Alles is verdacht, zelfs de watermeloenen

Midden in de nacht houden de Moskovieten de wacht voor hun bedreigde flatgebouwen. In de Russische hoofdstad brengt de paniek de mensen dichter bij elkaar....

Een donkere laan met populieren druipend van de regen, flatblokken met stille binnenplaatsen, de stoep vol met auto's, geparkeerd voor de nacht. En onder een afdakje op een van die binnenplaatsen gloeit het puntje van een sigaret.

'Papieren!' Sergej, Slava en Oleg, jongens van een jaar of vijfentwintig met brede schouders en waakzame ogen, hebben vannacht de eerste wacht. 'We controleren vreemde auto's en mensen die hier niets te zoeken hebben,' zegt Sergej. De bewoners van Tsjapajevlaan nummer 6 laten niets meer aan het toeval over. Twee flatgebouwen zijn er al door bommen weggevaagd, dat van hun mag niet het derde worden. Dus staan ze in de regen, en roken, om de slaap te verdrijven.

De angst voor aanslagen heeft de Moskovieten, die meestal geen idee hebben wie hun buren zijn, in elkaars armen gedreven. Overal hebben bewoners samen burgerwachten gevormd om hun huizen te beschermen. Volgens een enquete van het radiostation Echo Moskvy is 63 procent van de mensen bereid hun nachtrust op te offeren om wacht te lopen. Soms zijn het niet meer dan baboesjka's, die eindelijk een excuus hebben om nieuwsgierig uit het raam te turen; soms hele patrouilles, die auto's doorzoeken en mensen alleen doorlaten als ze het wachtwoord kunnen noemen.

Moskou verkeert op het randje van paniek. Sinds bekend werd dat Tsjetsjeense terroristen erin zijn geslaagd twintig ton van het explosieve witte poeder hexageen als zakken suiker de stad in te smokkelen, voelt niemand zich meer veilig.

Het grootste deel van de explosieven is teruggevonden, maar zo'n duizend kilo is nog altijd zoek. Alles is verdacht: geparkeerde bestelbusjes, een op het station achtergelaten koffer, zelfs de watermeloenen die op alle straathoeken worden verkocht.

Hier en daar hebben flatbewoners kruislings plakband over alle ruiten geplakt, als bij een bombardement, zodat bij de volgende ontploffing het glas tenminste niet in het rond vliegt. 'De inwoners van de hoofdstad bereiden zich voor op een oorlog,' schrijft Moskovski Komsomolets zonder ironie.

En de politie? Ha, de politie! Tachtigduizend uniformen zijn er op straat. De gewone politie, de verkeerspolitie, de soldaten van de Dzjerzinski-divisie, die voor het laatst in Moskou waren voor de belegering van het Witte Huis in 1993, en zelfs de studenten van de politieschool. Maar Moskou is een stad met veertien miljoen mensen, en zelfs al is er een 'speciaal veiligheidsregime' van kracht en, staat er in het centrum bij de regeringsgebouwen elke vijftig meter een agent, in de eindeloze slaapwijken waar de bommen ontploffen, zijn de Moskovieten op zichzelf aangewezen.

Het gezicht van wachtcommandant Oleg Vasiljev is wit van slaap. Twee telefoons rinkelen onophoudelijk door het gesnurk van twee opgepakte dronkelappen heen. Het alarmnummer 02 is al dagen overbelast, dus bellen mensen die denken dat ze iets verdachts hebben gezien naar het wijkbureau Sokol. Ook nu, om twee uur 's nachts. Vasiljev bladert in het logboek: duizend, tweeduizend telefoontjes, hij is de tel kwijt. Er lopen acht keer zoveel agenten op straat als gewoonlijk, en nog zijn het er niet genoeg om alle meldingen na te gaan. 'Nee, we kunnen de mensen geen garantie geven dat ze veilig zijn', verzucht hij. 'Terrorisme kun je niet bevechten met meer mensen.'

In heel Moskou hangen montagefoto's van de vermoedelijke daders: in winkels, op stations, op de voorpagina van de Komsomolskaja Pravda: 'Deze Mensen Zullen Ook Jouw Huis In De Lucht Laten Vliegen'. Eén blik is genoeg: 'personen van Kaukasische komaf', zoals ze officieel worden genoemd; 'zwartkonten' in de volksmond. Dus hebben de Kaukasiërs in de hoofdstad het nog zwaarder te verduren dan gewoonlijk. Meer dan zesduizend zijn er al opgepakt omdat ze niet de juiste papieren hadden. Ze zijn naar een 'ondervragingskamp' in de voorsteden gebracht. Zodra hun identiteit is nagetrokken, worden ze gedeporteerd - mag niet volgens de grondwet, maar niemand die er nu aan denkt protest aan te tekenen.

Meer over