'Al in september aanbod F-16's met vechttaak'

Minister Van Aartsen wil 'populair verhaal' ontkrachten dat Nederland in Afghanistan eerst alleen vliegtuigen voor verkenningen wilde inzetten...

De marine speurt in Arabische wateren naar terroristen, de luchtmacht mag F-16's inzetten voor gevechtstaken in Afghanistan en de landmacht begint aan een vredesmissie die wellicht gevaarlijker is dan die in Srebrenica. Minister van Buitenlandse Zaken Jozias van Aartsen is 'ronduit trots' op de Nederlandse militairen. En op Nederland. 'We zijn niet zomaar een van de 180 lidstaten van de Verenigde Naties, we worden gezien in dat circuit.'

De VVD-minister blikt terug op een jaar waarin veel vragen werden gesteld over de plaats van Nederland in de wereld. Liep Nederland na de aanslagen van 11 september blindelings achter de Verenigde Staten aan? Dat beweert zijn voorganger Van Mierlo (D66). Of heeft het Kamerlid Verhagen (CDA) gelijk? Die meent dat Nederland niet meer tot de trouwste bondgenoten van de Amerikanen behoort.

Van Aartsen verwerpt beide opvattingen. Van Mierlo 'weet ook niet alles', en Verhagen 'moet nu eenmaal oppositie voeren'. Voor hemzelf geldt: 'Als Nederland gevraagd wordt om aan een operatie deel te nemen, dan sta je paraat. Dat past bij onze internationale verantwoordelijkheid.

'Onder het kabinet-Lubbers engageerden wij ons al op de Balkan. Paars heeft de Nederlandse aanwezigheid daar voortgezet. In de huidige kabinetsperiode kwamen we een paar keer voor de vraag te staan: willen we als Nederland een bijdrage leveren aan een internationale militaire operatie, of niet?

'In het kabinet is maandenlang gesproken over Unmee (de VN-vredesmissie in Eritrea, red.) Het lag niet zo voor de hand om mee te doen aan een operatie op het Afrikaanse continent. Er waren veel onzekerheden. Wij zouden de eerste maanden de leading nation zijn, het land dat de vredesmacht moest opbouwen. Als minister van Buitenlandse Zaken vond ik dat wij een rol te vervullen hadden. De minister-president en ik hebben er pittige discussies over gehad. Zulke discussies herinner ik me niet ná 11 september.'

- Toch maakte Kok de afgelopen maanden een weifelende indruk. Hij meldde vorige week een beetje bedremmeld dat Nederland F-16's beschikbaar stelt voor gevechtstaken in Afghanistan. Snapt u dat?

'Kok is daar heel zuiver in. Hij heeft het vaker uitgelegd. Hij heeft gezegd: ''Ik ben van een oorlogsgeneratie, ik heb aan den lijve een oorlog meegemaakt. Ik weet wat het betekent, wat het met zich meebrengt.'' In zijn woorden gaf hij zijn eigen gevoelens weer, zijn zorg.'

- Hoe zit het nu eigenlijk met die F-16's? Daarover is grote onduidelijkheid ontstaan. Minister De Grave van Defensie wilde in de Kamer niet zeggen of de vliegtuigen aan de VS zijn aangeboden voor gevechtstaken. Kok zei cryptisch dat ze 'niet ongevraagd aangeboden' zijn voor Enduring Freedom, de strijd tegen het terrorisme. U was evenmin erg helder.

Van Aartsen gaat er goed voor zitten om, wat hij noemt, 'het populaire verhaal' uit de wereld te helpen. Dat verhaal komt erop neer dat Nederland alleen F-16's wilde inzetten voor verkenningsvluchten. Nu het kabinet mét de zegen van de Tweede Kamer toch F-16's naar Afghanistan stuurt die 'mogen schieten' (aldus Kok), verschaft Van Artsen opheldering.

'We hebben F-16's aangeboden in de rollen en met de taken die die dingen hebben. Het aanbod dateert al van september. De VS hebben er op enig moment voor gekozen om de F-16's in te zetten als fotoverkenners.

'Daar ging een uitvoerig proces aan vooraf. De VS hadden een ruim aanbod uit de grote coalitie van landen. Het kostte tijd om de juiste keuze te maken. Bovendien gold voor hen in hoge mate het belang om zelf de campagne te voeren. Maar goed, op een gegeven moment kregen we van het Pentagon, van minister van Defensie Rumsfeld zelf, het verzoek om verkenningsvluchten uit te voeren. Daarmee werden natuurlijk andere verzoeken van VS-zijde voor de F-16 niet uitgesloten.

