ANALYSE

Adoptie is veel te lang door een naïeve roze bril bekeken

Marcia Engel informeert vrouwen in Colombia over haar dna-project, dat moeders en kinderen matcht.                     Beeld Stephen Ferry
Marcia Engel informeert vrouwen in Colombia over haar dna-project, dat moeders en kinderen matcht.Beeld Stephen Ferry

Adoptie was goed, voor de kindertjes uit arme landen en oorlogsgebieden. Dat vond Nederland destijds. Het leidde tot een adoptie-industrie, waarvan de ernst pas nu is blootgelegd.

Kinderen die zijn verhandeld, geadopteerden die werden voorgesteld aan de verkeerde biologische familie, afstandsmoeders die zijn beroofd van hun baby: de voorbeelden van misstanden die voortkomen uit internationale adoptie zijn schrijnend en legio.

Het snoeiharde rapport dat de commissie-Joustra maandag presenteerde, laat weinig heel van de idealistische denkbeelden waardoor adoptie in het verleden zo vaak was omgeven. Er is volgens het onderzoek een ‘vraaggestuurde adoptiemarkt’ ontstaan ‘waarbij grote geldbedragen in het spel zijn’. De commissie onder leiding van voormalig topambtenaar Tjibbe Joustra constateert dat het systeem ‘werkt als een ‘witwasoperatie’ voor kinderen’.

Dat de commissie adviseert internationale adoptie volledig aan banden te leggen, komt na het lezen van al dit onheil nauwelijks als een verrassing. Wel opmerkelijk is dat het kabinet bij monde van minister Sander Dekker (Justitie) maandag bekendmaakte het advies direct op te volgen. Er worden geen nieuwe adoptieprocedures meer gestart voor wensouders die een kind uit het buitenland willen halen.

Dat is een breuk met het verleden. Toen in 2016 een rapport van de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming de regering aanraadde buitenlandse adoptie te verbieden, werd de kritiek nog weggemasseerd. Er is vroeger misschien weleens wat fout gelopen, maar voor sommige situaties is adoptie de enige oplossing, luidde toen de redenering in Den Haag.

Luidere stem

Hoe kan het dat het vijf jaar later wél tot een stop komt? Een belangrijke verklaring is de steeds luidere stem van de geadopteerden die naar Nederland zijn gehaald in de jaren zeventig en tachtig, de piekjaren van de buitenlandse adoptie. Zij zijn, in de woorden van Joustra, voor zichzelf gaan spreken. Er zijn rechtszaken aangespannen tegen de Nederlandse staat, petities ingediend, wob-procedures gevoerd, talloze interviews gegeven.

Het is niet dat de kennis over misstanden er niet allang was. ‘De Nederlandse overheid was vanaf de late jaren zestig op de hoogte van adoptiemisstanden’, volgens het rapport. Maar in de maatschappij heerste destijds een heel ander sentiment. ‘Door de komst van de televisie worden oorlogen zoals in Vietnam en Bangladesh, natuurrampen en noodsituaties in ontwikkelingslanden in ieders woonkamer zichtbaar’, schrijven de onderzoekers over de opkomst van adoptie in de jaren zestig.

‘Al red je er maar één’, zei schrijver Jan de Hartog in 1967 in de tv-studio bij Mies Bouwman, over zijn eigen motivatie een kind te adopteren. Het interview, waarop honderden kijkers reageerden met het aanbod zelf ook een kind te willen adopteren, is achteraf gezien het beginpunt van een periode waarin internationale adoptie vanuit idealistisch oogpunt kon floreren. Een arm kind uit een ver land een nieuwe toekomst schenken in het rijke Westen, wat kon daar op tegen zijn?

De commissie-Joustra constateert nu dat adoptie veel te lang door deze naïeve roze bril is bekeken. ‘Door deze heersende opvatting van ‘goeddoen’ is niet tijdig opgetreden tegen misstanden.’ Cruciaal daarbij is dat adoptie tegemoetkwam aan de kinderwens van Nederlandse ouders. ‘De gedachte dat ‘iedereen wint’ bij een adoptie is een belangrijke factor geweest voor de overheid en bemiddelaars om niet in te grijpen’, staat in het rapport.

