Aanval op Irak is schot in het duister Het probleem van Unscom was nu juist dat ze niet wisten waar die wapens lagen

Het was onvermijdelijk dat de VS hun dreigementen aan het adres van Irak een keer kracht bij zouden zetten. Maar dat schept, aldus Hugo Young, nog geen duidelijkheid over het doel van de bombardementen....

TOEN een maand geleden een aanval op Irak op het laatste moment werd afgeblazen, toonden alle betrokkenen zich opgelucht, voor zover men tenminste bereid was Saddam te geloven. Want niemand wist te vertellen wat met de bombardementen bereikt zou kunnen worden.

In de afgelopen maand is de situatie op twee punten gewijzigd. In de eerste plaats brak Irak iedere belofte over de vrijheid van werken voor Unscom, het inspectieteam van de Verenigde Naties. Volgens premier Blair waren de beperkingen voor de wapeninspecteurs zelfs nog groter dan vóór de crisis van november.

In de tweede plaats zijn ook de problemen die Clinton boven het hoofd hangen groter geworden. Deze oorlog wordt geleid door een gedemoraliseerde president, die niet langer de baas over zijn eigen lot is.

De derde factor echter is ongewijzigd gebleven. Het is nog steeds erg onduidelijk wat de bombardementen moeten opleveren, behalve dan dat gevolg wordt gegeven aan de herhaalde dreigementen dat, wanneer Saddam Hussein niet aan de eisen van de VN tegemoet zou komen, hij zwaar zou worden gestraft. De uitvoering van dit dreigement was onvermijdelijk. Immers, wat zou er van de reputatie van Washington, en van haar onderdanige volgeling Londen, zijn overgebleven wanneer men niets had gedaan?

In de eerste plaats bestaat na meer dan een jaar van voorbereiding nog steeds onduidelijkheid over de aanvalsdoelen. Blair leverde hiervoor woensdag zelf het bewijs toen hij vertelde dat een belangrijke klacht van Unscom was dat Saddam weigerde te vertellen waar Irak zijn massavernietigingswapens verbergt.

In de tweede plaats blijft het politieke doel van even grote wanhoop getuigen als voorheen. Vorige week ontvouwde Sandy Berger, Clintons adviseur voor nationale veiligheid, een alternatief voor de containment-politiek, die meer mogelijkheden zou bieden Saddam ten val te brengen.

Doel was een nadere invulling te geven aan Clintons streven naar 'een nieuwe regering' in Bagdad, en aan de pogingen van Washington de twee belangrijkste Koerdische groepen met elkaar te verzoenen, de oppositie te versterken, klandestiene radiozenders op te zetten en meer in het algemeen de legitimiteit van het regime te ondergraven.

Het behoeft geen betoog dat dit een zware opgave is. De vraag is of er iets van terecht komt zolang Saddam Hussein in leven is. Bovendien mag worden betwijfeld of, nu het dreigement van november uiteindelijk wordt uitgevoerd, de kans groter is geworden dat Irak ineen zal storten in plaats van zich rond de leider te scharen die zichzelf in de propaganda de status van onvervangbaar nationaal symbool heeft aangemeten.

Wat betreft de bombardementen heeft Saddam politiek geen been om op te staan. Hij heeft zelf de wereldgemeenschap uitgedaagd, een gemeenschap die slechts met tegenzin de wil opbracht om Saddam te weerstaan. In november was het dan zo ver. Maar binnen een maand werd Unscom herinnerd aan de beschrijving die zijn voormalige leider, Rolf Ekeus, vorig jaar gaf van de hopeloze toestand waarin de inspecteurs verkeerden: 'Wij zijn niets in Bagdad, we zijn volledig aan hen overgeleverd. Zij kunnen ons werk op ieder moment stopzetten.'

Het werk van Unscom, het opsporen en vernietigen van massavernietigingswapens, is van vitaal belang voor de vrede in de regio. Daarom kon niet worden toegestaan dat Saddam de regio en de wereld nog langer in gijzeling hield, om nog maar te zwijgen over de ontberingen waaraan hij zijn eigen land blootstelt.

De argumenten tegen de bombardementen betreffen de nauwkeurigheid en de proportionaliteit. Zullen met deze aanvallen de gezochte wapens worden vernietigd? Is het waarschijnlijk dat de bombardementen behalve de omvangrijke schade die zij teweegbrengen, ook Saddam zullen elimineren? Is dit de beste of enige manier om het gewenste doel te bereiken?

Of zijn de bombardementen in de eerste plaats het resultaat van een retorische escalatie waarbij vooral de behoefte voorop staat de vastbeslotenheid van de Verenigde Staten en de VN te tonen, in plaats van stil te staan bij de verschrikkelijke schade die wordt toegebracht aan onschuldige Iraki's?

Op last van Unscom heeft Irak 40.000 stuks chemische wapens vernietigd, 700 ton aan bestanddelen voor chemische wapens, 48 operationale raketten, een grote fabriek voor de productie van anthrax, een programma voor de verrijking van uranium en ten minste 30 raketladingen. Er zijn ongetwijfeld nog meer wapens. Maar zal Irak ooit in staat zijn ze te gebruiken?

Saddam weet dat wanneer hij dat zou doen, vergeldingsacties op steun van de hele wereld zouden kunnen rekenen. Het gaat om afzichtelijke wapens, maar ze zijn net zo onbruikbaar als het Britse nucleaire arsenaal.

Dat, in de ogen van Clinton en Blair, het beginnen van een oorlog de enige manier zou zijn om deze wapens te vernietigen is gegeven de omstandigheden een dwaze keus. We kunnen alleen hopen op precisie, beperkte schade en zo weinig mogelijk doden.

Hugo Young is redacteur van The Guardian.

The Guardian/de Volkskrant

Meer over