10 juni 1999: Milosevic feestte, Solana schonk champagne

In Belgrado gingen mensen in de nacht van 9 op 10 juni 1999 de straat op om het einde van de oorlog te vieren. Auto’s claxonneerden, er werd in de lucht geschoten. De Joegoslavische president Slobodan Milosevic riep triomfantelijk de overwinning uit.

De volgende dag werd op het hoofdkwartier van de NAVO de champagne ontkurkt. Glunderend deelde NAVO-chef Javier Solana mee dat – zonder ook maar één slachtoffer aan NAVO-zijde – het gewenste resultaat was bereikt.

De oorlog die zij beiden beweerden te hebben gewonnen, was 79 dagen eerder begonnen. Toen waren maandenlange onderhandelingen in het Franse Rambouillet, waar de NAVO Milosevic probeerde te overtuigen zijn offensief tegen het Kosovaarse Bevrijdingsleger (UCK) te beëindigen, op niets uitgelopen.

Ondertussen waren de colonnes Kosovaarse vluchtelingen almaar langer geworden en de oorlogsmisdaden van Milosevic’ troepen almaar driester. Uit vrees voor een nieuwe genocide – met Srebrenica nog vers in het geheugen – werd besloten Milosevic uit de Servische provincie Kosovo weg te bombarderen.

Niet door de Verenigde Naties, die daarover geen overeenstemming bereikten in de Veiligheidsraad, maar door de NAVO, die zich opwierp als ‘een bondgenootschap van de deugdzamen, dat omwille van de gewetenloosheid van bepaalde barbaarse acties het volste recht had de nationale soevereiniteit met voeten te treden’, aldus Guardian-commentator Hugo Young.

De NAVO had eigenlijk verwacht Milosevic in drie dagen murw te bombarderen, maar het was pas na elf weken, 23 duizend bommen en (vermoedelijk) 500 burgerdoden dat Milosevic capituleerde. In het bondgenootschap nam toen net de twijfel over het nut van de operatie toe, maar Milosevic moet gedacht hebben dat de NAVO op het punt stond grondtroepen in te zetten.

Bovendien lieten de Russen hem weten, door een bezoek van de Russische ex-premier Viktor Tsjernomyrdin samen met de Europese gezant Martti Ahtisaari, dat hij op hun steun niet meer hoefde te rekenen. Maar bovenal capituleerde Milosevic omdat de afhandeling van de oorlog onder auspiciën van de Verenigde Naties zou plaatsvinden. Daardoor zouden naast NAVO-troepen, die formeel onder VN-gezag werden geplaatst, ook Russische troepen de rust helpen bewaren in Kosovo. En in de bijbehorende VN-resolutie, goedgekeurd op 10 juni 1999, zou niet worden gerept over onafhankelijkheid voor Kosovo.

Integendeel, in die befaamde resolutie 1244 – die Servische Kosovaren in de mond bestorven ligt – stond dat ‘de territoriale integriteit van Joegoslavië’ erkend werd. Kosovo werd onder VN-bestuur geplaatst, kreeg ‘substantiële autonomie’ en er zou in een ‘politiek proces over Kosovo’s toekomstige status worden beslist’.

Dat liet Milosevic toe de overwinning uit te roepen, ook al was daar in de praktijk weinig van te merken. De Joegoslavische troepen moesten zich volledig terugtrekken uit Kosovo, en in hun kielzog vluchtten tienduizenden Servische burgers Kosovo uit, bevreesd voor de wraak van terugkerende Albanese vluchtelingen.

In 2008 – nadat nog enkele bij voorbaat mislukte onderhandelingen over Kosovo’s status waren gevoerd – riep Kosovo uiteindelijk eenzijdig de onafhankelijkheid uit. ‘Dat zat er al van 10 juni 1999 aan te komen’, zegt Raymond Detrez, hoogleraar Oost-Europese studies en auteur van Kosovo – De uitgestelde oorlog. ‘Men wist vooraf al dat er geen rekening met resolutie 1244 zou worden gehouden. Die resolutie was enkel bedoeld om Milosevic te overtuigen. Ik weet niet in hoeverre hij er zelf ooit in heeft geloofd.’

Milosevic was dus zeker geen winnaar, maar ook de NAVO kan niet pronken met het eindresultaat. ‘Kosovo is door een hoop landen niet erkend. Juridisch is de onafhankelijkheid omstreden, daarover zijn nog rechtszaken hangende. En Kosovo heeft als precedent gediend voor Zuid-Ossetië en Abchazië’, somt Detrez de problemen op. ‘De NAVO heeft een einde aan de oorlog gemaakt, maar geen goede vrede gebracht.’

Kan over de winnaars worden getwist, de verliezer is duidelijk: de Verenigde Naties leden grote schade door de NAVO-operatie. ‘De VN zijn in Kosovo buitenspel gezet door de Amerikanen en de NAVO’, zegt Detrez. ‘Onder Bush is dat niet beter geworden, met Afghanistan en Irak. Hopelijk verandert dat nu onder Obama.’

Meer over