Advies aan filmfonds: volg de markt

Filmfonds-directeur T. Berbers presenteert vandaag aan zijn bestuur een NIPO-onderzoek naar de status van de Nederlandse film. Daaruit blijkt dat het imago van de Nederlands film verbetert, maar dat nog altijd weinig Nederlanders films uit eigen land in de bioscoop zien....

Slechts 8 procent van de volwassenen gaat voor nationale producties wel eens de deur uit.

Het NIPO-onderzoek, uitgevoerd door marketingdeskundige Paul Verstraeten, is onderdeel van een reeks verkenningen die het fonds uitvoert. Er zijn ook een onderzoek onder professionals en een intern onderzoek in de maak. De resultaten worden meegenomen in een strategieplan, dat de subsidiegever na de zomer presenteert.

Volgens het NIPO moet het fonds in de toekomst het aanbod van Nederlandse films beter laten aansluiten bij de uiteenlopende wensen en voorkeuren van de verschillende publiekssegmenten. 'De filmproductie moet meer worden gestuurd door de vraag en minder door het aanbod.'

Ook wordt gewezen op de matige promotie voor de overgrote meerderheid van de films. Verstraeten: 'Van de 23 Nederlandse films die in 2001 uitkwamen, hebben 16 het niet gehaald. Bijna niemand had van die films gehoord.'

Het NIPO pleit voor een scherpe genre-indeling van de films. Het filmfonds moet producenten uitdagen hun filmprojecten 'nauwgezet te positioneren'.

Volgens directeur Berbers is het zeker niet de bedoeling dat het fonds filmmakers in de toekomst tot veelgevraagde genres verplicht. ''Nederlandse regisseurs en scenarioschrijvers moeten alleen beter gaan nadenken over de positionering van hun films.'

In Het publiek en de Nederlandse speelfilms, waaraan 51 respondenten in 7 groepsdiscussies deelnamen, wordt duidelijk dat jongeren niet veel met de gemiddelde Nederlandse film hebben. Deze groep ziet het liefst films met een 'eigentijds en realistisch' verhaal en hoofdrollen voor Georgina Verbaan en Daan Schuurmans. Ook heeft de ideale Nederlandse film een herkenbaar karakter, is hij Nederlands gesproken, en zonder veel actie, want 'het heeft weinig zin films te maken die bij voorbaat niet kunnen concurreren met de kwaliteit van hun Amerikaanse voorbeelden'.

Berbers noemt het opvallend dat 'de Nederlandse arthousefilms' in de lift zitten. Verstraeten: 'Op dat gebied kan de Nederlandse film de concurrentie aan. Maar dan hebben we het over een zeer beperkt deel van de markt.'

Meer over