake van een aardige analogie met Bill Clinton, een onvolmaakt politicus, net als Rutte, een machiavellist pur sang die voorafgaand aan de presidentsverkiezingen van 1992 naar zijn staat Arkansas vloog, waar hij gouverneur was, om zijn handtekening te zetten onder een bevel een zwakbegaafde man (Ricky Ray Rector) te laten executeren. Hij wilde laten zien dat hij tough on crime was. Het mensenoffer bestaat. Zoiets heeft Rutte nooit gedaan, maar we hebben ook geen doodstraf in de EU.

Toen echter de Republikeinse vechtmachine het onderzoek naar vermeende malversaties van de Clintons met onroerend goed in Arkansas liet ontaarden in een onderzoek naar de verhouding tussen Clinton en Monica Lewinsky, loog Clinton over die verhouding.

Het leidde tot een impeachmentproces van december 1998 tot en met februari 1999.

Messen in de rug

Voor mij was het toen en is het nog steeds duidelijk dat ik voor vrijspraak van Clinton zou hebben gepleit en voor vrijspraak zou hebben gestemd omdat een zittende president op zo’n detail (met alle respect voor Lewinsky) niet mag worden afgerekend.

Pieter Omtzigt is Ruttes Monica Lewinsky, waarmee ik niet wil suggereren dat Omtzigt en Rutte een seksuele relatie hebben onderhouden; dat kan, maar daar weten we niets van. Het gaat erom dat een dergelijk detail een in dit geval demissionair premier (of partijleider) niet ten val zou mogen brengen. Overigens heeft Rutte zijn excuses aan Omtzigt aangeboden, iets wat Clinton bij mijn weten tegenover Lewinsky heeft nagelaten.

Toen ik donderdag de antidemocratische partijen zogenaamd in naam van de democratie de messen in de rug van de premier zag steken, herinnerde ik me de Republikeinse vechtmachine onder leiding van Starr uit 1999 en ik wist genoeg. Toen ik mijn progressieve vrienden op Twitter de antidemocratische partijen voor een keer zag toejuichen, wist ik eveneens genoeg.

Het dier mens heeft de moraal uitgevonden om zijn bloedhondengedrag mee te excuseren.

Nooit heb ik op Rutte gestemd. De VVD is niet mijn partij, zal dat nooit worden.

Maar het bovenstaande in overweging nemend pleit ik met enige hartstocht voor vrijspraak voor Mark Rutte.

Meer over