Reportage

Ahmad, 19 jaar: hij overleefde de oorlog in Syrië, maar stierf aan de Poolse grens

Nog steeds proberen migranten de grens tussen Belarus en Polen over te steken, ook al lijkt de ergste crisis voorbij. In het Poolse Bohoniki, een oude islamistische gemeenschap, dragen Poolse moslims zorg voor hun geloofsgenoten. Ook voor hen die de oversteek niet halen.

Arnout le Clercq
Ahmad Al Hasan, als kind gevlucht uit het Syrische Homs en opgegroeid in een vluchtelingenkamp in Jordanië, probeerde via Belarus de EU te bereiken. Die poging werd hem ­fataal. Zijn laatste rustplaats is het Poolse Bohoniki. Beeld Piotr Malecki
Ahmad Al Hasan, als kind gevlucht uit het Syrische Homs en opgegroeid in een vluchtelingenkamp in Jordanië, probeerde via Belarus de EU te bereiken. Die poging werd hem ­fataal. Zijn laatste rustplaats is het Poolse Bohoniki.Beeld Piotr Malecki

Ahmad Al Hasan wilde naar Europa om te studeren. Nu ligt hij, nog voor zijn 20ste verjaardag, op de islamitische begraafplaats van het Poolse dorp Bohoniki. Op zijn haastig gedolven graf, enkele duizenden kilometers van zijn geboortestad Homs in Syrië, ligt een bergje stenen bedekt met besneeuwde sparrentakken. Ahmads laatste rustplaats kijkt uit over een uitgestorven landschap, ijzige wind heeft vrij spel. Verderop ligt de Pools-Belarussische grens die hem het leven kostte.

Bohoniki ligt midden in de velden en bossen van oostelijk Polen. Zoals veel dorpjes in dit deel van het land bestaat het slechts uit een sliert huizen langs een provinciale weg. Er wonen minder dan honderd mensen in het vergrijzende dorp, ’s winters is er vrijwel niemand op straat, uit de schoorstenen van de houten huisjes komt rook. Dat Ahmad in dit verlaten oord begraven ligt, heeft te maken met een opvallend gebouw midden in het dorp: de moskee, gebedsplaats van de plaatselijke Tataren, een etnische minderheid die de tradities van de islam hier al eeuwen levend houdt.

Tartaarse begraafplaats

Voor Maciej Szczęsnowicz (51), de voorzitter van de islamitische gemeenschap, is het niet meer dan logisch dat ze de begraafplaats ter beschikking stellen aan moslims die aan de grens sterven. In overleg met de imam en de gemeenschapsraad werd besloten de mizar, zoals de Tataarse begraafplaats heet, open te stellen. ‘Het is belangrijk dat ze volgens de islamitische rites worden begraven.’ Er zijn weinig plaatsen waar dat kan. In heel Polen zijn er slechts vier islamitische begraafplaatsen. Ahmad Al Hasan was de eerste migrant die hier, anderhalve maand geleden, een plekje kreeg.

Daarna volgde de begrafenis van een 37-jarige man uit Jemen, van een ongeveer 30-jarige man wiens identiteit niet kon worden vastgesteld en van een doodgeboren kind van 24 weken. De moeder, een 38-jarige Koerdische vrouw, kreeg een miskraam in het bos. Toen hulpverleners haar vonden, was haar lichaamstemperatuur 28,8 graden. Twee weken terug overleed ook zij in het ziekenhuis.

Allemaal probeerden ze de Europese Unie te bereiken via Belarus, net als duizenden anderen. Het regime in Minsk opende afgelopen jaar een migratieroute naar Europa om druk uit te oefenen op de EU, als antwoord op Europese sancties. De migranten werden geholpen door buitenlandse visumbureaus die hun een makkelijke overtocht beloofden. Het bleek de hel op aarde.

Poolse militairen hebben aan de grens met Belarus controleposten ingericht om migranten op te pakken. Beeld Piotr Malecki
Poolse militairen hebben aan de grens met Belarus controleposten ingericht om migranten op te pakken.Beeld Piotr Malecki

De migranten, afkomstig uit het Midden-Oosten en Afrika, vallen ten prooi aan geweld en pushbacks. De barre omstandigheden in het gebied kostten minstens dertien mensen het leven. Sommige ngo’s en media tellen bijna twintig doden, hulpverleners schatten het werkelijke dodenaantal nog hoger.

