Arjan Peters

ARJAN PETERS

God las maximaal drie boeken per jaar. Geen hoge score voor het Opperwezen, maar iets anders kan ik er niet van maken. Ik leid deze schatting af uit het Boekwoorden woordenboek van Dr. J. Ayolt Brongers, een 'handleiding voor boekensneupers', met verzamelaarsjargon en weetjes waar de zogeheten sneuper verzot op is (uitgever Bekking & Blitz; € 29,90). Daar las ik dat Simon Vestdijk drie boeken per jaar schreef. Adriaan Roland Holst noemde Vestdijk de man 'die sneller schrijft dan God kan lezen'. Voilà: God komt niet verder dan de Top 3 van het jaar. Misschien ook het verstandigst, als je het erg druk hebt.

De handleiding van Ayolt Brongers is een aanvulling en actualisering van edities uit 1989 en 1996. De alfabetische ordening veronderstelt een hoge mate van objectiviteit. Onder NB staat: 'Nota Bene (Latijn) let goed op!' en daar keek ik niet van op, maar onder betekenis 2 volgt de reden voor de opname van deze term in het overzichtswerk: 'Nationale Bibliotheek, in WO II de door de Duitse bezetter opgelegde naam van de Koninklijke Bibliotheek te Den Haag.'

Een leerzaam boekwerk, vooral voor een dilettantistisch sneuper als ik. Onder 'ezelsoor' vond ik dit: 'een ezelsoor aan een bladzijde van een gebeeldhouwd boek op een grafsteen (in België) duidt op een plotselinge dood van de daar begravene'. Wat een bijzonder gebruik (en waarom alleen in België?) en wat een mogelijkheden doemen hier op, ook voor de vaderlandse grafsteenbranche: niet alleen kunnen wij dat marmeren ezelsoor importeren, maar ook desgewenst het omslag afbeelden van het favoriete boek van de ontslapene.

Freud bezat 2.500 boeken, waarvan 146 titels een archeologisch onderwerp hadden. 'Is psychoanalyse een soort archeologisch onderzoek van de ziel?' poneert de auteur, en het is op die momenten dat zijn boek in een persoonlijk alfabet verandert.

Dat zegt iets over de verzamelaar in het algemeen, vermoed ik: die doet zich zakelijk voor, alsof hij slechts een collectie bijeen wil brengen en meer niet, maar achter die façade schuilt een zoeker die zichzelf in kaart wil brengen.

Ook bij de pretentieloze 'page turner' geeft de auteur zich bloot: 'te lezen aan het strand (geen problemen met zand en zee) of voor het slapen. Bij ons thuis noemen we dit 'vakantiepuin' (we hebben er een speciaal kastje voor).'

Een boekvernietiger heet ook wel biblioklast, een zo gewichtige titel dat het slopen van een flutboek bijna wordt aangemoedigd. Karl May krijgt onder uit de zak: dat was een oplichter. Bovendien hield Hitler van Mays boeken over Old Shatterhand en Winnetou. Dat kon May niet helpen, en zelfs niet weten (hij is gestorven in 1912), maar toch lijkt het een extra smet.

Een naslagwerk, aldus Ayolt Brongers, is een boek dat dient 'om even iets in op te zoeken, zoals dit. Het dient in principe niet voor lezing van begin tot eind, alhoewel dat soms heel aardig is.' Tot mijn vreugde kwam ik de namen van de klassieke sneupers Ed Schilders en Michaël Zeeman tegen, tussen omschrijvingen om van te genieten: een ideaal exemplaar, dat is 'vaak niet bestaand; dat de intentie van auteur en uitgever zo dicht mogelijk benadert'.

Idealen bestaan vaak niet; in zulke korte bewoordingen heb ik de vergeefsheid niet eerder vervat gezien.

undefined

Meer over