Apart is uit

Apart is uit. Tot voor kort werden vrouwen, homo's of allochtonen die zich organiseerden welwillend ontvangen. Het oprichten van eigen organisaties werd gezien als een bijdrage aan de emancipatie....

Pieter Hilhorst

Lotgenoten bundelen hun krachten om beter voor hun gezamenlijke rechten te kunnen strijden. Inmiddels is het tij omgeslagen. De oprichting van de Arabisch Europese Liga Nederland werd door velen niet gezien als een teken van emancipatie, maar als een bedreiging van de integratie. Mensen moeten zich niet opsluiten in hun eigen gemeenschap. Zeker niet als binnen die gemeenschap een grote ongelijkheid bestaat tussen mannen en vrouwen of hetero's en homo's. Eigen organisaties dwarsbomen zode ontplooiing van het individu.

De afkeer van aparte organisaties heeft ook invloed op het subsidiebeleid. Arnhem heeft vorig jaar al besloten alle steun aan allochtone organisaties in te trekken omdat ze geen bijdrage leverden aan de integratie. De gemeente Amsterdam gaat nu dezelfde kant op. Het gemeentebestuur is voornemens de steun te staken aan Marokkaanse Vrouwenvereniging Nederland, de Turkse vrouwenvereniging Nederland en Stichting Sitara voor Hindoestaanse vrouwen. Ook het COC, het homo/lesbisch documentatiecentrum en het Emancipatiebureau krijgen geen geld meer.

Deze voorgestelde bezuinigingen komen niet alleen voort uit geldnood. Het is een expliciete afwijzing van een verzuild model van emancipatie. Binnen dat model is organisatie in eigen kring een opstap voor deelname aan de maatschappij. Tegenstanders van het verzuilde model menen dat deze aparte organisaties mensen juist vervreemdt van de samenleving. Als een Turkse jongere naar een islamitische school gaat en naar een Turkse voetbalclub en naar een Turkse kapper bij de moskee, kun je niet verwachten dat hij veel loyaliteit voelt met de Nederlandse samenleving.

De misvatting van de tegenstanders van het verzuilde model is echter dat ze geloven dat als deelname aan verzuilde organisaties wordt bestreden minderheden vervolgens actief zullen worden in algemene organisaties. In werkelijkheid is het alternatief voor een verzuilde organisatie meestal sociaal isolement. En de politicologen Jean Tillie en Meindert Fennema hebben laten zien dat juist dat funest is voor het vertrouwen in de Nederlandse samenleving. Zolang de keuze voor een kleine Turkse voetballer is nog steeds is een Turkse club of geen club, heeft afwijzing van het verzuilde model een averechts effect. De realiteit is nu eenmaal dat de drempel bij eigen organisaties lager is dan bij algemene clubs. De Marokkaanse, Turkse en Hindoestaanse vrouwenorganisaties bereiken vrouwen die het gewone welzijnswerk niet bereikt. Het stoppen van de subsidie aan deze organisaties werkt dus nietbevrijdend, maar sluit de vrouwen juist op in hun gemeenschap.

Voor de AEL geldt hetzelfde. Afgelopen week heeft die organisatie flinke tegenslagen te verwerken gekregen. Bij de verkiezingen in België kreeg de partij van Abou Jahjah amper stemmen. In Nederland is een bestuurslid van de AEL door de politie opgepakt vanwege verdenking van handel in gestolen laptops en van diefstal met geweld. En bovendien trok de beoogde voorzitter Mohammed Cheppih zich terug als kandidaat voorzitter omdat hij 'zijn draai niet kon vinden'. Mensen die in de beweging een vijfde colonne zien, waren verheugd over zoveel geklungel.

Toch is dat leedvermaak misplaatst. De AEL heeft honderden Marokkaanse jongeren geïnspireerd om actief te worden. De tribunes bij de debatten van Abou Jahjah zaten overvol. Dat waren voor het overgrote deel jongeren die zich tot nu toe niet met politiek bemoeiden. Het zou pijnlijk zijn als zij zich weer wrokkig terugtrekken uit het publieke debat. Het is dus de hoop dat de AEL snel een nieuwe voorzitter vindt. Maar hopelijk is dat dan wel iemand die minder religieus is dan Cheppih. Hij leek namelijk meer geïnteresseerd in de verspreiding van de blijde boodschap van de islam dan in het behartigen van de belangen van migranten. Hij leek niet te beseffen dat de uitsluiting van migranten vaak weinig met de islam te maken heeft. Het heeft bijvoorbeeld te maken met lage verwachtingen van leraren ten aanzien van migrantenkinderen. Het heeft te maken met discriminatie op de arbeidsmarkt. En voor het bestrijden van deze onrechtvaardigheden heb je meer aan de Nederlandse grondwet dan aan de Koran. De nieuwe voorzitter van de AEL zou dan ook vooral zijn achterban moeten stimuleren gebruik te maken van de talloze mogelijkheden die migranten hebben om hun stem te laten horen. Hoe komt het dat er op al die zwarte scholen amper allochtone ouders in de medezeggenschapsraad zitten? Waarom zit de zaal wel vol met allochtonen bij een debat met Abou Jahjah, maar niet bij een discussie over de hoge schooluitval op het VMBO?

Daar moeten de AEL en andere allochtone organisaties wat aan doen. Niet klagen, maar in actie komen. Dan leiden aparte organisaties niet tot apartheid, maar tot volwaardige participatie.

Meer over