Kalmerend effect

De situatie aan de grens maakt arts Kasim Shady (54) triest en boos. ‘Je voelt je machteloos.’ Shady, een grote man in een zwarte coltrui die gasten thuis met dadels en thee onthaalt, was nauw betrokken bij de begrafenis van de 19-jarige Ahmad. Hij komt zelf ook uit Syrië, vluchtte aan het begin van de Arabische Lente. Enkele jaren geleden kwam hij in Polen terecht, waar hij nu als arts in het ziekenhuis werkt. In zijn schaarse vrije tijd helpt hij een vluchtelingenstichting uit provinciehoofdstad Białystok. Met zijn kennis van het Arabisch en zijn vluchtelingenverleden heeft hij een kalmerend effect op getraumatiseerde migranten. ‘Ik ben de enige die ze geloven als ik ze vertel dat ze veilig zijn.’

Voor de begrafenis van Ahmad legde hij contact met diens familie. Ze vertelden hem zijn levensverhaal. Hoe ze in 2012, toen Ahmad 7 jaar was, vluchtten uit het door de burgeroorlog geteisterde Homs. Hoe hij opgroeide in een vluchtelingenkamp in Jordanië, zijn school afmaakte en daar geen toekomst meer zag. En hoe hij hoorde van een makkelijke manier om Europa binnen te komen. ‘Syriërs willen niet afhankelijk zijn’, zegt Shady. ‘We houden van studeren, van werken, we willen een normaal leven leiden. Syrië is een mooi land. We zouden niet weggaan als we er niet toe werden gedwongen.’

Het Poolse dorpje Bohoniki, aan de grens met Belarus, met de moskee en begraafplaats van de islamitische gemeenschap die hier al eeuwen woont. Beeld Piotr Malecki
Het Poolse dorpje Bohoniki, aan de grens met Belarus, met de moskee en begraafplaats van de islamitische gemeenschap die hier al eeuwen woont.Beeld Piotr Malecki

Shady sprak ook een ooggetuige van Ahmads dood, een jeugdvriend die samen met hem de tocht via Belarus ondernam. ‘Belarussische soldaten hadden acht migranten verzameld aan de oever van de Boeg.’ Deze woeste rivier vormt in het zuiden een natuurlijke grens tussen beide landen. ‘De Belarussen zeiden dat het water maar kniehoog is, gaven een rubberen opblaasbootje en stuurden hen het water op. De boot maakte snel water en sloeg om.’ Ahmad kon niet zwemmen en verdronk. Zijn vriend, die ook op de boot zat, is inmiddels in Duitsland. ‘Hij heeft nog steeds nachtmerries. Ze kenden elkaar al sinds hun kindertijd.’

Oversteekpogingen

Na een escalatie in november is de situatie aan de grens tussen Belarus en Polen nu kalmer, maar activisten waarschuwen dat er nog steeds mensen in de bossen zijn. De Poolse grenswacht meldt deze maand het laagste aantal oversteekpogingen sinds het begin van de crisis, maar evengoed zijn dat er nog 1.200. Poolse autoriteiten delen videobeelden van migranten die achter het grenshek door de sneeuw trekken of pogen erdoorheen te komen. In de tweede week van december daalde de temperatuur ’s nachts tot 15 graden onder nul. Politieagenten vonden bij daglicht het lichaam van een man met een Nigeriaans paspoort.

Human Rights Watch bracht in november een rapport uit over de grenscrisis. De auteurs stellen de Belarussische agressie tegen migranten aan de kaak, maar spreken ook Polen aan op zijn aandeel in de crisis. De landen hebben een gedeelde verantwoordelijkheid voor de situatie aan de grens en het welzijn van de mensen in het gebied, stelt het rapport, dat ook de Poolse pushbacks scherp veroordeelt.

Vanuit de Europese Unie is er juist begrip voor de positie van de Poolse regering. De lidstaten vinden het onacceptabel dat Belarus hen met migranten probeert te chanteren. Eerder kreeg Polen daarom, samen met Litouwen en Letland, toestemming om asielprocedures vergaand te versoberen en twee weken geleden presenteerde de Europese Commissie voorstellen voor een strikter asielbeleid. Om de verworvenheden van de Schengenzone te waarborgen (vrij verkeer van mensen en goederen), moet de buitengrens van de EU verder op slot, stelt de Commissie.

