Accountant Vestia legt werk neer

Marco Noorlander geeft de pijp aan Maarten. De kritiek die hij kreeg nadat hij de jaarrekening van woningcorporatie Vestia ten onrechte had goedgekeurd, is hem te veel geworden.

ZWOLLE - Marco Noorlander, accountant die de jaarrekening van woningcorporatie Vestia goedkeurde, zal 'nooit meer in de accountancy werkzaam zijn'. Dit zei de voormalige KPMG-partner donderdag voorafgaand aan de tuchtzaak die ook nog vandaag tegen hem dient voor de accountantskamer in Zwolle.

Door de 'ongenuanceerde publieke oordeelsvorming' kan hij zijn werk ook niet meer uitoefenen, zei Noorlander in een voorgelezen verklaring. 'Mijn reputatie als accountant is met de grond gelijk gemaakt. Het heeft een zware wissel getrokken op mijn gezin en mijn naasten, en op mijzelf.'

Net als zijn voorganger Piet Klop van Deloitte, die in mei voor de tuchtrechter staat, wordt Noorlander verweten dat hij de grote risico's die woningcorporatie Vestia nam met rentederivaten over het hoofd heeft gezien. Het waren diezelfde complexe financiële producten, aangekocht door een frauderende kasbeheerder, die Vestia vorig jaar aan de rand van een faillissement brachten. Uiteindelijk kostte de redding van Vestia de Nederlandse woningcorporaties 2 miljard euro.

In zijn verklaring zegt Noorlander (licht grijzend marinierskapsel, rustig pratend) wat hem is overkomen in de 'zeer intensieve en vermoeiende periode' die volgde na het debacle. KPMG, waar hij in 2005 partner werd, heeft hem de maximale interne straf opgelegd. Hij werd van al zijn zaken afgehaald en kreeg een boete. Noorlander besloot zich als tekenbevoegd accountant te laten schrappen.

Dan houdt Noorlander zijn mond en nemen de advocaten het over. Want de maximale straf die de accountantskamer kan uitspreken (schrapping) kan hem misschien niet meer deren, voor schadeclaims tegen KPMG is het van groot belang dat het falen van Noorlander wordt aangetoond. Maar liefst drie partijen hebben zich daarom bij het tuchtcollege gemeld: Vestia, de Autoriteit Financiële Markten en SOBI, de stichting van Pieter Lakeman.

Voor Lakeman is het duidelijk. 'Accountants zijn er om een waarheidsgetrouwe weergave te geven van ondernemingen. Het is voor aandeelhouders en zakenpartners van groot belang dat die kloppen.' Op basis van de jaarverslagen kon je het bijna-faillissement van Vestia niet zien aankomen. 'Dan heeft Noorlander dus gefaald.'

In een pauze schetst woordvoerder Jan-Willem Wits van KPMG de ontnuchterende wereld achter het juridisch steekspel. 'Woningcorporaties zijn sinds de jaren negentig ontdekt door de banken. Die hebben hen steeds ingewikkelder producten aangeboden. Maar accountants bleven de corporaties behandelen als de suffe semi-overheidsinstellingen die het voor die tijd altijd waren geweest.'

Binnen KPMG stond Noorlander ook niet in hoog aanzien. Hij kreeg een winstdeling van circa 450 duizend euro per jaar. De partners die banken of grote beursgenoteerde bedrijven controleren, toucheren het dubbele.

Om toch nog een beetje omzet te draaien controleerde hij ongeveer elf verschillende woningcorporaties. De ton die hij kreeg voor zijn handtekening onder het jaarverslag van Vestia was lange tijd eigenlijk niet toereikend. Veel tijd voor de controle was er dus niet. Maar het gaf Noorlander wel status omdat hij de grootste corporatie van Nederland controleerde.

Bovendien leek alles te kloppen. Een onderzoeksbureau van Deloitte, de vorige accountant, had de derivaten in orde bevonden. En in de wereld van de woningcorporaties werd Vestia intussen geprezen om het 'actieve rentebeleid'. Noorlander voelde dus geen nattigheid en was niet kritisch genoeg. Wits: 'Ik praat het niet goed, maar zo is het natuurlijk wel gegaan.'

undefined

Meer over