'Alleen Japanner laat zich nog in rode contour proppen'

Burgers en maatschappelijke organisaties moeten veel actiever worden betrokken bij het maken van inrichtingsplannen voor stad en platteland. Dat vindt een breed verbond van ANWB, verenigde bouwbedrijven, Natuurmonumenten en de werkgevers van VNO-NCW....

De bestaande bestuurlijke indeling van Nederland mag daarbij niet zaligmakend zijn. C. Oudshoorn, directeur economische zaken van de werkgeversorganisatie VNO-NCW: 'We moeten de ruimtelijke inrichting van Nederland niet meer door de gemeentegrenzen laten dicteren, dan gaat elke gemeente weer zijn nieuwe bouwplannen maken, terwijl er juist onderlinge regionale afstemming is vereist.'

- Wat is uw voornaamste bezwaar tegen het contourenbeleid?

'Wij hebben niets tegen de groene contouren waarmee belangrijke natuurgebieden worden beschermd. Maar als we de rest van Nederland gaan indelen volgens het adagium dat we met zijn allen op een zo klein mogelijk grondgebied moeten wonen en werken gaat het geheid mis. Het getuigt van een geweldige overmoed om zoveel mogelijk mensen binnen een rode contour te willen proppen. Dat is misschien iets voor Japanners, maar niet voor Nederland. De woonwensen van burgers en de plannen van bedrijven moeten veel serieuzer genomen worden. Het woord industrie, om maar even een voorbeeld uit mijn eigen sector te nemen, komt in de hele nota zelfs niet voor. We hebben hier een eeuw lang gewerkt met een planning waarin de overheid bepaalt wat goed is voor de burgers. Daar moeten we van af.'

- Ook Pronk wil een decentrale planning, het zijn vooral de gemeenten en de provincies die nieuwe plannen gaan maken.

'Ja, maar de contouren die zij vaststellen, worden nog wel door de minister getoetst en die zal er vooral op letten dat ze niet te ruim bemeten zijn. Het contourenbeleid gaat uit van verbieden en dat werkt nu eenmaal niet. Dat hebben we gezien in het Groene Hart. Je kunt veel beter in goed overleg tussen gemeenten en maatschappelijke organisaties een gebied als geheel onder de loep nemen, alternatieven opstellen en vervolgens vaststellen welke ontwikkelingen een gebied verdragen kan.

- Dat is een culturele revolutie in het planningsproces.

'Dat mag je zo noemen. Het zijn ook niet de geringste maatschappelijke organisaties die zich achter dit voorstel hebben geschaard. Je kunt volgens ons veel beter investeren in actieve betrokkenheid vooraf. Dan dat je van achter een gemeentelijk bureau een plan ontwerpt en gaat zitten wachten op de onvermijdelijke golf van negatieve inspraakreacties. Het is niet meer van deze tijd te denken dat ambtenaren en gemeenteraadsleden alleen in staat zouden zijn goede ruimtelijke ontwikkelingsplannen te maken. Daarvoor is een visie voor nodig die de gemeentegrenzen overschrijdt, en waarbij burgers en maatschappelijke organisaties van meet af aan worden betrokken. Anders roept de overheid de problemen over zichzelf af.'

--De rode contouren zijn het hart van Pronks beleid. Hoe groot is de kans dat het kabinet uw voorstellen overneemt?

'Dat weet ik niet. Het kabinet buigt zich pas later dit jaar over de reacties op de vijfde nota. Maar wij zijn bepaald niet de enigen die een andere koers bepleiten. Ook het Interprovinciaal Overleg heeft laten weten voor gebiedsgerichte planontwikkeling te zijn. En de SER overlegt met de natuur en milieuorganisaties over een advies dat hopelijk dezelfde kant gaat. Als het kabinet onze visie niet direct wil overnemen, kan de visie altijd nog worden ingebracht bij de besprekingen over een nieuw regeerakkoord volgend jaar.'

Meer over