Activisten zien de situatie met lede ogen aan. Grupa Granica, een verbond van Poolse ngo’s dat langs de grens actief is, schetst in een omvangrijk rapport een een onthutsend beeld van het verloop van de grenscrisis in de afgelopen maanden. Acties van de Poolse staat om de pushbacks en de aan de grens geldende noodtoestand met tussentijdse wetten van een juridische basis te voorzien, typeert het rapport als het pogingen tot het ‘reguleren van wetteloosheid’.

Poolse militairen

Szczęsnowicz, die het als zijn plicht ziet om een islamitische begrafenis voor de slachtoffers te verzorgen, heeft aan het hek voor de moskee een banner hangen: ‘Wij zijn dankbaar voor jullie dienst en bescherming van onze grens’, met daaronder de camouflagekleuren van de Poolse geüniformeerde diensten. Dat levert hem kritiek op. Hij begraaft migranten, maar steunt tegelijkertijd de troepen die medeverantwoordelijk zijn voor een dodelijke situatie aan de grens?

Daar is hij ongevoelig voor. ‘Het is belangrijk dat de buitengrens van de EU wordt beschermd. Europa kan de massale migratie niet aan.’ Hij biedt zelfs meer dan symbolische steun voor de soldaten die in het grensgebied actief zijn. Zijn restaurant, gespecialiseerd in Poolse en Tataarse gerechten, maakt soep voor de geüniformeerde mannen. Die wordt goed ontvangen. Hij heeft net de opdracht gekregen om zurek (traditionele Poolse soep) te maken voor de Poolse president als die de troepen aan de grens bezoekt.

Hij ziet geen tegenstrijdigheid in zijn acties. ‘In Polen kun je nu eenmaal niet iedereen plezieren. De soldaten zijn evengoed mensen. Zowel zij als de migranten zijn speelbal in een politiek spel dat boven ons hoofd wordt gespeeld.’

Net buiten het dorp staan bij een kruispunt vier zwaarbewapende soldaten in de tuin van een verlaten huis. Dik ingepakt in hun wintertenue warmen ze zich aan vuur uit een olievat. Verderop ligt de begraafplaats. ‘Spoczywaj w pokoju’ (rust in vrede) leest het grafschrift van Ahmad Al Hasan, in een taal die hem vreemd was, met daaronder de dag waarop hij verdronk. Zijn familie heeft besloten dat hij op de begraafplaats in Bohoniki blijft en probeert met hulp van Shady een grafsteen te regelen. De begrafenis konden ze alleen via een videoverbinding bijwonen. ‘Ze wilden wel komen’, vertelt Shady, ‘maar ze kregen geen visum.’

De Syrisch-Poolse arts Kasim Shady met zijn zoon Saman. Beeld Piotr Malecki
De Syrisch-Poolse arts Kasim Shady met zijn zoon Saman.Beeld Piotr Malecki

Tataren

De Tataren, een bevolkingsgroep uit Azië die zich tot de islam bekeerde, streken zo’n zes eeuwen geleden neer in het oosten van Europa. De Lipka-Tataren, zoals ze in deze streek heten, vochten mee in de oorlogen van de Poolse koningen en kregen land toegewezen. Ze vestigden zich aan het eind van de 17de eeuw in Bohoniki en omgeving. Hun nazaten, nog steeds moslim, hebben in Bohoniki en het verderop gelegen Kruszyniany twee houten moskeeën.

Polen telt volgens de laatste census (2011) ongeveer 2.000 mensen die zich identificeren als Tataar, andere schattingen lopen uiteen van 1.500 tot 5.000. Aan de moskee van Bohoniki zijn zo’n 340 gelovigen verbonden. Ook in het westen van Polen wonen Tataren: na de Tweede Wereldoorlog werden zij gedwongen daarheen te migreren. De Sovjet-Unie verbande de oorspronkelijke bewoners naar het westen, om daar de plek in te nemen van de verjaagde Duitse bevolking.