Aangeboden: tijd op onze radiotelescoop

De Lofar-radiotelescoop in Noord-Nederland is klaar voor gebruik. En: open for business. Deze week lonkten de bouwers van de 'wondertelescoop' op een conferentie in Texas naar externe gebruikers.

GOVERT SCHILLING

Austin, dinsdagmiddag. Michael Wise is zichtbaar opgelucht. Blij zelfs. 'Volgens mij ging het goed,' zegt de project scientist van de Lofar-radiotelescoop. 'De boodschap is overgekomen. Vanavond hebben we wat te vieren.'

Kort en krachtig luidde die boodschap aan de internationale astronomische gemeenschap: Lofar werkt, en jullie kunnen er later dit jaar mee aan de slag. De presentaties van Wise en zijn collega's op de winterbijeenkomst van de American Astronomical Society (AAS) hebben andere sterrenkundigen overtuigd. 'Er zijn al heel wat mensen op me afgekomen die straks waarnemingen met Lofar willen doen.'

Dit is de grootste sterrenkundige bijeenkomst ter wereld. Bijna drieduizend astronomen streken afgelopen week neer in Texas. 'Het idee hier een Lofar-sessie te organiseren kwam afgelopen najaar', vertelt Wise. 'Toen AAS-perschef Rick Fienberg voorstelde om dan ook een persconferentie te houden, leek dat logisch.' Onhandige bijkomstigheid: de persvoorlichtster van het Astron Netherlands Institute for Radio Astronomy was met vakantie. 'Het heeft me veel meer tijd en moeite gekost dan ik had verwacht', zegt Wise.

Tienduizend antennes

Lofar (LOw-Frequency ARray) is een door Astron ontwikkelde radiotelescoop die de afgelopen jaren in Noord-Nederland en wijde omgeving is verrezen. Tienduizend simpele antennes, verdeeld over een kleine vijftig stations in weilanden en maïsvelden, zijn onderling gekoppeld en verbonden met een supercomputer in Groningen. Samen brengen ze het heelal in kaart op de allerlaagste frequenties - lange radiogolven die nooit eerder goed zijn bestudeerd. Duitsland, Frankrijk, Engeland en Zweden doen mee; binnenkort verrijzen er Lofar-stations in Polen.

De eerste metingen zijn inmiddels binnen; het revolutionaire concept blijkt goed te werken. Vanaf mei 2012 kunnen radiosterrenkundigen van over de hele wereld waarneemvoorstellen indienen. Dan moeten ze wel weten wat er in Nederland te halen valt. Vandaar dat een zware Astron-delegatie afgelopen weekeinde naar Austin reisde: Lofar gaat de boer op. Wise, afgelopen maandag: 'Er komen vast veel kritische vragen, maar wij hebben de antwoorden.'

Maandagmiddag half drie. Het Lofar-team neemt plaats achter de microfoon in zaal 14 op de vierde verdieping van het Austin Convention Center. Zo'n twintig journalisten zitten ijverig te pennen en te tikken; diezelfde dag nog verschijnen er stukjes op websites. Verslaggever Eric Hand van Nature wil weten uit hoeveel antennes Lofar precies bestaat, maar iedereen is de tel kwijt. 'Volgende keer moeten we al die informatie paraat hebben,' zegt Wise na afloop. Achtergrondinformatie op papier zou ook geen slecht idee zijn geweest.

Maar goed, het contact met collega's is uiteindelijk belangrijker, en daarmee zit het wel snor. In de tentoonstellingszaal van het congrescentrum heeft Astron zijn eigen stand. Voortdurend komen er belangstellenden langs. Oude rotten in het vak, maar ook studenten en postdocs. 'Hier vindt de meeste uitwisseling plaats', aldus Wise. 'Een persconferentie duurt drie kwartier; een wetenschappelijke sessie anderhalf uur, maar de Astron-stand is de hele week open.' Opmerkelijk gegeven: Lofar lijkt veel bekender dan Astron. Daar valt óók nog veel te winnen.

Radioastronoom Dale Frail, onderdirecteur van de Amerikaanse Karl G. Jansky Very Large Array-radiotelescoop (VLA) in New Mexico, is onder de indruk. 'Soms krijg ik het idee dat Lofar bekender is dan de VLA,' zegt hij. 'Er zijn een paar andere telescopen in ontwikkeling voor het bestuderen van laagfrequente radiostraling, maar die zijn geen van alle zo ver als Lofar.'

Frail is een van de vele tientallen geïnteresseerde deelnemers aan de speciale Lofar-sessie op dinsdagochtend. Hier zit de fine fleur van de internationale radioastronomie.

Opwinding

'Lofar is open for business', benadrukt Michael Wise nog maar eens. Waarna astronomen George Heald, Chiara Ferrari, Jason Hessels, Ger de Bruyn en Heino Falcke (bestuursvoorzitter van de International Lofar Telescope) in praatjes van een kwartier laten zien wat de Nederlandse wondertelescoop allemaal in zijn mars heeft. Verre sterrenstelsels en clusters, rondtollende pulsars, de allereerste sterren in het heelal, kosmische straling - Lofar ziet het allemaal.

En ja, kritische vragen zijn er. Of het echt lukt om die zwakke kosmische signalen op te vangen in een dichtbevolkt gebied als Nederland. Of de activiteit van de zon geen roet in het eten gooit. Maar de opwinding overheerst. Wise, na afloop tegen de aanwezigen: 'Dit was nog maar een voorproefje. Ik hoop dat jullie met mooie waarneemvoorstellen komen.'

Kenneth Kellerman, een van de nestors van de Amerikaanse radioastronomie, ziet een veelbelovende toekomst voor Lofar. 'De resultaten zijn spectaculair', zegt hij. 'Lofar heeft echt de potentie om compleet nieuwe dingen te ontdekken. Daaraan valt niets te voorspellen - dat is juist het spannende.'

Wel te voorspellen valt dat Astron vaker acte de présence zal geven op de AAS-bijeenkomst. En wie weet komt er volgend jaar weer een Lofar-sessie.

undefined

Meer over