Ander mans ramp

Klokhuis-presentator Maurice Lede ( 28 ) maakte een documentaire over

Op 7 juni 1989, morgen 25 jaar geleden, stortte vlucht PY 764 van luchtvaartmaatschappij SLM neer bij De Zanderij, 40 kilometer ten zuiden van Paramaribo. Door een inschattingsfout van de piloten vloog het vliegtuig te laag, raakte een boom en draaide om de lengteas. Van de 187 inzittenden overleefden er 11. Ook aan boord: het Kleurrijk Elftal, een gelegenheidsteam dat in Suriname een voetbaltoernooi zou spelen.


Maurice Lede is nu presentator van Het Klokhuis, maar was toen 3 jaar oud en verloor zijn neef, de talentvolle voetballer Andy Scharmin en twee tantes, Ilse en Renette. Hij herinnert zich niets van dat moment, maar werd zich gaandeweg bewust van de impact die de SLM-ramp op zijn familie heeft gemaakt. Niemand praatte erover en zo vormde zich langzaam een lelijk litteken. Daar kon Lede, zoon van een Nederlandse moeder en een Surinaamse vader, geen genoegen mee nemen. Hij besloot met zijn vader naar Suriname te gaan en een documentaire te maken van de reis: Wrakstukken.


Zoals zo veel jongens wilde Lede profvoetballer worden. Hij kwam er al snel achter dat er voetbaltalent in de familie zat: zijn neef Andy had bij FC Twente gevoetbald en was aanvoerder van Jong Oranje geweest. 'Als ik aan vriendjes vertelde wie Andy was en dat hij was omgekomen bij een vliegtuigongeluk in Suriname, keken ze me altijd onwetend aan. Niemand had van de SLM-ramp gehoord. Dat heeft me altijd gestoord. Ik voelde de pijn van mijn familie en de rest van de mensen om mij heen had geen idee.'


Zeven jaar geleden, toen zijn carrière in de televisiewereld begon, besloot hij een film te maken over de ramp, zodat het onderwerp niet in de vergetelheid zou raken. Maar dat was niet het enige doel: Lede hoopte dat door het maken van de documentaire het onderwerp bespreekbaar zou worden in zijn familie.


Niemand van hen was sinds de ramp in Suriname geweest. Zijn neef en nicht waren sceptisch, toen hij hen twee jaar geleden over zijn plan vertelde. Ook zijn vader keek op tegen de reis, maar liet zich toch overhalen. Toch twijfelde Lede zelf ook. 'Moet ik dit mijn familie wel aandoen, dacht ik. Moet ik al dat leed wel aanboren?'


Zelfs nu de film af is, staat hij daar nog bij stil. 'Een meisje stuurde me een bericht dat ze haar vader had verloren bij de ramp. En ik zei dat het vervelend was dat ik nu weer allerlei gevoelens oprakelde. Toen schreef ze: pijn doet het toch wel, laten we het dan maar met z'n allen delen. Dat vond ik een heel mooie uitspraak.'


De kijker volgt het hele proces van de reis. Het verhaal begint op Schiphol. In Suriname spreken ze ooggetuigen, nabestaanden en betrokkenen en bezoeken ze de monumenten en de plek van de ramp. Ook zijn er gesprekken te zien met overlevenden en familieleden van Lede in Nederland en brengen ze een bezoek aan het graf van Andy Scharmin en diens moeder en tante in Deventer.


Vorige week was de viewing voor de familie. In een zaaltje van producent Bosch Film in Amsterdam zag bijna veertig man de beelden voor het eerst en zag Lede hoe de film door hen werd ontvangen. 'Iedereen was zenuwachtig. Ik natuurlijk ook. Velen hadden niet goed geslapen de dagen daarvoor. Wat gaan we zien? Hoe confronterend zal het zijn? Er kwamen veel emoties los.


'Mijn nichtje zat helemaal stuk omdat ze zag wat er met haar oma was gebeurd. Ik kon zien hoe ze zich bewust werd van de geschiedenis. Dat proces voltrok zich voor mijn ogen. Er werd een taboe doorbroken doordat ik die film heb gemaakt.'


Nu zit hij met zijn vader Ron in een café in Amsterdam-West om terug te kijken op het project. Beiden dragen een goed overhemd voor de foto, Maurice (28) met felgekleurd patroon en het bovenste knoopje dicht, zijn vader (70), die uit Alkmaar is komen rijden, een blauw-wit gestreepte versie. Ze zitten dicht bij elkaar en luisteren aandachtig als de ander spreekt. Af en toe, het zal de macht der gewoonte zijn, neemt Maurice Lede de rol van interviewer over. 'Hoe heb jij de viewing ervaren? Wij hebben het er door de drukte eigenlijk nog helemaal niet over gehad.'


Ron: 'Ik vond het goed overkomen. Het is een eerlijke weergave van de reis, een waarheid. Ik vond het raar om mezelf te zien in deze moeilijke situatie. Ik had geen idee hoe het eruit zag als ik bang of verdrietig was.'

Hoe hoorde u dat uw neef en zussen overleden waren?

'Ik werd op mijn werk gebeld door mijn oudste broer. Ik dacht al dat er iets was, want hij belt mij nooit op mijn werk. Hij vertelde wat er was gebeurd en toen ben ik meteen naar mijn ouders gegaan. Vanaf dat moment ben ik drie weken van huis geweest om alles te regelen. Er was veel papierwerk.


