`Alle docenten een master¿, goed idee van Onderwijsraad

Wanneer ik ooit heb gepleit voor opheffing van de Onderwijsraad, dan keer ik snel terug op mijn schreden.

De Onderwijsraad herpakt zich deze week met een advies waar ik het moeilijk mee oneens kan zijn. De minister van Onderwijs zou dit advies over de kwaliteit in het voortgezet onderwijs in zijn geheel over moeten nemen. Nederland Kennisland is binnen bereik. Er zijn echter wel een paar hobbeltjes te nemen.

Nul treffers
Ik had niet verwacht dat ik nog eens vrolijk zou worden van een Onderwijsraadadvies, maar het is toch gebeurd. Maandag publiceerde de raad het advies Naar hogere leerprestaties in het voortgezet onderwijs. Het advies haalde de media met het nieuws dat alle docenten in het voortgezet onderwijs een master zullen moeten halen. Een geweldig idee, zeg ik.

Er staan meer goede dingen in het stuk, maar laat ik me hier op de docenten concentreren. De opleiding van de docent doet er namelijk toe.

Opmerkelijk aan het stuk van de Onderwijsraad is dat de hele discussie over bevoegde en onbevoegde docenten ineens van tafel is. Ik heb in het advies gezocht naar het woord ‘onbevoegd’ en kreeg nul treffers. De Onderwijsraad wil, net als ik, hoogopgeleide mensen voor de klas en zeurt niet meer over de lerarenopleidingen. Dat is prachtig nieuws.

In de afgelopen jaren heb ik een aantal zeer getalenteerde mensen zien afknappen op de docentenopleiding, terwijl ze eerder wel prachtige opleidingen hadden voltooid.

Onderzoekende houding
Het is knap hoe de Onderwijsraad een discussie weet te omzeilen die de sector al een tijdje in zijn greep houdt. De raad wil gewoon dat elke docent opgeleid wordt tot masterniveau. Welke master de docent heeft behaald, doet er voor de raad niet meer toe. Een educatieve of een vakinhoudelijke. Een academische of een professionele. Het is de raad om het even zolang de docent maar een ‘onderzoekende houding’ heeft verkregen. Woorden naar mijn hart.

Een onderzoekende docent weet weg met zijn leerlingen, of hij nu bevoegd is of niet.
Met het oplossen van de bevoegd/onbevoegd discussie, heeft de Onderwijsraad natuurlijk wel een kolossaal probleem gecreëerd. Want zal het mogelijk zijn om alle docenten in het voortgezet onderwijs op te leiden tot dit masterniveau? En als ze het kunnen, willen ze het dan ook?

Voor de goede orde, master is de titel voor een student die de universiteit verlaat. Het is het hoogste opleidingsniveau in Nederland.

Zittende docent
Voor nieuwe docenten is de discussie niet zo ingewikkeld. De raad stelt voor om op zijn minst bachelor-(hbo)niveau te eisen. De nieuwkomers zouden dan vijf jaar de tijd hebben om een master te halen. Dit geldt ook voor docenten in de havo- en vwo-onderbouw en docenten op het vmbo.

De zittende docenten zijn natuurlijk wel een probleem. De scholingseisen aan hen zijn even hoog. Sympathiek aan het advies is dat de Onderwijsraad nu eens niet alle eisen bij de nieuwkomers, de outsiders, neerlegt, maar dat de insiders, de huidige docenten, zich ook moeten scholen. Alleen voldoende opgeleide docenten komen in het nog op te richten lerarenregister.

De raad stelt dat wanneer een docent niet aan zijn scholingseisen voldoet, hij straks uit het register zou moeten worden geschrapt.

Voorbeeld
Het lijkt logisch om te veronderstellen dat wanneer iemand geschrapt zou worden uit het lerarenregister, deze persoon ook geen leraar meer is, maar dit is waarschijnlijk een brug te ver. Nergens lees ik in het advies wat de gevolgen zijn van het schrappen uit het register. Ik ben heel benieuwd.

Wanneer een docent straks uit het lerarenregister zal worden weggestreept, dan zijn er twee mogelijkheden. De docent beschikt niet over het vereiste niveau, of de docent vertikt het om zich bij te scholen. In beide gevallen is de docent niet het voorbeeld dat je leerlingen toewenst. Zullen hier sancties op volgen? De vraag stellen is hem beantwoorden.

De lerarenopleidingen hoeven niet te somberen over dit Onderwijsraadadvies. Het verplichte na- en bijscholen spat van elke pagina. Volgens de raad zou elke docent
10 procent van zijn tijd aan scholing moeten besteden. De docentenopleidingen kunnen allerlei pakketten samenstellen, waarmee docenten echt iets opschieten. Dit in tegenstelling tot de huidige portfoliopraktijk, waarin reflecteren om het reflecteren het hoogste ideaal lijkt te zijn.

Personeelskamer
Er zijn natuurlijk wel een paar open eindjes aan dit advies. Is het redelijk om van zittende docenten een grote studeerinspanning te eisen, zonder een (financiële) tegenprestatie te leveren? Lijkt mij niet. De opwinding in de personeelskamer dinsdag over de verplichte ‘master’, zegt mij genoeg.

Ik ben daarnaast erg benieuwd wat de gevolgen zullen zijn van deze plannen op het docententekort. Volgens het bureau CentERdata zal dit tekort bij het huidige beleid de komende negen jaar nog circa 30 duizend voltijdbanen bedragen. Wanneer elke docent ‘masterpotentie’ moet bezitten, wordt dit probleem groter, niet kleiner.

Tegen het advies zal veel verzet rijzen. De hakken van de vakbonden, de belangenbehartigers van de insiders, zullen diep het zand in gaan. De universiteiten zullen wel blij zijn met de master-eis, de levert veel werk en inkomen op. Tegelijkertijd zullen de universitaire docentenopleidingen zich verzetten.

In de tussentijd slaat de Onderwijsraad wel een veelbelovende weg in. Ik ben benieuwd of minister van Bijsterveldt, wanneer ze meegaat op dit avontuur, het ook zal overleven.

Meer over