Als denker een reus, politiek een kleuter

Sinds 1932 is geen integrale biografie meer verschenen van mr. Guillaume Groen van Prinsterer (1801-1876), pionier en leider van de protestants-politieke evolutie in de negentiende eeuw....

Jan Joost Lindner

Dat leek een veelbelovend project na Kuipers voortreffelijke Herenmuiterij, een boek uit 1994 over de opstand van (adellijke) 'dubbele namen' in Abraham Kuypers ARP, die later tot de CHU leidde. De biografie van Groen valt echter tegen. Kuiper weet deze serene, nogal huiselijke man (ook zijn meubels zijn Biedermeier) onvoldoende tot leven te wekken en hij heeft als filosoof en historicus te eenzijdig aandacht voor kerkelijke en theologische perikelen van die tijd. Dat zal het boek voor veel niet-protestanten moeilijk verteerbaar maken.

Groen was als zelfstandig en origineel denker een reus, maar als politicus een kleuter. Hij was in opstand tegen de democratische en mercantiele 'grondtoon' van zijn eeuw en verlangde terug naar het dappere Holland van de zeventiende eeuw, dat omwille van het ware geloof tegen de Spanjaard streed. Nederland moest die ware geest weer terugvinden en dat vroeg veel meer elan en andere politiek dan de conservatieven van zijn tijd verlangden.

Een van de consequenties was de 'schoolstrijd' voor echt bijbels onderwijs, het hart van de Anti-Revolutionaire politiek. Maar vaak stond Groen alleen, in bittere teleurstelling, omdat de paar geestverwanten in het parlement ook deze strijd lieten rusten. Terwijl een van hen, minister-president J.J.L. van der Brugghen, zelfs door compromissen verraad pleegde aan het hoge ideaal.

Pas de veel praktischer politicus Abraham Kuyper zou op Groens oude dag de fakkel overnemen en van de AR een succes maken. Waarna opvalt dat delen van Groens gedachtegoed - met name de theocratische - in de ARP 'overkuyperd' worden en pas in de CHU en de SGP weer opduiken.

De schoolstrijd zelf en andere hoogtepunten in Groens leven krijgen hier toch te weinig emotioneel reliëf. Zoals Groens moedige brochure tegen zijn directe werkgever koning Willem I over diens barse vervolging van de afgescheidenen uit de Hervormde Kerk. Het kwam niet meer goed tussen beide mannen, maar Groen trotseerde ook de hele openbare mening, zelfs die van de progressieve Thorbecke.

Interessant is ook Groens oppositie in het parlement tegen Thorbeckes eerste en zo vruchtbare kabinet (1849-1853). De auteur maakt wel erg veel van Groens 'Engelse' oppositiestijl (nieuw voor Nederland), want de ARP was nog maar een splinterpartijtje. Maar Thorbecke, die - nogal individueel - heel het Nederlandse bestuur op de schop nam, ergerde zich behoorlijk aan Groens (plausibele) verwijt dat het kabinet verder weinig daadkracht en eenheid kende.

'Vroome damp en nevel' noemde Thorbecke deze oppositie, maar die maakte toch indruk in intellectueel Nederland. Het is een voorbeeld van Groens niet aflatende, en vaak vergeefse strijd tegen de 'Hollandsche laauwhartigheid'.

Meer over