A votre service

In Nederland heet het sinds Pim Fortuyn demonisering, in Frankrijk blijkt het ook te bestaan en heet het sinds de laatste verkiezingscampagne diabolisation....

Martin Sommer

Zondag televisie gekeken. Een hele avond Pim Fortuyn, de stronttaart, het sardonische ‘dat belooft wat’ tegen de dooie Melkert, Thom de Graaf die met z’n Anne Frank tegen heug en meug met Fortuyn in discussie gaat. En ten slotte nog maar weer eens Marcel van Dam die een paar jaar eerder de politieke nieuwlichter Fortuyn ‘een minderwaardig mens’ had genoemd. Ik had nog niet al die fragmenten gezien, woonde toentertijd in Frankrijk. Vandaar ook dat ik zondagavond flink heen en weer moest zappen naar TV5 in verband met de presidentsverkiezingen. Merkwaardige gelijkenis. Wij hebben sinds Fortuyn de demonisering, zij hebben sinds deze campagne de diabolisation van de rechtse kandidaat Nicolas Sarkozy. In Frankrijk gebeurt alles nu eenmaal een beetje later, ze hebben er ook nog een communistische partij, al is die nu wel héél klein geworden.

Ik was de afgelopen week even in Frankrijk, volgde op tv het krankzinnig lange debat tussen Ségolène Royal en Sarkozy. Ik sprak de schoorsteenveger, die keek liever naar het sportkanaal. Hij maakte een geldtelgebaar, het zijn allemaal zakkenvullers. Het oude anti-politieke sentiment van Pierre Poujade, voorvechter van de kleine man, is springlevend.

Op straat kwam ik de wethoudster tegen met een bosje peterselie. Ze vond Ségolène ‘trop mordante’, te bijterig. Dat bleek aardig overeen te komen met de peilingen na het debat. Ségolène had er reuze zedig uitgezien met haar zwarte jasje en kreukloos witte opstaande kraag. Maar wel had ze in een verbazend frontale aanval Sarkozy ‘het summum van politieke immoraliteit’ ingewreven.

La haine, de politieke haat, kent een lange Franse geschiedenis. Mitterrand weigerde in 1974 voor het debat zijn tegenstander Giscard d’Estaing een hand te geven, want ‘wie een hand geeft, kan niet voldoende haten’. Maar in deze campagne heeft de haat een nieuwe kwaliteit gekregen. Tous sauf Sarkozy luidde de kreet, iedereen is goed, zolang het geen Sarkozy is. Sarkozy werd op affiches van een hitlersnorretje voorzien. Er waren graffiti’s met ‘Sarko = facho’. ‘Guerre civile’, kun je ook her en der lezen. Alles is geoorloofd, hij heeft immers de stemmen van de Le Pen-aanhang weten te mobiliseren. En hij heeft auto-in-brand-stekers ‘geteisem’ genoemd.

Geteisem is één ding – op het Journaal kon je zien hoe achtergestelde zwarte jongens uit de voorsteden, getooid met hun blingbling-zonnebrillen, ‘boum boum’ beloofden als Sarkozy zou winnen. Erger was dat de Franse Mel-kerts en Marcel van Dammen niets hebben nagelaten om Sarkozy moreel handelingsonbekwaam te verklaren. Een overloper uit het team van Ségolène Royal onthulde hoe haar campagne deels gefundeerd was op het schandelijke feit dat Sarkozy naar Amerika was geweest en president Bush een hand had gegeven. Ook Royal repte van ‘guerre civile’. Het dieptepunt was een soort ‘moi ou le chaos’ van De Gaulle, toen Royal voor de camera waarschuwde ‘voor het geweld dat zal losbarsten in het land’ als Sarkozy zou winnen. Een uitspraak die het midden hield tussen zelfvervullende voorspelling, aanzetten tot opstand en morele chantage.

Ja maar, hoor ik u mompelen, die Sarkozy lust er toch ook pap van? Eerst de hogedrukspuit op de voorsteden willen zetten, dan het geteisem en uiteindelijk beloofde hij korte metten te maken met de hele erfenis van mei ’68. Is dat niet erg dan? Wel, misschien is het allemaal niet even hoogstaand, maar beslist van een andere orde dan het stelselmatig persoonlijk verdacht maken van je politieke tegenstander.

Vrijdag stond er een uitstekend interview met de filosoof Alain Finkielkraut in het blad Opinio. Hij verklaart de nieuwe diabolisering als volgt. Tot de jaren ’90 was democratie een gang van zaken waarin werd gedebatteerd om tot een besluit te komen. De uitkomst van het debat was voorlopig, en democraten waren bescheiden mensen. Maar nu is democratie ‘het uitvoeren van een progressief programma’ geworden. Aidsmedicijnen voor Afrika of toetreding van Turkije tot de EU. Daar kun je het met goed fatsoen niet mee oneens zijn. Het democratische gelijk is geradicaliseerd. Wie niet instemt, is geen democraat. ‘De mens is onstuitbaar op weg naar zijn bestemming, en er rest slechts één vijand, en dat zijn de mensen die hier niet in meegaan.’

Wie de vooruitgang in de weg staat, deugt karakterologisch niet. Je zou bijna zeggen, hij is een minderwaardig mens. 53 procent van de Fransen stemde op Sarkozy. Dat is een stevig mandaat. Maar ik hoorde iemand op de radio zonder een spoor van twijfel zeggen dat dit zo snel mogelijk ongedaan moet worden gemaakt. De partijen links van de Parti Socialiste hebben opgeroepen tot La Résistance. Dat is het verzet uit de oorlog, en per nacht gaan er nu een paar honderd auto’s in brand.

Je mag hopen dat wij in Nederland vijf jaar na Fortuyn wat verder zijn. Zeker weten doe ik het niet. Marcel van Dam heeft zijn excuses gemaakt voor het ‘minderwaardig mens’. Dat is mooi. Vorige week las ik dat hij Jeroen Dijsselbloem, het socialistische Kamerlid dat jonge gevangenen hun blingbling wil afnemen, uitmaakte voor de Geert Wilders van de PvdA. In Frankrijk zeggen ze in zo’n geval: niets vergeten, niets geleerd.

Meer over