Zoektocht

Om daarin verandering te krijgen, waren volhardende geadopteerden nodig die keer op keer de schijnwerpers zetten op de pijnlijke misstanden. Dat hun geluid de laatste jaren meer wordt gehoord, heeft wellicht deels te maken met hun leeftijd. De geadopteerden uit de piekperiode zijn nu dertigers en veertigers. Voor veel individuen is het een jarenlang proces geweest - eerst de twijfel over hun eigen herkomst, een soms hopeloze zoektocht naar biologische familie en daarna veelal een confrontatie met leugens, gerotzooi met dossiers en soms ronduit kinderhandel.

Pas na die individuele queeste ontstaat er ruimte voor de woede tegen het bredere systeem van adoptie: hoe kan het dat dit onrecht jarenlang is doorgegaan onder de ogen van de Nederlandse instanties?

Bij sommige geadopteerden heeft de wil om zaken te veranderen hun dagelijks leven overgenomen. Een van hen is Marcia Engel, een Colombiaanse geadopteerde die met haar stichting Plan Angel als vrijwilliger anderen helpt hun familie te vinden en daartoe ook dna-projecten opzet in Colombia.

Plan Angel heeft afgelopen jaren gelobbyd in Den Haag voor rechtsherstel voor geadopteerden, net als de uit Indonesië geadopteerde jurist Dewi Deijle. Deijle had bovendien een massaclaim in voorbereiding tegen de Nederlandse staat, om te bereiken dat de overheid gemaakte fouten zou erkennen.

Marcia met haar biologische moeder Martha Lilian Ramirez. Beeld Stephen Ferry
Marcia met haar biologische moeder Martha Lilian Ramirez.Beeld Stephen Ferry

De commissie-Joustra schrijft dat deze en andere rechtszaken eraan hebben bijgedragen dat de aandacht voor adoptiemisstanden is gegroeid.

Minister Sander Dekker ging maandag door het stof en bood excuses aan. ‘Het is pijnlijk te moeten constateren dat de overheid niet heeft gedaan wat er van haar mocht worden verwacht.’ Er komt een landelijk expertisecentrum dat geadopteerden gaat ondersteunen bij zoektochten.
Buitenlandse adopties worden per direct stilgelegd. Wat er in de toekomst gaat gebeuren, laat de minister weliswaar aan een nieuw kabinet, maar wat Dekker betreft heeft zijn opvolger weinig ruimte om tot een andere conclusie te komen: ‘De mogelijkheden om voldoende toezicht te houden op het adoptieproces zijn beperkt.’

Dewi Deijle, die jarenlang vruchteloze pogingen deed misstanden aan te kaarten op het ministerie van Justitie, kon maandagmiddag nauwelijks bevatten dat de minister echt spijt heeft betuigd. Euforisch: ‘Het is allemaal niet voor niks geweest.’

Dna-databank voor moeders in colombia

Voor sommige geadopteerden heeft de strijd tegen het onrecht van adoptie hun dagelijks leven overgenomen. Zo ook voor Marcia Engel, die in 1981 werd geadopteerd uit Colombia. De moeizame zoektocht naar haar biologische moeder was de aanleiding voor de oprichting van stichting Plan Angel, die hulp biedt aan geadopteerden om hun familie te vinden. ‘Eigenlijk doen wij daarmee het werk dat de overheid zou moeten doen, want die heeft mogelijk gemaakt dat kinderen op dubieuze wijze hiernaartoe zijn gehaald’, zegt Engel. In Colombia verspreidt de stichting dna-kits waarmee vrouwen die ooit een baby hebben afgestaan, zich kunnen registreren in een internationale dna-databank, om zo hun kind terug te vinden. Volgens Engel zegt ongeveer 80 procent van deze moeders dat zij destijds niet hebben ingestemd met de afstandsprocedure.
Plan Angel is een van de partijen die afgelopen jaren volop in Den Haag heeft gelobbyd tegen internationale adoptie en voor betere ondersteuning aan geadopteerden.