'Mijn zusjes en neef waren natuurlijk nog niet langs de douane geweest in Suriname, dus ze moesten eerst worden ingeschreven en daarna weer uitgeschreven. Vervolgens moesten ze hier worden geregistreerd als overleden. Er waren drie gezinnen getroffen door het verlies. Ze leunden allemaal op mij. Je moet bij dit soort situaties een muur om jezelf heen bouwen om jezelf en anderen te beschermen. Achteraf heb ik mijn verdriet verwerkt in stilte.'

Waarom heeft u, toen Maurice wat ouder was, nooit met hem over de ramp gesproken?

'Dat is moeilijk te zeggen. Ik heb nooit het goede moment gevonden. Hij wist natuurlijk allang wat er was gebeurd. Het zit niet in mij om over verdriet te praten. Je weet hoeveel pijn het nog doet bij de anderen, dat wil je niet oprakelen. Ik wil het niet goedpraten, maar dat is hoe de dingen gaan.'

Heb jij je vader anders leren kennen?

'Ja, vooral in het vliegtuig zag ik een angst in zijn ogen die hij mij niet eerder had laten zien. Je kunt altijd op hem bouwen, hij cijfert zichzelf graag weg. Dat is zijn manier om ermee om te gaan. Ik heb hem één keer eerder verdrietig gezien, toen zijn moeder overleed. Hij zat te huilen op bed. Dat heeft echt indruk op me gemaakt. Daarna hebben we veel begrafenissen samen meegemaakt, maar hij bleef altijd sterk.


'Ik ben zelf vrij emotioneel, dus voor mij is het moeilijk als iemand dat niet laat zien. Op Schiphol interviewde ik hem en in het vliegtuig hadden we een lang gesprek, maar ik kon zijn leed nooit echt vangen. Tijdens de landing zette ik de camera op hem en toen zag ik opeens hoe hij zich zat te verbijten van de angst. Dat is dubbel, omdat ik het sneu vond om hem zo te zien, maar het was wel een pure, echte reactie.


'Ik ben in Suriname echt streng geweest, heb veel doorgevraagd. Zeg nou hoe je je écht voelt. Vertel eens hoe het was om de hele familie te ondersteunen. Als ik normaal iemand interview, ben ik natuurlijk heel beleefd, maar tegen mijn vader kon ik wat harder zijn. Nee, nee, hier wil ik het niet over hebben, zei ik dan.' Lachend: 'Ik merkte dat ik een naar mannetje werd.'


Ron: 'Als hij een doel heeft, moet alles daarvoor wijken. Dat heeft hij altijd gehad.'

In Suriname was ook behoorlijk veel doorzettingsvermogen nodig. Het was moeilijk om mensen daar te spreken over de ramp. Hoe komt dat?

Maurice: 'Ik denk dat het een cultuurverschil is. Hier zijn mensen vrij snel bereid over hun gevoel te praten voor de camera. Daar helemaal niet. Een programma als Hello Goodbye zou je in Suriname niet kunnen maken. Mensen waren huiverig om met me te praten. Met een camera erbij was het erger, helemaal als ik over de SLM-ramp begon. Mensen willen niet namens andere mensen praten. Je mag niet zomaar over het verdriet van een ander spreken.'

Wat was het indrukwekkendste moment van de reis?

Maurice: 'Toen we op de plek stonden waar het vliegtuig was neergestort. Eerst zagen we alleen een zandvlakte, maar later liet een buurtbewoner ons een kuil zien waar nog brokstukken in lagen, zwartgeblakerde delen van de motor onder meer. Op dat punt wordt de ramp pas tastbaar.'


Ron: 'Ja, want je heb alles van horen zeggen. Nu zie je met eigen ogen de onderdelen.'


Maurice: 'Dat die onderdelen er nog liggen, is natuurlijk ongelooflijk. Je kunt je niet voorstellen dat in Nederland 25 jaar na dato nog brokstukken liggen op de plaats van de ramp. Mijn neef en tantes zijn in Nederland aan boord gestapt van een vliegtuig, een ding van staal. Ze verongelukken hier ver vandaan. Datzelfde vliegtuig raken wij aan, de motorblokken, al die jaren later en kilometers verder.'


de SLM-vliegramp in Suriname. Met zijn vader Ron ( 70 ) bezocht hij


de onheilsplek uit 1989


en hoorde hem uit.


Kleurrijk Elftal


Toen de SLM-ramp in 1989 plaatsvond, ging de aandacht voornamelijk uit naar de slachtoffers van het Kleurrijk Elftal, het gelegenheidsteam van Nederlandse profvoetballers van Surinaamse afkomst. Vijftien voetballers kwamen om. Drie overleefden het ongeluk: Sigi Lens (Fortuna Sittard), Edu Nandlal (Vitesse) en Radjin de Haan (Telstar). Brian Wilsterman (GA Eagles) zou meegaan, maar moest in Nederland nacompetitie spelen. Aron Winter kreeg geen toestemming van Ajax. Jerry Simons (SVV) nam een vlucht eerder, omdat zijn moeder een naar voorgevoel had.

Meer over