Alles wijst op one-man-show van Armstrong

De suggestie om vanaf 6 juli vanuit startplaats Luxemburg dan maar meteen naar Parijs te fietsen en hem aldaar de laatste gele trui uit te reiken, lacht Lance Armstrong weg....

In de mini-Tour de France - de Dauphiné Libéré - kan deze week wellicht iets gebeuren. Zo concluderen/hopen zekere volgers van die Franse etappekoers op basis van de proloog van zondag: in Lyon besloot Armstrong de 3,8 kilometer tegen de klok pas als de nummer vijf.

De Australiër Bradley McGee, een hardrijder die ooit werd begeerd door de Nederlandse Rabo-ploeg, trok in Lyon als eerste de leiderstrui van de Zuid-Franse etappekoers aan. Maar erg waarschijnlijk is het niet dat de laatste trui iemand anders dan Lance Armstrong toevalt.

De 30-jarige Amerikaan in de Franse sportkrant L'Équipe van gisteren: 'Ik ben op dit moment beter dan vorig jaar rond deze tijd. Ik weeg nu 74 kilo, precies mijn gewicht voor de juiste vorm in de Tour de France. Ik ben iemand die het nodig heeft om te winnen. Ik heb honger naar winst.'

Dat belooft weinig goeds voor de concurrentie deze week en mocht er onverhoopt iets mis gaan dan beloven deze woorden van Armstrong al helemaal weinig goeds voor de concurrentie tijdens de Tour de France. Zo er in de 99ste Ronde Van Frankrijk al sprake kan zijn van tegenstand.

Exclusief de ONCE-ploeg van Joseba Beloki (twee jaar achtereen de nummer drie van de Tour), de Telekom-ploeg van Jan Ullrich (geblesseerd, doet niet mee aan de Tour) en de Rabobank-ploeg van kopman Levy Leipheimer (de Amerikaan die zich, naar voorbeeld van oud-ploeggenoot Armstrong, al maandenlang 'verstopt' voor de Tour) heeft de Texaan deze week te maken met vrijwel alle uitdagers die hem van een vierde Tourzege willen afhouden.

Die uitdaging lijkt steeds meer illusoir. Dat Ullrich de strijd niet aan kan gaan werd begin mei bekend. Even later werd duidelijk dat ook de Italiaan Gilberto Simoni (volgens Armstrong zélf zijn grootste uitdager) niet aan de Tour zal deelnemen wegens dopingperikelen. Rest de Spaanse tegenstand.

Of de klimmersploeg van Kelme aan de Tour deelneemt, is maar zeer de vraag. De oudste wielersponsor (sinds 1980) is in grote financiële problemen geraakt. Zo ernstig zijn die problemen dat renners nu al maandenlang op hun geld wachten. Het grote Kelme-talent Oscar Sevilla (met zijn zevende plaats beste jongere tijdens de Tour van vorig jaar, tweede in de Vuelta) verscheen zondag in Lyon aan de start maar of de 25-jarige Spanjaard nog lang het groene Kelme-shirt draagt, is hoogst twijfelachtig.

De dag tevoren domineerde Kelme de klimmerswedstrijd La Classique des Alpes op ongeëvenaarde wijze. Hand in hand gingen de Colombiaan Santiago Botero (winnaar) en Oscar Sevilla in de regen van Aix-les-Bains over de streep.

Dat er met zijn ambities niets mis is, onderstreepte Sevilla een dag later door in Lyon een uitstekende proloog van de Dauphiné Libéré te rijden. Die proloog zou vermoedelijk een prooi zijn geworden voor de Fransman Christophe Moreau, ware het niet dat hij tijdens de amper vier kilometer lek reed.

Dat alles gebeurde in Lyons stadspark Tête d'Or, tevens vestigingsplaats van Interpol. Waar de zon inmiddels terrein won na een ultra-natte juni-week in Zuidoost-Frankrijk. En waar Lance Armstrong (nog altijd is een Frans justitieel dopingonderzoek uit 1999 niet gesloten) zich zelfs door Interpol niet aangevallen wist.

Meer over