Akkoord over eenmalige verkoop Afrikaans ivoor

DEN HAAG (ANP) - De Afrikaanse landen hebben donderdag tijdens de internationale Cites-conferentie een akkoord bereikt over de verkoop van ivoor. Na veertien dagen onderhandelen is overeengekomen dat vier landen in zuidelijk Afrika hun ivoorvoorraad mogen verhandelen.

Zodra dat is gebeurd, wordt er de negen jaar daarna verder geen ivoor verkocht. Het voorstel is donderdag direct aangenomen tijdens de conferentie van 173 landen in Den Haag over de bescherming van bedreigde dieren en planten.

Kenia en Mali wilden eigenlijk dat de handel in ivoor de komende twintig jaar verboden zou worden. Botswana, Namibië, Zuid-Afrika en Zimbabwe hebben grote populaties olifanten en willen het ivoor van de dieren die een natuurlijke dood sterven, kunnen verkopen. Om hoeveel ivoor het exact gaat, is nog niet bekend.

Strikte voorwaarden

Aan de verkoop zijn strikte voorwaarden verbonden. Zo mag alleen ivoor worden uitgevoerd dat in januari 2007 officieel was geregistreerd en toebehoort aan de overheid. Volgens de dierenbeschermingsorganisatie IFAW lag er begin dit jaar 40.000 kilo in Botswana en 10.000 kilo in zowel Zuid-Afrika als Namibië.

Voorwaarde is verder dat ivoor alleen mag worden verkocht aan een land dat volgens Cites in staat is alles volgens de regels te laten verlopen. Cites stemde aan de vooravond van deze conferentie in met een uit 2002 daterend verzoek om eenmalig 60 ton ivoor uit Botswana, Namibië, Zimbabwe en Zuid-Afrika te verkopen aan Japan. China wordt beschouwd als een tweede geschikte kandidaat-koper.

Meer over