Marcia Engel neemt wat wangslijm af bij een Colombiaanse vrouw die op zoek is naar haar kind dat ze ter adoptie heeft afgestaan. Beeld Stephen Ferry
Marcia Engel neemt wat wangslijm af bij een Colombiaanse vrouw die op zoek is naar haar kind dat ze ter adoptie heeft afgestaan.Beeld Stephen Ferry

‘Mensen wilden alleen maar het goede van adoptie zien’

Het harde oordeel over Nederlandse adoptiepraktijken van de commissie-Joustra leidt bij betrokkenen tot een gevoel van erkenning. Zij wisten wel dat er veel mis was. ‘En er zijn nog altijd dossiers zoek, er staan nog een boel vragen open.’

Ina Hut werd lange tijd voor ‘gek’ versleten. Hoe haalde de voormalige directeur van adoptiebemiddelaar Wereldkinderen het in haar hoofd om adopties te associëren met kinderhandel?

‘Ik heb een bak ellende over me heen gehad. Mensen wilden alleen maar het goede van adoptie zien’, reageert Hut op het werk van de commissie-Joustra. Minister Dekker van Rechtsbescherming schortte, naar aanleiding van dat alarmerende rapport, de adopties van kinderen uit het buitenland per direct op.

Hut, tegenwoordig directeur van het coördinatiecentrum tegen mensenhandel Comensha, roept al veel langer dat interlandelijke adopties moeten stoppen. Ze kwam langzaamaan tot dat inzicht, nadat ze in 2003 was begonnen als directeur van Wereldkinderen. ‘De vraag was veel groter dan het aanbod, dan gaat er een bedrijfseconomisch principe gelden. Maar mensen weigerden te geloven dat er bij adopties sprake was van frauduleuze praktijken en kinderhandel.’

Klokkenluider

Hut dacht het systeem van binnenuit te kunnen verbeteren. Ze wilde onderzoek doen naar de adoptie van Chinese kinderen, maar het ministerie van Justitie dreigde volgens haar de vergunning van Wereldkinderen in te trekken. Ze stapte daarop als klokkenluider naar voren; ze kon niet langer achter adoptie staan.

Hut had niet verwacht dat de commissie-Joustra zich zo scherp over het adoptievraagstuk en de rol van de Nederlandse overheid zou uitspreken. ‘Maar gelukkig concludeert deze commissie nu ook dat er bijna geen manier te vinden is om adopties op een goede manier tot stand te brengen.’ In 2016 pleitte de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming ook al voor een adoptiestop.

Toch durfden maar weinigen zoiets te zeggen, vindt ook Marcia Engel. Ze werd met vervalste geboortepapieren uit Colombia geadopteerd en strijdt met haar organisatie Plan Angel voor de hereniging van geadopteerde kinderen en hun Colombiaanse moeders. ‘Je was ondankbaar als je je kritisch uitliet over adopties. Dat er stelselmatig jarenlang rechten geschonden zijn van kinderen en hun moeders, daar werd nooit bij stilgestaan.’

Geen tweelingbroer

Documenten die de illegaal uit Brazilië geadopteerde Patrick Noordoven met zijn advocaat Lisa-Marie Komp via de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) boven haalde, gaven de aanzet tot het onderzoek. Noordoven wil nu niet reageren op het rapport, Komp is blij dat de commissie vaststelt ‘dat het geen incidentje in een bepaald land was’. ‘Maar er zijn nog altijd dossiers zoek, er staan nog een boel vragen open.’

Ook de waarheid over de adoptie van de in Sri Lanka geboren Deborah Hageman (35) gooide haar leven overhoop. Ze dacht altijd dat ze met haar tweelingbroer naar Nederland was gekomen. Maar toen ze 15 was vertelde haar vader dat zijn echte tweelingzusje in Sri Lanka was overleden. Volgens de burgerlijke stand heeft ze nog altijd de naam (Mary) en geboortedatum van het overleden meisje, ondanks verzoeken dit aan te passen.

‘Ik voel me in de maling genomen’, zegt Hageman over haar adoptie. ‘Ik neem het mijn ouders kwalijk hoe het is gegaan. Als je voor kinderen kiest, ben je verplicht om eerlijk tegen ze te zijn.’

Ook Hageman spreekt van een hard rapport. ‘Maar wel een dat veel te laat komt. Ik denk dat de adopties nu beter zijn geregeld dan toen ik als baby naar Nederland kwam. Maar het kwaad is al lang geschied.’

Deborah Hageman leefde lang met een leugen. Beeld ANP
Deborah Hageman leefde lang met een leugen.Beeld ANP
Meer over