Arabische leiders, kom met een eigen plan

In het Amerikaanse visioen over een beter Midden-Oosten, vol democratie en vrije markt, kan regio voorlopig worden geschrapt: de Palestijnse gebieden....

Geen Arabische leider die gisteren niet zijn afschuw uitsprak. En als zij de Verenigde Staten al niet als medeplichtige aanwezen, toonden zij toch minstens ergernis dat Washington de liquidatie niet volmondig veroordeelde. Een voor de VS zeer onprettige sfeer zo vlak voor de top van de Arabische Liga in Tunis volgende week. Daar worden de Amerikaanse plannen aan een kritische blik onderworpen.

Dit Greater Middle East Initiative had al veel wrevel gewekt. De Egyptische president Mubarak en de Saudische kroonprins Abdullah hadden het al onaanvaardbaar genoemd dat hervormingen 'van buitenaf worden opgelegd'.

Dat arrogante optreden van de VS zonder de Arabische bondgenoten ook maar te raadplegen is de bron van de controverse, schreef de Financial Times dinsdag. Bij de bevolking misschien nog wel meer dan bij de leiders, zegt Mohammed Al Sayed Said van een Egyptisch onderzoekscentrum tegen die krant: 'We zien een groeiend wantrouwen en toenemende vijandigheid jegens de VS het wordt een van de belangrijkste dogma's in de regio.'

Dat is geen vruchtbare grond voor ingrijpende hervormingen in een regio waar westerse vrijheden geen wortels hebben. De argwaan wordt voor een belangrijk deel gevoed door de het drama van het Israsch-Palestijnse conflict. Simon Tisdall wijst in The Guardian op het grote belang dat de VS en Groot-Brittannirecies een jaar geleden hechtten aan een vredesregeling, de 'routekaart'. Blair was volgens Tisdall in een jubelstemming, zes dagen voor de oorlog met Irak. De routekaart was het bewijs dat hij een gunstige invloed had op Bush, dankzij zijn onvoorwaardelijke steun.

Het vooruitzicht: een vreedzaam Palestijns staatje en een democratisch Irak. Daarvan zou een heilzame invloed uitgaan voor heel het Midden-Oosten. Een jaar later is Irak het speelveld van aanslagplegers en is de routekaart op sterven na dood. De Palestijnse gebieden worden verder in de chaos gestort. Tisdall over Isra beleid: 'Afscheiding en terugtrekking is nu het devies, en Washington speelt het spel mee.'

Wat zegt dit over de vooruitzichten voor het idealistische project voor democratisering van het Midden-Oosten? Optimisme is onterecht gebleken. De omvang van het project blijkt vele malen groter dan gedacht. De ontregelende kracht van anti-democratische, terroristische groepen eveneens.

Enkele misvattingen in het Westen zijn pijnlijk duidelijk geworden. Het recept 'democratisering plus vrije markt brengt stabiliteit' is niet universeel. De Amerikaanse hoogleraar Amy Chua (Yale) betoogt zelfs het tegenovergestelde in haar recente boek World on Fire: het lukraak opleggen van vrije markt en democratie leidt vaak tot chaos en geweld. Etnische haat krijgt vrij spel, waarvan minderheden (zij richt zich vooral op handeldrijvende immigrantengemeenschappen) het slachtoffer worden.

Een andere misvatting is dat de westerse democratiehet logische en enige voorbeeld vormen bij hervormingen die de burgers vrijer en welvarender moeten maken. De Britse hoogleraar John Gray haalt dit idee onderuit in zijn boek Al Qa'ida en de moderne tijd. De drang om de rest van de wereld te vormen naar het eigen evenbeeld, of het eigen ideaal, is een vloek.

De gangbare gedachte dat de moslimwereld is blijven steken in de Middeleeuwen en 'gemoderniseerd' moet worden, is fout. De modernistische ideologievan vooruitgang en verandering zijn terug te vinden bij Al Qa'ida, zowel als het Westen (Gray keert zich tegen de ideologie dat de mondialisering altijd noodzakelijk en heilzaam is). Al Qa'ida heeft een utopie voor ogen van een toekomstig kalifaat. Bin Ladens aanhangers zijn niet alleen modern omdat ze het internet weten te gebruiken, maar vooral in hun gruwelijke idee een nieuwe mens te vormen. Daarin lijken ze meer op Pol Pot dan op moslims, schrijft Gray.

Dat modernisme heeft een grote aantrekkingskracht op mensen die zich vernederd voelen, bijvoorbeeld door de dagelijkse beelden van geweld in de Palestijnse gebieden. Pogingen van als vijandig geziene naties om vrijheden te brengen, hebben dan een paradoxaal effect. Die vrijheden zelf worden verworpen. Als die spiraal eenmaal draait, zijn van buitenaf gestimuleerde hervormingen tot mislukken gedoemd.

De Arabische leiders zijn de enigen die een tegenwicht kunnen vormen, door een eigen hervormingsprogramma te propageren. Maar de leegte aan idee het ontbreken van een theologisch of politiek antwoord aan Bin Laden is juist een van de oorzaken van de destructieve woede in het Midden-Oosten. De leiders hebben onder druk van de VS kleine hervormingen doorgevoerd, maar in Tunis kunnen zij niet komen met het beste verweer tegen inmenging: een eigen plan.

Meer over