Aftellen naar het Rijks (1)

Nog elf dagen en het Rijksmuseum gaat weer open. In V begint vandaag het verkneukelen: in elke editie tot de opening vertelt een conservator over dat ene werk waarmee hij een speciale band heeft gekregen. Aflevering 1: Hoe Willem van de Velde de Oude geen enkele misstap maakte.

'Het is de grootste pen- tekening in zijn soort in het Rijksmuseum. Willem van de Velde de Oude ging zelf mee met de zeeslagen van Maarten Tromp, hij was een embedded reporter. Je ziet hem ook zitten op dat bootje linksvoor, hoed op, tekenlei en pen in de hand. Bij de signatuur heeft hij precies aangegeven in welke boot hij zit, als bewijs. Dat vind ik een mooi onderdeel van dit werk; het is een manier van verslag doen. Als je denkt aan oorlogsfotografen in Libië en Syrië, dan weet je hoe gevaarlijk het is, hoe ze in de linie zitten en hun leven riskeren, dat deed Van de Velde ook. Hij noteert in zijn aantekeningen de risico's die hij loopt, dat ze met hun bootje navigeren alsof ze een brandende oven ingaan.

'Dit is de slag bij Ter Heide in 1653, de finale slag in de Eerste Engelse Zeeoorlog, waarbij bevelhebber Maarten Tromp omkwam. Een onbesliste strijd, beide zijden claimden de overwinning. Maar de Hollandse vloot was wel zijn bevelhebber kwijt. Het is drie jaar later besteld door Tromps familie, samen met de twee eerste wapenfeiten van Tromp, twee zeeslagen die aan weerszijden hingen. Een gigantisch ambitieuze opdracht, een triptiek op een altaar bijna, ter ere van Tromp. Sinds kort weten we dat het in het voorhuis, de ontvangstzaal van Tromps jongste zoon hing.

'In tekeningen deed Van de Velde al verslag van de zeeslag en in dit kunstwerk komt alles samen. Van het aanmonsteren tot het feitelijke conflict. En elke boot is herkenbaar, het zijn echt portretten van schepen. Het zit vol details die hij moet hebben gezien. Ik kan je hier achterlaten met een stoel en aan het eind van de dag ophalen, dan heb je nog niet alles gezien. Vooral die groep rechts is een hels spektakel: de wanhoop van de mensen, het klimmen in een mast die er eigenlijk niet meer is, mensen springen van een zinkende boot, hangen aan de balk, slaan hun armen ten hemel.

'De zeeslag is gemaakt met pen, ganzeveer of rietpen, die werd gedoopt in zwarte inkt. Van de Velde kan nooit tegen een rechtopstaand doek hebben getekend, zoals schilders doen, want pen vloeit en doek geeft een beetje mee. We weten nog steeds niet hoe hij het exact heeft gedaan. In theorie moet het doek tijdens het werken plat hebben gelegen, maar daarvoor is het kunstwerk veel te groot; dan had hij er helemaal boven moeten hangen, onmogelijk. Het waarschijnlijkst is dat het schuin stond, in een helling en dat hij zijn arm met een 'maalstok' stabiel hield.

'Wat ik fenomenaal vind, is dat elke lijn raak is. Als je met zwarte inkt op zo'n witte krijtlaag een fout maakt, kun je dat nooit meer wegpoetsen, dan moet je gaan schrapen en dat blijf je zien. Op het hele doek heb ik nergens een vergissing gezien, een repentir.

'Het is wat mij betreft precies wat het museum nu wil zijn: kunst en geschiedenis ineen. Het zit beide in dit kunstwerk, een absoluut meesterstuk dat tegelijkertijd de omgang van de Gouden Eeuwer met de recente geschiedenis laat zien.'

Dit is de V in de aanloop naar de opening van het Rijksmuseum op zaterdag 13 april: elke dag vertelt een conservator over een voor hem/haar bijzonder werk in de collectie en op 5 april: V's Grote extra Spectaculaire Rijksmuseum Special.

Meer over