Afghaanse kinderen hebben geen hoop meer

Bijna alle Afghaanse kinderen denken dat zij zullen sterven voordat ze volwassen zijn, zo blijkt uit een door Nederland gefinancierd onderzoek van Unicef, het kinderfonds van de VN....

ANP, Reuter, AP

KABUL/NEW YORK

Het rapport, dat dinsdag is uitgebracht, is gebaseerd op gesprekken met meer dan 300 kinderen tussen 8 en 18 jaar. Bijna driekwart van deze kinderen heeft tussen 1992 en 1996 een of meerdere familieleden verloren. In 40 procent van de gevallen ging dat om hun vader of moeder. De meeste kinderen zijn getuige geweest van oorlogshandelingen. Ze hebben last van angsten, nachtmerries en concentratiestoornissen.

'We worden elke dag geconfronteerd met de fysieke littekens die kinderen door de oorlog hebben opgelopen, maar dit onderzoek confronteeert ons met het feit dat de geestelijke wonden even diep zijn', zei Unicef-directeur Carol Bellamy in New York. 'Het feit dat de trauma's chronisch van aard zijn, is een van de belangrijkste uitkomsten van het onderzoek', zei Leila Gupta, die het onderzoek in Kabul leidde.

Het onderzoek vond plaats in april en mei. De streng-islamitische Taliban hebben meegewerkt aan het Unicef-project, hoewel Bellamy had aangedrongen op stopzetting van VN-financiering van de Taliban-scholen omdat zij geen meisjes toelaten.

Om de kinderen van Kabul te helpen hun oorlogstrauma te verwerken, traint Unicef momenteel een groep Afghaanse gezondheidswerkers.

Sinds de Sovjet-Unie het land in 1979 binnenviel, is er voortdurend gevochten. Nadat de Sovjet-Unie zich had teruggetrokken, werd het communistische bewind in Kabul in 1992 afgezet door een coalitie van moslimstrijdgroepen. Deze raakten vervolgens onderling slaags. Nu gaat de strijd tussen de Taliban, die tweederde van het land beheersen, en een anti-Talibancoalitie die haar machtsbasis in het noorden van het land heeft.

Meer over