'Als ik op een voetbalveld sta, ben ik gelukkig'

Op zoek naar een harde hand kwam de Duitse topclub SV Werder Bremen terecht in Brabant. Daar wachtte Aad de Mos (47) na zijn ontslag bij PSV geduldig op een nieuwe club....

PAUL ONKENHOUT

'WE NEED a dictator', zei de voorzitter van Olympiakos Piraeus, en Aad de Mos, zonder werk op dat moment, kreeg in het voorjaar van 1993 een vorstelijke aanbieding. De Mos zei nee. Niet omdat hij geen dictator zou zijn, maar omdat de Griekse competitie hem niet bekoort.

De Griekse reder is niet de enige geweest die hem dictatoriale eigenschappen heeft toegedicht. Tal van spelers die hij onder zijn hoede had, deden hetzelfde. Slechts een enkeling had goede woorden voor hem over. Messcherp was vaak de kritiek. Heb ik geen moeite mee, zei De Mos steevast.

Ex-PSV'er Wim Kieft, vorig jaar in Vrij Nederland: 'De Mos is gewoon de belichaming van alle negatieve factoren zoals je die in het voetbal kunt meemaken.' Anderlecht-speler Marc Degryse, vorig jaar in de Volkskrant: 'Boetes geven, daar is De Mos goed in.' Kieft: 'Na drie dagen hadden we vorig jaar al door wat we aan hem hadden. Onbetrouwbaar.'

Onmiddellijk komt het beeld weer tot leven van De Mos die in mei 1988 in het Meinau-stadion in Straatsburg verdwaasd reageert op de triomf van KV Mechelen over Ajax, in de finale van de Europa Cup der bekerwinnaars. Drie jaar na zijn ontslag bij Ajax volgde zijn revanche, een 1-0 zege en een opgestoken middelvinger in de richting van de Amsterdamse delegatie op de tribune.

Spijt had hij nimmer van het opzienbarende gebaar. 'Als ik me ga inhouden, krijg ik een hartinfarct' (in NRC Handelsblad). Er was ditmaal alle reden toe, vond hij.

'Ik werk niet op basis van rancune, al kan het een aardig pepmiddel zijn, maar in het geval van Ajax werd ik daar wel door gedreven' (in HP/De Tijd). Dat was niet geheel onbegrijpelijk. Het college-Harmsen had hem in 1985 de deur gewezen op een moment dat Ajax de titel voor het grijpen had. De Mos werd luiheid verweten door voorzitter Harmsen. 'Hij ligt vaker op het strand dan dat hij op het veld staat.' Het was een onterecht verwijt.

In het harmoniemodel heeft De Mos nooit geloofd. Al die jaren heeft hij in de voetbalwereld slechts Ger Lagendijk, zijn zaakwaarnemer en invloedrijk adviseur, zijn vertrouwen gegund. 'Ik ga er altijd van uit dat veertig procent van de spelers vóór je is. De rest is tegen.'

Een goede coach, vindt De Mos, is wantrouwig. 'In de voetballerij vecht je dagelijks tegen jaloezie en ondermijning. Je moet altijd alert blijven.'

Een andere uitspraak, veel geciteerd: De trainer is er om ontslagen te worden. 'Maar ontslag doet meer pijn dan welke nederlaag ook.'

Aatsjuhh (eigenlijk Adri) uit de Haagse Schilderswijk was ooit onderwijzer en raakte bij ADO onder de indruk van de evenmin milde Happel. 'Maar hij heeft me niet gevormd. Dat heb ik zelf gedaan.' Drie maal werd hij als hoofdtrainer ontslagen, door Ajax (1985), Anderlecht (1992) en PSV (1994). Alleen bij KV Mechelen stapte hij uit eigen beweging op.

Het bestuur van Werder Bremen heeft de ontslagen voor lief genomen en een andere zijde van De Mos bekeken, die van de succesvolle coach. Hij won in twee landen drie landstitels, één dubbel (met Ajax), een Europa Cup voor bekerwinnaars en een Super Cup. In België kwam hij als oefenmeester tot volle wasdom.

'De Stalen Snor', werd hij in België ooit genoemd. Maar de snor is er inmiddels af. Bijna had hij het Nederlands elftal in 1990 op het WK in Italië terzijde gestaan. De KNVB koos voor Beenhakker en De Mos zei geprikkeld dat zijn tijd bij Oranje nog wel zou komen.

Vooral met het bescheiden KV Mechelen, financieel ondersteund door voorzitter Cordier, presteerde hij in die jaren opzienbarend. Anderlecht lokte hem vervolgens naar Brussel, maar de spelersgroep en later het bestuur keerden zich snel tegen hem. 'Na een half jaar zijn de spelers op De Mos uitgekeken', zei sterspeler Degryse. 'Dan is zijn kunstje uitgewerkt.'

Miljonair is De Mos reeds lang. Graag vertelt hij de anekdote dat hij als jongen een zakcentje verdiende door lijnen te trekken op de velden van ADO. Hij kreeg vier gulden per veld, en ADO had vier velden. De Mos deed het klusje graag: 'Als ik op een voetbalveld sta, ben ik gelukkig.'

Paul Onkenhout

Meer over