'Actiecoach' gaat door tot het gaatje

De economie groeit weer. Maar is de crisis echt voorbij? Els Kleingeld begon met hulp van het UWV als reïntegratiecoach....

Door Elsbeth Stoker

den bosch Nog voordat Els Kleingeld (52) goed en wel als eenpitter begonnen is, kan ze haar bedrijfje al weer aan de wilgen hangen.

Althans, daar begint het verdacht veel op te lijken. In mei vorig jaar schreef Kleingeld zich in bij de Kamer van Koophandel. Een prachtige dag, herinnert de alleenstaande Brabantse moeder zich. ‘Ik heb mezelf op een terrasje getrakteerd. Halve liter bier erbij. Het was helemaal te gek. Een mijlpaal in mijn leven.’

Sinds die zonnige lentedag heet de goedlachse Kleingeld de ‘actiecoach’. Ofwel, een zelfstandige die gespecialiseerd is in het aan het werk helpen van langdurig werklozen.

Na jarenlang bij diverse gemeenten op de afdeling Sociale Zaken en in de reïntegratiebranche te hebben gewerkt, belandde Kleingeld enkele jaren terug in de WIA. Een combinatie van een slepende scheiding en een burn-out was daar debet aan. Ze werd voor meer dan 80 procent afgekeurd en kon – naar eigen zeggen – waarschijnlijk nog jaren in de WIA blijven.

Avontuur
Maar nadat ze haar leven langzamerhand weer op orde kreeg, begon het te knagen. ‘Ik miste het avontuur. Dus ik zette mijn uitkering stop. Ik heb nagedacht over waar ik goed in ben: mensen helpen. Ik ben innemend, maar kan ook confronteren zonder te kwetsen.’

Omdat ze zich realiseerde dat weinig werkgevers zitten te wachten op 50-plussers, besloot ze dat het zzp-schap het antwoord was op haar verveling in haar Bossche bovenwoning uit de jaren dertig.

Hoewel de UWV-arts aanvankelijk terughoudend reageerde op haar besluit dat ze niet meer arbeidsongeschikt was, vergoedde de uitkeringsinstantie wel de cursuskosten om haar voor te bereiden op haar nieuwe bestaan.

In enkele maanden tijd schreef ze een ondernemingsplan, maakte ze een website en regelde ze een lening bij de Rabobank en de gemeente. Afgelopen najaar was ze echt klaar voor de start.

Maar het bleef stil. ‘Ik heb heel veel gemeenten benaderd. Maar zij hadden al vaste contracten met grote reïntegratiebedrijven. Zij moeten zich aan de omslachtige Europese aanbestedingsregels houden. Sommige gemeenten hebben me beloofd te bellen als zij werklozen hebben die niet bij die grote bedrijven terecht kunnen. Maar daar heb ik nog niets op gehoord.’

Kafka
En dus stapte ze ook naar het UWV om haar diensten aan te bieden. De instantie die haar geholpen had te beginnen met haar onderneming, is immers een van de grootste afnemers in de reïntegratiemarkt. Een hele tijd duurde het voordat ze de aanvraagprocedure had doorgrond.

‘Ze hebben een vreselijk ingewikkelde website. Je vindt er een oerwoud aan documenten, maar hoe de procedure precies in elkaar steekt, wordt nergens vermeld. Je vragen kun je alleen maar per mail voorleggen. Ik voelde me als landmeter K. in Kafka’s Slot. Uiteindelijk heb ik een nummer van een UWV-medewerker op de kop kunnen tikken. Vorige maand belde ik haar en ze zei: ‘Ik heb een heel erge mededeling. Het geld voor de reïntegratie van werklozen is goeddeels op. Door de crisis en de golf werklozen hebben we vorig jaar te veel uitgegeven. Niet alle werklozen krijgen nu nog een traject en we werken nu alleen nog maar met bedrijven die kunnen aantonen dat ze mensen aan het werk hébben geholpen.’

Dus voor ik goed en wel begonnen ben, kan de stekker er al weer uit, concludeert Kleingeld met een lach. ‘Maar dit is wel een lach met kiespijn, hoor. Ik vind het een smerige zaak. Het UWV legt de financiële pijn bij de reïntegratiebedrijven. En ook voor de werklozen, die hierdoor onnodig lang thuis zitten, is het vervelend.’

Wat Kleingeld betreft blijft ze voorlopig ‘doorgaan tot het gaatje’. Ze kan in ieder geval tot de zomer leven van de starterslening van de gemeente. Maar wat doet ze als het UWV, de gemeenten en de langdurige werklozen zich niet melden? ‘Dan probeer ik mezelf te verhuren als freelancer aan een groot reïntegratiebedrijf. Tsja, en als dat niet lukt, meld ik me voor de bijstand. Dan word ik mijn eigen doelgroep.’

Het is domme domme pech, zegt ze. ‘Tsja, als het allemaal niet lukt, heb ik mezelf behoorlijk tuk.’ Dat haar samen met haar dochter misschien een bestaan op bijstandsniveau wacht, deert haar niet zo. ‘Vroeger hadden we veel geld. Nu niet. Maar daardoor waardeer je hetgene dat je wel hebt meer. En wie het kleingeld niet eert, is het grootgeld niet weert, is hier in huis ons motto.’

Meer over