'Onlangs kwam het verzoek om de toestellen te gebruiken voor close air support (luchtsteun voor troepen in Afghanistan, red). We hebben gezegd: we zijn bereid de F-16 een rol te laten spelen zowel in het kader van Enduring Freedom als ten behoeve van de veiligheidsmacht indien er problemen zouden ontstaan. Dat vloeide logisch voort uit het aanbod dat het kabinet eerder had gedaan.'

- Als het zo logisch is, waarom sprak de Amerikaanse ambassadeur in Nederland dan over een 'voorbehoud' ten aanzien van de taken van de F-16? Sommige van uw eigen diplomaten zeiden, anoniem, hetzelfde.

'Ik heb me er ook over verbaasd. Er zijn kennelijk heel veel mensen die de behoefte hebben om de stukjes informatie die ze hebben, ook te gebruiken. Er zijn niet zoveel mensen die het hele verhaal kennen. In Den Haag zijn dat uiteraard de drie meest betrokken bewindslieden. Ook in Washington zijn er zo'n drie spelers.

'Stel dat het verhaal waar zou zijn geweest dat wij tot verdriet van Washington de F-16 een beperkte rol wilden geven, dan zouden de Amerikanen weinig terughoudendheid hebben getoond om dat aan de orde te stellen. Ze nemen doorgaans geen blad voor de mond. Zowel State (Buitenlandse Zaken, red.) als het Pentagon zouden melden: ''Jullie zijn te bescheiden geweest.'' Maar niets van dat al!'

- De VS waren toch niet happy met de aarzelingen van Nederland toen de NAVO het fameuze artikel 5 van toepassing verklaarde.

'Ik bestrijd dat. Nogmaals, Amerikanen nemen geen blad voor de mond. Tot op de dag van vandaag kan ik onze opstelling in de NAVO verdedigen. Op 12 september vond ik het niet meer dan logisch dat we ons afvroegen: wat zijn de consequenties voor het bondgenootschap van artikel 5 ('een aanval op één is een aanval op allen', red.).

'Ik zou mijn plicht verzaakt hebben als ik de vraag níet had gesteld. In de Nederlandse politiek zou immers onmiddellijk de vraag rijzen: ''Heeft u niet één keer geïnformeerd naar wat dit betekent?'' We hebben, en dat is een uitvloeisel van het Srebrenica-drama, afspraken met de Kamer om operaties goed voor te bereiden en door te exerceren. Ik geloof niet dat het een koddige indruk wekte in de buitenwereld. Het besluit van de negentien lidstaten kreeg juist meer betekenis.

'Dan is er nog het beroemde moment in oktober, toen de Amerikanen materiaal presenteerden over de betrokkenheid van Bin Laden. De informatie was overtuigend. Samen met Groot-Brittannië, Duitsland en de Benelux wilden we er even over nadenken. Want onze vraag was: is er een apart besluit nodig om artikel 5 in werking te stellen? Het ging dus niet om de inhoud, maar om de vorm. Secretaris-generaal Robertson zei echter: ''Als we discussiëren over de vorm, kan dat op de wachtende pers de indruk maken dat er over het bewijs een probleem is.'' Die situatie wilden we geen van allen hebben.'

- Het kabinet hield niet alleen rekening met een kritisch parlement, maar ook met de publieke opinie. Welke rol speelden geheime opiniepeilingen in de besluitvorming?

'Voor mij hoeven die peilingen niet. Ik kijk naar die dingen, maar niet grondig. Er is, werkelijk waar, niemand in het kabinet die met het vingertje erbij zegt: ''We moeten iets meer op de humanitaire toer.'' Bestuurders die beleid baseren op peilingen, zijn op de verkeerde weg.'

Van Aartsen hield wel een eigen 'peiling' in het kabinet over mogelijke deelname aan een vredesmacht in Afghanistan. 'Ik heb vijf, zes weken geleden in het kabinet gezegd: ''Het is niet uitgesloten dat er een verzoek onze kant op komt. Hoe reageren we daar dan op?'' Uit die zeer vroege discussie werd duidelijk dat er geen afwijzende houding bestond in de Trêves-zaal. Op die basis zijn wij - Kok, De Grave en ik - verder gaan werken.'

Van het 'geoliede driemanschap', zoals Van Aartsen dit gezelschap noemt, verdwijnt in elk geval de premier dit jaar. De Grave zou liever een ander ministerie leiden. En Van Aartsen? 'Ik zeg daar niets over. Mijn werk doe ik nogal gepassioneerd. Ik maak af wat ik hier te doen heb. Ik vind het belangrijk voor Nederland die rol zo goed mogelijk te mogen spelen.'

Meer over